erfgoedobject

Sporthal De Bist

bouwkundig element
ID
308727
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/308727

Beschrijving

Sporthal De Bist, gelegen nabij de dorpskern van Wilrijk. In 1963-1965 gebouwd in opdracht van het Gemeentebestuur van Wilrijk. Het ontwerp werd getekend door architect Isidoor Van de Wiele in 1962. De plannen voor de verwarmings- en verlichtingsinstallatie werden opgemaakt door ingenieur O. Geerts.

Historiek

Het project van een nieuwe sporthal werd begin 1961 opgestart. Het college van Wilrijk gaf toen aan de bouwdienst de opdracht gaf een ontwerp op te stellen. Een jaar later, in zitting van 26 januari 1962, werd beslist om architect Isidoor Van de Wiele met een definitief ontwerp te belasten.

Van de Wiele was door het gemeentebestuur al aangesteld voor het ontwerp van administratieve gebouwen met een turnzaal, een stortbadeninrichting en een conciërgewoning aan de Kleinesteenweg. Het ontwerp voor de nieuwe sportzaal in de Koningin Elisabethstraat werd aan deze opdracht toegevoegd.

Na opmerkingen van het Nationaal Instituut voor Lichamelijke Opvoeding en Sport diende de architect op 5 april 1962 aangepaste plannen in. Deze werden in de collegezitting van 25 mei 1962 samen met de bestekken voor de verwarmings- en verlichtingsinstallaties goedgekeurd. De openbare aanbesteding vond op 11 januari 1963 in het gemeentehuis plaats. De drie loten luidden: 1. Bouwen van een sporthal met conciërgewoning, 2. Elektrische inrichting, 3. Verwarmingsinstallatie. Lot 1 werd gegund aan firma Struyf & Zonen uit Zandhoven, de constructie in gelamelleerde spaneten en balken werd uitgevoerd door Gebroeders De Coene uit Kortrijk. Op 6 september 1965 werd de sporthal plechtig ingehuldigd.

In de jaren 1990 werd het gebouw tijdelijk gesloten voor renovatiewerken. Er werden onder andere binnen- en buitenschilderwerken uitgevoerd. De inkomdeuren en de betegeling van de stortbaden werden vernieuwd. De bestaande dakbedekking werd afgebroken en vervangen door aluminium profielplaten met lichtstraten. De daken van de bijgebouwen werden voorzien van een asfaltbedekking.

In 2013 vond een renovatie plaats onder leiding van het architectenbureau Driesen-Meersman-Thomaes. Hierbij werden beperkte binnenveranderingen uitgevoerd. Er werd een extra raam in de linkse saswand gemaakt en rechts van de inkomsas werd een ontvangstruimte voor supporters gecreëerd. In de sporthal werden de vaste tribune aan de achterzijde en de originele uitschuifbare tribunes aan de zijkanten verwijderd en vervangen door een nieuwe tribune met 456 plaatsen. Ook de sportvloer werd vernieuwd.

Evenwijdig aan de bestaande stalen binnenpui van de cafetaria werd een nieuwe stalen binnenpui als circulatiezone op het gelijkvloers toegevoegd. Het houten plafond van de sporthal werd behouden. De zones van de voormalige lichtstraten werden ingevuld met een verlaagd plafond voor een betere akoestiek. De dakbedekking van de sporthal werd vernieuwd en op de lagere volumes werden groendaken gelegd.

Het interieur van het lagere linkervolume werd ingericht als spelersblok. De voormalige conciërgewoning werd volledig verbouwd tot technische ruimte. Het lager volume aan de rechterzijde werd ingericht als bezoekersblok.

Het stalen buitenschrijnwerk werd vernieuwd en voorzien van transparante beglazing.

Exterieur

De sporthal met zijgebouwen werd ingeplant op een groot perceel aan de westzijde van de Koningin Elisabethstraat. De voorgevel ligt tien meter van de straat verwijderd. De twee eenlaagse zijgebouwen komen met de voorgevels tot aan de straatlijn en flankeren zo de sporthal en de met roodgrijze klinkers verharde voorplaats. De vrijstaande achter- en linkerzijgevels zijn vanuit de Kleinesteenweg bereikbaar.

Kenmerkend voor sporthal De Bist is de constructie van 24 spanten in gelamelleerd hout (glulam). Na Expo ’58 werd hout in deze vorm steeds meer toegepast als modern constructiemateriaal. De gelamelleerde en gelijmde spanten maakten grote en hoge overspanningen mogelijk, bijvoorbeeld in sporthallen die vanaf de jaren 1960 door de evoluerende en toenemende vrijetijdsbesteding gebouwd werden. Het vroegste voorbeeld in Antwerpen is de sporthal aan het Arenaplein, waar de constructie tussen 1958 en 1964 werd toegepast.
Bij sporthal De Bist overspannen de 24 spanten als volledige dakconstructie de grote hal. De grote bogen ondersteunen het gewelf van voet tot nok en worden door middel van metalen scharnieren aan hun basis vastgehouden en in de nok aan elkaar bevestigd. De houten spanten werden zowel in de buitengevels als in de binnenruimte zichtbaar gelaten en geïntegreerd in de afwerking. Hierdoor bepaalt de vorm van de boogspanten ook sterk het uitzicht van de voor- en achtergevel. Tussen de houtconstructie werden de gevels gesloten met een parement van lichtbeige, volgens de originele plannen “lijkwaadkleurige” baksteen in halfsteens verband op een hardstenen plint.

In de voorgevel wisselen op het gelijkvloers brede stroken in gevelparement af met smalle verticale ramen, uiterst links en rechts is telkens een breder venster naar de trapruimte aanwezig. Centraal bevindt zich het glazen inkomportaal, geflankeerd door uitstekende breukstenen pijlers onder een dunne, ver uitstekende metalen luifel. Boven het gelijkvloers bestaat de voorgevel uit een grote, in verticale stroken verdeelde raampartij met lage metalen borstwering. Elke strook heeft bijkomend een horizontale verdeling op variërende hoogtes. De oorspronkelijke plannen voorzagen aan de binnenzijde van de glazen gevel een metalen balustrade. De zijgevels van de sporthal hebben onder de dakrand doorlopende bandvensters tussen de gelamelleerde houten balken. In de linkerzijgevel is uiterst links nog een brede poortopening aanwezig. De achtergevel is blind met uitzondering van een poortopening links onderaan. Door het kleurcontrast tussen het lichte gevelparement en het donkere houtspant is hier de vorm van het spant, met gebogen binnenzijde puntvormige nok, zeer duidelijk zichtbaar.

De twee zijgebouwen hebben hetzelfde gevelparement als de sporthal en platte daken met overkragende betonnen dakranden. Het achterste gedeelte van het rechtervolume heeft een flauw hellend lessenaarsdak.

In de voor- en achtergevel van het linkervolume wordt een centrale deuropening geflankeerd door twee hoog geplaatste horizontale vensters onder smalle wit geschilderde lateien. Zowel het rechter- als het linkervolume heeft in de naar de voorplaats gerichte zijgevel, een horizontaal hoog geplaatst bandvenster. Bij het rechtervolume werd hieraan in een latere fase een deuropening toegevoegd.

Achter het linkervolume bevindt zich de lagere conciërgewoning. Deze heeft grote rechthoekige vensteropeningen van variërende afmetingen.

Het dak van de sporthal was oorspronkelijke afgewerkt met roofing met leischilfers en had in elke travee meerdere langwerpige lichtkoepels in perspex. De daken van de lagere zijgebouwen waren oorspronkelijk afgewerkt met roofing.

Interieur

De grote sporthal heeft een diepte van negen traveeën. In de voorste travee bevindt zich het tochtportaal van de centrale inkom. Links hiervan voorzag het oorspronkelijke ontwerp een kleedkamer voor 200 personen, rechts een kleine winkelruimte met een raam naar de inkomsas en daarachter een grote bergplaats. Uiterst rechts en links bevinden zich in deze travee de trapzalen naar de verdieping. De bordestrappen hebben geprefabriceerde betonnen treden en een metalen leuning. In de achterste travee sloten aan de sporthal drie bergplaatsen aan die oorspronkelijk met een schuifgordijn werden afgesloten. Tot aan de renovatie in 2013 waren langs de zijkanten van de sporthal uitschuifbare tribunes aanwezig.

Het volledige gelijkvloers had volgens de oorspronkelijke plannen een “monolit vloer” met daarop aanduidingen voor de verschillende sportvelden. Het gewelf boven de sporthal is aan de binnenzijde afgewerkt met houten platen die een geheel vormen met de houten spanten.

Enkel in de voorste travee van de sporthal is een verdieping aanwezig. Hier bevindt zich nog steeds de cafetaria, oorspronkelijk was in het linkerdeel een clublokaal voorzien. Zowel de voorgevel als de dwarswand in de cafetaria en de wand naar de sporthal zijn glazen wanden met een metalen draagstructuur met zeer fijn profiel. Dit zorgt voor bijkomende daglichtinval naar de sporthal en draagt bij aan het lichte karakter van de constructie.

In het linkerzijvolume bevond zich initieel de stortbadeninrichting. Meerdere ruimtes met stortbaden, aansluitende kleedkamers, sanitaire ruimtes, een medisch cabinet en technische ruimtes voor de verwarming waren hier aan weerszijden van een centrale gang gegroepeerd. Achteraan bevond zich de doorgang naar de sporthal en de ingang van de conciërgewoning.

In het smalle rechterzijgebouw waren vooraan de sanitaire ruimtes voor de sporthal gesitueerd. Achteraan bevonden zich grote bergruimtes en een technische ruimte voor de verwarming. Deze interieurindeling bleef tot aan de verbouwing in 2013 bewaard.

  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwdossiers, 222#10119, 222#11107, 3562#1839 en 3562#7509.
  • Stadsarchief Antwerpen, Besluiten College, 515#1871, 515#1877, 515#1848 en 515#444.
  • Stadsarchief Antwerpen, Archief Stadsbouwmeester, Sporthal De Bist, 2431#498.
  • Stadsarchief Antwerpen, Archieven van gemeenten voor hun aanhechting bij of fusie met Antwerpen, 1312#434 en 1595#1095.
  • Stadsarchief Antwerpen, Afdeling Sport en Recreatie, 622#17.
  • Stadsarchief Antwerpen, Fotoarchief Gazet van Antwerpen: reeks Gemeenten, 862#43544.
  • VERHELST S. 1996: Groeten uit Wilrijk: Wilrijk van 1900 tot nu. Ljubljana.

Auteurs: Fexer, Charlotte
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Antwerpen


Relaties


Je kan deze pagina citeren als: Inventaris Onroerend Erfgoed 2026: Sporthal De Bist [online], https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/308727 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Stad Antwerpen

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.