erfgoedobject

Pastorie van Sint-Jan Evangelist

bouwkundig element
ID
308661
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/308661

Beschrijving

Pastorie van de Sint-Jan Evangelistkerk, in twee fases gebouwd in modernistische stijl met art-deco reminiscenties. Het ontwerp werd opgemaakt door architect Frans Peeters in opdracht van de kerkfabriek van Sint-Jan Evangelist. De plannen van het rechterpand dateren van 1934, hiervoor werd op 20 mei 1935 de bouwvergunning verleend. In 1939 ontwierp Peeters het rechterpand als uitbreiding van de bestaande pastorie, de titel op het plan luidt “ontwerp voor het vergrooten van een huis voor geestelyken”. Deze bouwaanvraag werd op 31 mei 1939 goedgekeurd. Reeds in het eerste ontwerp waren studeer- en slaapkamers voor zowel de pastoor als de onderpastoor voorzien. Blijkbaar vergrootte de groep van geestelijken binnen enkele jaren tijd, zodat er in 1939 nood was aan een uitbreiding van de pastorie.

De voortuin is grotendeels verhard met grijze cementtegels. Aan de straatzijde zijn nog de mogelijk oorspronkelijke bakstenen pijlers en brievenbussen bewaard, in het rechterdeel ook een eenvoudige buisleuning. De bouwdossiers bevatten geen informatie over de oorspronkelijke aanleg en afsluiting van de voortuin.

Architect Frans Peeters was van diepchristelijke geloofsovertuiging en een groot deel van zijn oeuvre kan in de kerkelijke sfeer gesitueerd worden. Hij werd vooral bekend door zijn latere monumentale en strak geometrisch vormgegeven realisaties zoals de Eeuwfeestkapel (1934) van het Klein Seminarie te Hoogstraten en het noviciaat voor de Witte Paters (1936-1937) te Varsenare. Peeters ontwierp ook de decanale kerk Sint-Jan Evangelist, gelegen naast de pastorie aan het Kolonel Slaterplein. Deze werd tussen 1932 en 1933 opgericht en in 1936 ingewijd. In dezelfde fase werd onder zijn leiding in Wilrijk ook het klooster en de school van de zusters Annonciaden in de Frans Stienletlaan 39 en 41 gebouwd.

Daarnaast schiep Peeters een divers oeuvre en ontwierp hij ook woonhuizen, scholen en winkelinrichtingen. Zijn vroege ontwerpen waren traditioneel van opvatting, midden de jaren 1920 oriënteerde hij zich aan de eigenzinnige art-decostijl van de bevriende architect Jozef Huygh. Vanaf de jaren 1930 evolueerde hij naar een modernistische vormentaal, die ook in de ontwerpen voor deze pastorie duidelijk zichtbaar is.

Exterieur

Pastorie in halfopen bebouwing bestaande uit twee delen van twee bouwlagen en telkens twee traveeën onder een gezamenlijk, met leien (links) en pannen (rechts) gedekt L-vormig schilddak met ver overkragende bakgoot. Het eerste deel van de pastorie had oorspronkelijk een haaks op de straat georiënteerd schilddak dat dan boven het bijgebouwde linkerpand doorgetrokken werd. Het achterste deel van de uitbreiding heeft een plat dak.

De voorgevel bestaat uit twee, aan de middenas gespiegelde maar niet geheel symmetrische helften met enkelhuisopstand. Het gevelparement bestaat uit rood baksteenmetselwerk in Noors verband op een sokkel van donkerbruin metselwerk en een hardstenen plint. Beide gevels sluiten bovenaan af met een brede lijst in vlakke similibepleistering. In het linkerdeel van de gevel werd het donkerbruine metselwerk van de sokkel doorgetrokken in een brede verticale strook langs de linker gevelhoek.

Op het gelijkvloers hebben beide gevels aan de zijde van de middenas een verhoogd rondboogportaal in een getrapte bakstenen omlijsting met natuurstenen impost- en sluitstenen. De trap naar de inkomdeur en de sokkel van de omlijsting zijn in hardsteen vervaardigd. De linker gevelhelft heeft in de buitenste travee op gelijkvloers en verdieping telkens een grote rechthoekige vensteropening en boven het inkomportaal een patrijspoortvenster met bakstenen omlijsting en onderaan een natuurstenen blokje met afloopgleuf.

De rechter gevelhelft heeft op het gelijkvloers een breed en op de verdieping een smaller rechthoekig venster dat in de zijgevel naast de hoekpijler met similibepleistering doorloopt.

Boven het rechter inkomportaal is een brede rechthoekige vensteropening aanwezig. Een natuurstenen halfzuil die op een console met florale ornamenten boven de sluitsteen van het portaal steunt, loopt door tot in de vlakke gevellijst en deelt dit venster in twee ongelijke delen. Samen met de twee hoekpijlers zorgt deze zuil voor een verticaal accent in de voorgevel. Links boven het gelijkvloerse venster van de rechter gevelhelft is een natuurstenen console met gestileerde krul- en bladornamenten aanwezig. Hierop stond volgens de bouwplannen oorspronkelijk een heiligenbeeld.

De zijgevel heeft op het gelijkvloers nog twee brede rechthoekige vensteropeningen en een centrale driehoekige erker met twee smallere vensters onder een plat dak met vlak bepleisterde gevellijst. Op de verdieping is hier een breed venster aanwezig, geflankeerd door twee smallere vensters.

Het buitenschrijnwerk is grotendeels vernieuwd, enkel het vaste kozijn van het patrijspoortvenster is bewaard. Ook de voordeur van het linkerpand is origineel bewaard, deze heeft een ronde lichtopening en kruisvormige, tot aan de briefopening onderaan de deur doorlopende tralies.

Alle vensters hebben eenvoudige hardstenen lekdrempels, de vensters van het rechterpand zijn voorzien van een eenvoudige metalen band als leuning. De gelijkvloerse vensters hebben als latei een brede strook metselwerk in verticaal verband.

De erker in de zijgevel was oorspronkelijk door een bakstenen afsluitingsmuur met rondboogdeur verbonden met de doopkapel in de zijgevel van de Sint-Jan Evangelistkerk. Anno 2023 staat deze muur dichter bij de straat en heeft een brede rechthoekige poortopening. Rechts van de muur is een Lourdesgrot aanwezig die aan de doopkapel aansluit.

Interieur

De oorspronkelijke pastorie (huisnummer 2) is gedeeltelijk onderkelderd en heeft op het gelijkvloers een sinds de 19de eeuw voor stedelijke woningen gebruikelijke enkelhuisplattegrond: de smalle linkertravee bevat een inkomhal en de gang met trap naar de verdieping, achteraan bevindt zich een bergplaats en een kleine wc. De brede rechtertravee bevat vooraan een kleine spreekkamer en daarachter een enfilade van woon- en eetkamer voor de pastoor. Hierachter bevindt zich de keuken en een pompplaats met toegang tot de tuin.

Op de verdieping toont het oorspronkelijke plan vooraan een studeerkamer en slaapkamer voor de onderpastoor, hierachter twee logeerkamers, de slaapkamer van de pastoor en een bijkomende slaapkamer. In de smalle linkertravee bevindt zich achter de trapruimte een kleine badkamer.

De uitbreiding van 1939 (huisnummer 4) is in het voorste deel onderkelderd en voorzag op het gelijkvloers een gelijkaardige indeling met in de brede linkertravee een grote spreekkamer in enfilade met een eetkamer. Achter de gang in de smalle travee toont het plan een uitbouw met keuken en een kleine aanbouw met wc.

Het plan van de verdieping toont ook een deel van de aanpalende eerste pastorie. Op dit niveau werden de twee gebouwen met elkaar verbonden door een dwarse gang, het is echter niet duidelijk of de trap van de oude pastorie behouden bleef of niet. De verdieping van het nieuwe deel bevat vooraan een grote studiekamer, achteraan een slaapkamer en in de aanbouw boven de keuken een meidenkamer.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 238#4204 en 238#5532.

Auteurs: Fexer, Charlotte
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Antwerpen


Relaties


Je kan deze pagina citeren als: Inventaris Onroerend Erfgoed 2026: Pastorie van Sint-Jan Evangelist [online], https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/308661 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Stad Antwerpen

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.