De Kapel Drie Linden bevindt zich op het kruispunt van de Albert Woutersstraat, de Panoramalaan en de Kapellelaan op een spits, driehoekig perceel, gelegen tegenover de eeuwenoude site van Bleydenberg waarmee het historisch in verband staat. De kapel werd vermoedelijk opgetrokken in het vierde kwart van de 18de eeuw. Het is een gedetailleerd uitgewerkte kapel, als een miniatuur bouwwerk, met klassieke sierelementen, opgetrokken in zandsteen, ijzerzandsteen en blauwe hardsteen. Drie lindes flankeren de kapel.
Dominicus Jozef Hyacint Nelis (1738-1828), professor in het burgerlijk recht aan de Leuvense universiteit, kocht Bleydenberg in 1773 van H. F. Antonetta van der Noot Van Hamme, Vrouwe van Wilsele en Put die in 1767 het goed zelf kocht van haar neef, lid van de familie Van Schore. Professor Nelis zou de kapel laten bouwen hebben ter ere van Onze-Lieve-Vrouw ter Linden. De auteurs van De Geschiedenis van Wilsele menen dat de kapel nog voor de Franse Revolutie werd gebouwd, aangezien ze schade leed in die tijd. De kapel moest hersteld worden en zo ook van een nieuw Mariabeeldje voorzien, waarop een tweede inhuldiging plaatsvond op 12 augustus 1829. De kapel werd echter pas kadastraal geregistreerd in 1865. Op dat moment was het perceel eigendom van de gemeente Wilsele.
In 1951 werd de wegenis licht aangepast waardoor de scherpe punt van het perceel waarop de kapel zich bevindt werd afgerond, met als gevolg dat de kapel dichter bij de straat kwam te liggen.
De relatief kleine kapel op vierkante footprint oriënteert zich naar het zuiden en het punt waar de Kapellelaan, de Albert Woutersstraat en de Leopold Decouxlaan samenkomen. Ter hoogte van de noord-, oost- en westzijde van de kapel werd een lindeboom aangeplant.
De kapel is hoofdzakelijk opgetrokken in witte zandsteen en heeft een tentdak met natuurleien bedekt en wordt bekroond met een eenvoudig kruis. Dat de kapel verschillende restauratiefasen heeft gekend wordt duidelijk door het gebruik van een eerder gave zandsteen in combinatie met de vermoedelijk originele, historische en verweerde zandstenen sierelementen, al dan niet in combinatie met de voor de streek kenmerkende ijzerzandsteen. Een kubusvormige sokkel bestaande uit zandsteen en hardsteen en voorzien van schijnvoegen vormt de basis voor de gelijkvormige kapel. De kapel, opgetrokken in zandsteen vormt een miniatuur bouwwerk met een uitgewerkte ‘façade’ in barokke architectuur gericht naar het zuiden. Een portaal met rondbogige omlijsting en sluitsteen wordt bekroond door een cartouche (aanvankelijk met opschrift?) en zwaar uitgewerkte hoofding. Deze hoofding kenmerkt alle vier zijden van de kapel en is uitgewerkt in zandsteen en ijzerzandsteen en vormt tevens de basis voor het tentdak. Een eenvoudig smeedijzeren hekje sluit de binnenzijde van de kapel af ter hoogte van het miniatuurportaal. Binnenin bevindt zich een Mariabeeld met kind. De overige zijden van de kapel werden voorzien van een eerder gave zandsteen/similisteen met schijnvoegen. In de achterzijde van de kapel werd een ander portaalvormig (maar gesloten) sierelement verwerkt.
Auteurs: Elsen, Liedewij
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Leuven