Modernistisch burgerhuis gebouwd naar een ontwerp door de architect Willy Fisher uit september 1937. Opdrachtgever was de weduwe Louise Joossen, uitbaatster van een winkel voor damesconfectie in de Abdijstraat 117 op het Kiel. De woning werd opgetrokken door de Hobokense aannemer J.C. Joris, na het verkrijgen van de bouwvergunning midden januari 1938.
Willy Fisher was als architect actief van midden jaren 1920 tot eind jaren 1950. Waar zijn vroege oeuvre nog onder invloed stond van de art deco en de Amsterdamse School, evolueerde zijn architectuur al in de vroege jaren 1930 naar een gestroomlijnd baksteenmodernisme. Daarvan is de woning Joossen een representatief voorbeeld. Na de Tweede Wereldoorlog ontwierp Fisher meerdere meergezinswoningen en appartementsgebouwen in Antwerpen, in een conventionele eigentijdse stijl.
De rijwoning met enkelhuisopstand heeft een gevelbreedte van drie/twee traveeën, en telt twee bouwlagen onder een plat dak. De gevelopstand heeft een parement uit gele baksteen in halfsteens verband met Dudokvoeg (dieperliggende lintvoegen in combinatie met platvolle stootvoegen), op een plint uit blauwe hardsteen. De gevelcompositie wordt gekenmerkt door een gestroomlijnd karakter en een plastische volumetrie, eigen aan het modernisme van de late jaren 1930. Daarbij onderscheidt de begane grond zich door een getrapt profiel, links geopend door de inkomdeur met bordes en zijlicht, rechts door de garagepoort. De bovenbouw is uitgewerkt als een bijna gevelbrede erkerpartij, afgerond aan de rechterzijde, en geopend door een tweeledig bandraam gevat tussen doorlopende lateien en lekdrempels.
De oorspronkelijk houten inkomdeur en garagepoort zijn vernieuwd, evenals het oorspronkelijk stalen vensterschrijnwerk; de daklijst heeft een nieuwe bekleding. De voortuin is afgesloten door een bakstenen muurtje.
De plattegrond is georganiseerd rond de traphal, die een centrale inplanting kreeg in de linkerflank. Volgens de oorspronkelijke bouwplannen biedt de begane grond in de linkerflank ruimte aan de inkom- en traphal met wc, waarachter de keuken. Achter de garage in de rechterflank bevindt zich de eetkamer met een hoekvenster op de tuin. De minder diepe bovenverdieping omvat een gastenkamer en de traphal met wc in de linkerflank, en een enfilade van slaapkamer, toiletkamer en badkamer in de rechterflank. De kelder is opgedeeld in een stookplaats met kolenkelder en een ruime provisiekelder.
Auteurs: Braeken, Jo
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Antwerpen