Burgerhuis in cottagestijl gebouwd voor rekening van de heer E. Bergeys uit Boom, naar een ontwerp van architect Joseph Merckx uit februari 1928. De woning werd in 2014 aan de achterzijde uitgebreid met een aanbouw van twee bouwlagen onder plat dak.
Joseph Merckx was in Antwerpen minstens vanaf 1907 actief als architect, vermoedelijk tot de vroege jaren 1940. Zijn eerder onopvallend oeuvre bleef tot de Eerste Wereldoorlog trouw aan de klassiek geïnspireerde eclectische stijl. Tijdens het interbellum vermengde hij op discrete wijze kenmerken van de beaux-arts- en de art-decostijl. Zo bouwde Merckx op het aangrenzende Frans Naegelsplein in 1925 een hoekcomplex in art-deco-stijl en begin 1929 een aannemerswoning in beaux-artsstijl. Van de cottagestijl is de woning Bergeys tot op heden het enige gekende voorbeeld.
De rijwoning bestaat uit twee ongelijke traveeën en twee bouwlagen onder pannen zadeldaken.
De voortuin is voorzien van lichtbeige grind, een verhard pad leidt naar de inkomdeur. De oorspronkelijke voortuinafsluiting uit siersmeedwerk is niet bewaard.
De gevels zijn opgetrokken uit baksteenmetselwerk in twee tinten rood, toegepast in kruisverband en afgewerkt met een knipvoeg, op een vrij hoge hardstenen sokkel. Voor de witgeschilderde, deels geprofileerde gevelbanden en –panelen, de erker en vensteromlijsting in de top is witte natuursteen gebruikt. De rechthoekige gevelopeningen hebben afgeronde bovenhoeken, hardstenen dorpels en geprofileerde lateien, ter hoogte van de zolder bevindt zich een rondboogvenster.
De voorgevel heeft een enkelhuisopstand met een smalle deurtravee en een brede venstertravee, bekroond door een steile puntgevel onder zadeldak met overkragende dakrand, decoratieve windborden en voorgeschakeld houtwerk dat de boogvorm van het venster herhaalt. De smalle travee sluit bovenaan af met een geprofileerde bakgoot op klossen.
De brede rechtertravee heeft op het gelijkvloers een driezijdige witgeschilderde natuurstenen erker onder een leien dak. De drie erkervensters bewaren nog de oorspronkelijke guillotineramen met geprofileerd kalf, de vensterposten hebben geprofileerde impostblokken. Het venster boven de erker is gevat in een ondiepe segmentboogvormige nis met getrapte omlijsting.
De inkomdeur heeft nog de oorspronkelijke houten paneeldeur met verticale lichtopening, vast bovenlicht en geprofileerd kalf.
De zijgevel is blind en in het gevelvlak versierd met een grote decoratieve boog in rood metselwerk met beschilderde natuurstenen sluit- en impoststenen en in de boog een dito ornament.
Volgens het oorspronkelijke bouwplan beantwoordt de woning aan de klassieke typologie van het burgerhuis dat uit een hoofdvolume en een smalle achterbouw bestaat, ontsloten door de zijdelings ingeplante inkom- en traphal. De begane grond omvat een suite van salon en eetkamer, en bij de inkom- en traphal sluit de achterbouw aan met de keuken annex pomphuis, wc en washuis. De bovenverdieping bestaat uit twee kamers in het hoofdvolume, een derde kamer en badkamer in de achterbouw. Onder het dak bevinden zich twee mansardekamers en een zolder.
Auteurs: Fexer, Charlotte; Braeken, Jo
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Antwerpen