Villa in brutalistische stijl, als “landhuis” gebouwd in opdracht van Ludo Fransen naar een ontwerp van architect Ro. L. G. Van Hoof uit 1974. Van het oeuvre van architect Van Hoof is tot nu toe nog weinig bekend. Hij ontwierp in hetzelfde jaar ook een brutalistische rijwoning in de Oudestraat 105 te Wilrijk.
De villa is in de diepte ingeplant op een rechthoekig perceel aan de zuidzijde van de Flamingolaan. De plannen van het bouwdossier bevatten geen informatie over de oorspronkelijke aanleg van de voortuin.
Villa van twee bouwlagen onder flauw hellend, achter de gevelrand terugwijkend tentdak. Achteraan is het volume verlaagd tot één bouwlaag onder plat dak. De boven het dak uitstekende bakstenen schoorsteen met betonnen kap is bewaard.
Het gevelparement bestaat uit bruine baksteen in halfsteens verband. Het zeer compacte karakter van de villa wordt versterkt door de gesloten opgevatte gevels, die enkel op het gelijkvloers doorbroken worden met grote rechthoekige glaspartijen en een garagepoort onder balkvormige betonnen lateien. Op de verdieping zijn de gevelopeningen beperkt tot kleinere rechthoekige vensters in de zij- en achtergevels en twee verticale stroken glasbouwstenen ter hoogte van de badkamer in de achtergevel.
In het vooraanzicht wordt het gevelvlak van de twee buitentraveeën naar de terugwijkende middentravee omgebogen. Dit verleent de voorgevel een uitgesproken plasticiteit. De rechtergevelhoek is bovendien ingesneden, het venstervlak wijkt hier onder de betonnen latei terug en maakt plaats voor een betonnen plantbak.
De ronde vormen in de voorgevel contrasteren met de scherpe gevelhoeken en de strakke lijnen van de dakrand en de gevelopeningen. Afgeronde hoeken werden ook in het vooruitspringende éénlaagse volume aan de achterzijde toegepast.
Het buitenschrijnwerk in bruin geschilderd staal lijkt nog oorspronkelijk bewaard, ook de ronde deurgreep van de voordeur komt overeen met de gevelplannen. De garagepoort werd vernieuwd, de oorspronkelijke plannen tonen een kantelpoort met vast bovenlicht.
De interieurplannen tonen een rationele indeling, de verticale circulatie gebeurt langs een open spiltrap met houten treden en stalen kader, die zich links van de inkomdeur bevindt. Op het gelijkvloers zijn de functionele ruimtes, met name garage, wasplaats en ruimte voor de verwarmingsketel, in een open L-vorm langs de linker- en achterzijde van de inkomhal gegroepeerd, hieronder bevindt zich ook een kleine kelder. De inkomzone bevat tevens een ingebouwde vestiaire en een kleine wc.
Aan de rechterzijde van de inkomhal ligt een kleine studio. Hierachter bevindt zich een grote woonruimte met een versmalde maar open doorgang naar de eetruimte in de éénlaagse uitbouw achteraan. Dit woongedeelte wordt langs de grote ramen met schuifdeuren vanuit de zuidelijk georiënteerde tuin van veel daglicht voorzien. In de linkerhelft van de uitbouw situeren zich de bijkeuken en de keuken met een open doorgang en toog naar de eetruimte toe.
Op de verdieping bevindt zich centraal achter de traphal een badkamer, links en rechts zijn telkens twee slaapkamers aanwezig.
Auteurs: Fexer, Charlotte
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Antwerpen