Deze hoeve met losse bestanddelen gaat minstens terug op de tweede helft van de 18de eeuw en bezit mogelijk een oude kern.
De hoeve met losse bestanddelen is reeds aangeduid op de Ferrariskaart (1771-1778) en verschijnt op het kadasterplan van 1813 als een complex bestaande uit een lange noordelijke vleugel en twee parallel gelegen bouwvolumes in rij ten zuiden. In 1859 werd volgens het archief van het kadaster de noordvleugel omgebouwd tot U-vormig geheel van volumes. Tegen 1862 zijn de twee bouwvolumes in het zuiden vervangen door één volume. In 1908 volgde een uitbreiding van de noordvleugel aan de oostelijke zijde.
Deze hoeve is gelegen ten oosten van de Hambosstraat, op een perceel nabij de spoorweglijn Leuven-Mechelen. De hoeve omvat een woonhuis ten zuiden van het erf en drie dwarsschuren ten noorden en ten oosten. De verschillende hoevegebouwen zijn opgetrokken in baksteen onder een zadeldak. Het woonhuis bestaat uit drie traveeën en twee bouwlagen, met segmentboogvormige openingen en een deur in de middelste travee. Een fries in muizentand siert de meer eenvoudige gevel die zich naar het erf oriënteert. In het oostelijke verlengde bevindt zich een eenvoudige dwarsschuur van één bouwlaag, met diverse rechthoekige openingen in de langsmuren en rode dakpannen. Aan de noordzijde van het erf staat een langgerekte dwarsschuur van twee bouwlagen met in de zuidmuur een poorttravee, uitgevend op het erf. De gevelopeningen zijn aan beide zijden afsluitbaar door middel van houten schuifpanelen aan een ijzeren railing. Tegen de oostelijke gevel staat tenslotte een dwarsschuur met een ouder gevelparement en een poortopening naar het erf toe. Het erf wordt van de straat gescheiden door bakstenen muur met ijzeren poort.
Auteurs: Elsen, Liedewij; Willekens, Edith
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Leuven