Woonhuis met dokterspraktijk gebouwd in brutalistische stijl naar een ontwerp van architect Ludo Michielsen uit 1962. Opdrachtgever was de arts Charles Van Dessel (Boechout, 1915-Wilrijk, 2005), echtgenoot van Maria Van Turnhout (Antwerpen, 1924-Wilrijk, 2007), een gezin met één dochter en vier zonen.
Woning van drie bouwlagen onder plat dak met overkragende zwevende dakrand op drie betonnen pijlers. De constructieve structuur van brede vloerplaten en slanke verticale steunelementen in beton werden in de gevel zichtbaar gelaten en zorgen voor een duidelijke horizontale geleding en een ondergeschikte verticale verdeling. Volgens de bouwplannen bestonden deze onderdelen uit “zuiver bekist beton”, typerend voor de brutalistische stijl. Anno 2022 zijn deze onderdelen wit geschilderd.
De gevelvakken tussen de betonconstructie werden opgevuld met een parement van sterk genuanceerd bruin baksteenmetselwerk in halfsteens verband. De bouwplannen vermelden hier wit geglazuurde handvormsteen als materiaal.
Rechthoekige bouwlaaghoge gevelopeningen van variërende breedte met uitstekende hardstenen lekdrempels vormen een contrast met de gesloten gevelvlakken. Op het gelijkvloers bevindt zich links het terugwijkende inkomportaal en rechts de garagepoort. De oorspronkelijk metalen kozijnen zijn vernieuwd, de verdeling werd aangepast.
De grondplannen tonen een functionele indeling, die een naoorlogse bel-etagewoning met een gelijkvloerse dokterspraktijk combineert. De oorspronkelijk geplande hoogte van 2,60m voor de verdiepingen werd aangepast: de architect diende een aanvraag in om van de verplichte hoogte van 2,80m te mogen afwijken maar deze werd afgewezen.
Een ronde trapruimte met spiltrap, centraal tegen de linker scheidingsmuur ingeplant, vormt de verticale circulatie-as. Het gelijkvloers is ingericht als dokterspraktijk met vooraan, tussen garage en inkomhal, de wachtkamer en achteraan een grote consultatieruimte, door een vouwdeur gescheiden van de naastgelegen ruimte voor onderzoek. Buiten zorgt een dwarsmuur voor visuele afscherming van de privétuin.
Op de eerste verdieping bevinden zich de woonvertrekken, geconcipieerd als één grote ruimte rond de centrale open haard, enkel door een lange kastwand gescheiden van de trapruimte met vestiaire en wc. Achteraan sluit de open keuken aan, naast een ingesloten terras. Grote ramen in voor- en achtergevel zorgen voor maximale lichtinval.
De tweede verdieping bevat de slaapvertrekken en een badkamer. Het dak is gedeeltelijk ingericht als dakterras, de oorspronkelijk geplande studio werd niet uitgevoerd.
Auteurs: Fexer, Charlotte
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Antwerpen