Villa met dokterspraktijk in modernistische stijl met brutalistische kenmerken, gebouwd voor rekening van de arts J. Verkinderen. Het ontwerp werd in 1973 opgemaakt door architect Gerard Verkinderen.
De villa staat vooraan ingeplant op een vrij diep rechthoekig perceel aan de westzijde van de Pastoor De Conincklaan. Het samen met de villa ontworpen buitenzwembad werd in de winter van 2016 gedempt, de bijhorende kleedkamers met bergruimte afgebroken.
De voortuin is nog in oorspronkelijke toestand bewaard: het linkerdeel is beplant en wordt afgebakend door een lage witgeschilderde baksteenmuur. De oprit in het rechterdeel is verhard met kasseien, het pad naar het inkomportaal met kleinere kasseien, die op de bouwplannen als “mozaïekkasseien” beschreven worden. Tussen oprit en pad staat nog de oorspronkelijke betonnen brievenbus.
Villa van vijf traveeën, bestaande uit twee volumes van vooraan twee en aan de tuinzijde één bouwlaag. Het tweelaagse volume heeft achter de dakrand een flauw hellende, afgeknotte dakconstructie in hout, die met roofing is bekleed. De dakranden en de daarop aansluitende daken van de erkers hadden vroeger een dakhuid van grijze asfaltleien. Anno 2023 zijn ze vervangen door grijskleurig plaatmateriaal. Het éénlaagse volume heeft een plat dak.
Het gevelparement bestaat uit wit geschilderd baksteenmetselwerk in halfsteens verband, volgens de bouwplannen “Kempische voorwerker wit geschilderd”. De vloerplaat van de verdieping werd grotendeels zichtbaar gelaten en bestaat uit witgeschilderd zichtbeton. Dit zorgt in de voor-, achter- en linkerzijgevel voor een horizontale geleding.
De volumewerking van de voorgevel wordt bepaald door vier driezijdige erkers met een in 45 graden hellend betonnen bovenvlak. Drie erkers hebben een bakstenen borstwering en een driezijdig venster, de tweede erker van links bestaat uit zichtbeton en is blind: hier bevindt zich de trappenhal, die door een lichtkoepel in het dak verlicht wordt. De vier erkers staan op een ver uitkragende luifel in zichtbeton, die beschutting biedt aan het inkomportaal en een brede garagepoort. De uiterst linkse travee van de voorgevel is blind. Ter hoogte van de verdieping is hierop een paneel van baksteenmetselwerk in verticaal tegelverband aanwezig, dat een abstract kubistisch reliëf draagt. Het paneel staat ook op het oorspronkelijke gevelplan afgebeeld, echter zonder reliëf.
De gevel- en erkerhoeken zijn afgewerkt met hoekkettingen van overhoeks boven elkaar geplaatste bakstenen.
In de achtergevel komt het motief van de driezijdige erkers met driedelige vensters terug: op de verdieping bestaat het linkerdeel van de gevel uit drie dergelijke erkers, rechts hiervan staat een boven het dak uitstekende bakstenen schoorsteen. De rechterhelft wordt volledig ingenomen door een brede raampartij met schuifdeur naar het terras van de ouderslaapkamer.
De gelijkvloerse achtergevel bestaat in de linkerhelft uit één grote raampartij met schuifdeur naar de grote leefruimte. Het rechterdeel wijkt achter een overdekt terras met zitbank en barbecue terug en bevat de smallere glazen schuifdeuren van de eetkamer. Daarnaast bevindt zich een volle deur en het raam van de keuken.
De rechterzijgevel is naar het noorden georiënteerd, gesloten opgevat en grotendeels blind. In het midden van het tweelaagse volume wijkt een verticale strook in zichtbeton in het gevelvlak terug, hier geeft op het gelijkvloers een groot venster met vast kozijn daglicht aan de garage, op de verdieping bevindt zich een klein horizontaal venster ter hoogte van de kinderbadkamer. Tussen de twee volumes springen de gevels onder een hoek van 45 graden in, op het gelijkvloers is hier een deur naar de garage en een venster naar de leefruimte.
De linkerzijgevel is meer open geconcipieerd, hier zorgen grote vensterpartijen voor voldoende zuidelijk daglicht in de praktijkruimtes, de ontbijthoek en de keuken. De gevel van de verdieping bevat in het rechterdeel de vensters van de slaapkamers en is in het linkerdeel blind. De horizontale lijn wordt benadrukt door doorlopende, hoge lateien in zichtbeton en de betonnen balustrade van het terras aan de achterzijde.
De villa is in de zuidelijke helft onderkelderd met een provisie- en een wijnkelder, een ruime speelkelder en een kelder voor de centrale verwarming. De speelkelder wordt via een lange lichtput met glasdallen voorzien van daglicht en is rechtstreeks toegankelijk vanuit de tuin.
De interieurindeling houdt rekening met de oriëntatie van de villa. Het gelijkvloers is verdeeld in een functionele zone aan de straatzijde en een ruime woonzone aan de tuinzijde. Het functionele gedeelte bevat in de rechterhelft een grote garage voor twee auto’s in combinatie met bergruimte. In het linkerdeel ligt de dokterspraktijk met bureau en onderzoeksruimte, van elkaar gescheiden door schuifwanden. Tussen deze twee delen bevindt zich de inkom- en circulatiezone met een inkomhal, de trapruimte met bordestrap naar de verdieping, twee vestiairekasten en twee wc’s. Het plan voorzag voor de dienstlokalen en circulatiezones plafonds in Lugino en voor de leefruimtes in hout.
De woonzone bestaat voor meer dan de helft uit een grote leefruimte met verschillende zitmeubels rond een open haard en aan de tuinzijde een bar en een kleine wintertuin. Naast de grote schuiframen naar de tuin zorgt ook een breed vast bovenlicht in het dak van de uitbouw voor voldoende daglicht. De brede doorgang naar de aanpalende eethoek kan door middel van schuifwanden worden gesloten. Hiernaast bevindt zich langs de zuidelijke gevel de keuken met smal langwerpig grondplan en aan de oostzijde een ontbijthoek met vaste zitbank in L-vorm.
Het nachtgedeelte op de verdieping bestaat uit zeven slaapkamers, twee badkamers en een naaikamer, georganiseerd rond een centrale nachthal. Naast de koepel boven de bordestrap, wordt deze door twee grote koepels van daglicht voorzien.
De ruime ouderslaapkamer met ensuite badkamer bevindt zich in de zuidwestelijke hoek. Het grote schuifraam geeft toegang tot het dakterras boven keuken en eethoek. De zes kleinere slaapkamers hebben ingebouwde kasten en eigen wastafels; aan het noordelijke uiteinde van de nachthal bevindt zich een bijkomende kinderbadkamer. De slaapkamers en de naaikamer hebben telkens een eigen erker met driezijdig venster, waarin als vast interieurelement een “studeer-“ of “werktablet” geplaatst werd.
Auteurs: Fexer, Charlotte
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Antwerpen