Deze semi-gesloten hoeve met oude kern gaat minstens terug op de tweede helft van de 18de eeuw. De hoeve gaat een belangrijke relatie aan met de nog landelijke context van Wijgmaalbroek en de tegenoverliggende hoeve te Langenbos 1.
Op de Ferrariskaart (1771-1778) staat de hoeve weergegeven als een langgestrekte hoeve met de nok parallel ten opzichte van de straat. Het kadasterplan van 1813 toont een uitbreiding van het volume tot een U-vormig geheel, met opening naar de straat toe. In 1913 bestaat de hoeve uit twee bouwvolumes rond een erf met doorgang aan de straatzijde, zoals de toestand ook vandaag nog is.
Langs de straatzijde en in het westen bevindt zich een monumentale schuur onder asymmetrisch zadeldak met de nok loodrecht ten opzichte van de straat, opgetrokken in roodbruine baksteen. Tegen de oostelijke gevel werd een latere bijbouw in roodroze baksteen onder lessenaarsdak opgetrokken. De schuur is conform deze gebouwtypologie eerder gesloten. De gevels zijn voorzien van rechthoekige gevelopeningen waarvan twee houten poorten aan de straatzijde, links opgehangen met spoorhengsels. Zichtbare en gekrulde muurankers sieren deze straatgevel en vormen een verwijzing naar de aanwezige oude kern met monumentaal dakspant.
In het noordoosten bevindt zich het woonhuis: een L-vormig bouwvolume onder zadeldak voorzien van rode pannen. Aan straatzijde heeft het gebouw een aflopende luifel gestut door houten balken. Het woonhuis is opgetrokken in rode baksteen afgewerkt met een gecementeerde plint. De rechthoekige muuropeningen langs de straatzijde zijn afgesloten met eenvoudige houten panelen, links met vensters en luiken. De zichtbare muurankers vormen een verwijzing naar de interne houten kern. Het oostelijk deel van het woonhuis is toegankelijk vanaf het erf. Dit deel is opgebouwd uit twee brede traveeën en tweeënhalve bouwlaag onder een zadeldak met rode pannen. De rechthoekige gevelopeningen hebben origineel schrijnwerk met T-verdeling. In rechter travee situeert zich een houten deur met een bovenlicht en een klein kruiskozijn rechts ervan. Zichtbare muurankers vormen een verwijzing naar de interne houten kern.
Deze schuur en L-vormig woonhuis organiseren zich tezamen met enkele bijgebouwen in het zuiden rondom een rechthoekig en gekasseid erf, centraal voorzien van een eveneens rechthoekige mestvaalt. De doorgang tussen het woonhuis en de schuur die de straat met het erf verbindt vormt een rood bakstenen pad.
Auteurs: Elsen, Liedewij; Willekens, Edith
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Stad Leuven