erfgoedobject

Kasteeldomein De Lovie

bouwkundig element
ID
31312
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/31312

Juridische gevolgen

Beschrijving

Kasteel De Lovie, zo genoemd sinds de de Eerste Wereldoorlog, werd gebouwd als zomerverblijf in 1856 door Marie Josephine Beatrix Cornelie van Renynghe en haar zoon Julius Karolus Cornelius Van Merris. Laatstgenoemde heeft tevens een stempel gedrukt op de omgeving: hij nam het initiatief tot het verfraaien en het ontginnen van de beboste landschappen, met een aangepaste architectuur (onder meer Canonstraat nummer 6, Proven en Bankelindeweg nummer 56, Krombeke). Na zijn overlijden in 1899, veranderde het domein verscheidene malen van eigenaar, tot het in 1929 door de V.Z.W. Beheerraad werd omgebouwd tot een sanatorium. Sinds 1960 fungeert De Lovie als Medico-Pedagogisch Instituut 'Ons eigen dorp'.

Kasteel gelegen in het midden van een beboomd park met geasfalteerde paadjes. Ten zuiden van het kasteel bevinden zich resten van de zogenaamde 'rode dreef', de oorspronkelijk twee kilometer lange dreef aan weerszijden beplant met bruine beuken, ter verbinding van de zuidelijke toegangspoort met de baan Poperinge-Proven (Couthoflaan). Ten noorden en ten oosten ligt een grote vijver met bruggetje. De uitgegraven aarde werd in de zuidoostelijke uithoek van het domein opgehoopt tot een kleine verhevenheid genaamd de 'Drogenbroodberg', waarop een klein prieeltje staat. Ten zuiden nabij de vijver bevindt zich een ijskelder. Ten zuiden, midden in de weide gelegen schuilgebouwtjes; schuilgebouwtje aan de oostelijke toegang, nabij de aan straat gelegen conciërgewoning (Krombeekseweg nummer 84). Ten noordoosten van het kasteel situeerden zich het voormalig koetshuis en de voormalige conciërgewoning, allebei sinds opname (1982) vervangen door nieuwe bouw. Ten noorden, voormalig klooster, kapel en kleiner kapelletje. Voorts her en der over het park verspreide nieuwe bouw, ten behoeve van de nieuwe functie.

Kasteel. Centraal in het park op een terp gelegen imposant gebouw. Daterend van 1865 in Italianiserende neorenaissance naar ontwerp van architect P. Croquison (Kortrijk), contrasterend met de landelijke stijl van de nutsgebouwen, die aanleunt bij de toenmalige eclectische architectuur. Rechthoekig gebouw van negen traveeën en drie bouwlagen onder schilddak (kunstleien). Natuurstenen gebouw op een arduinen sokkel. Verhoogde begane grond met rechthoekige kelderopeningen. Enerzijds verticale gevelgeleding bekomen door middenrisaliet van drie traveeën onder driehoekig fronton met daarin een oculus, met een bordes voorzien van aantrede met een arduinen leuning; gesuperposeerde pilasters onder meer vlak op de begane grond, gecanneleerde vlakke pilasters, respectievelijk Dorisch en Ionisch op de tweede en de derde bouwlaag, echter halfronde zuilen in het middenrisaliet. Anderzijds is er een gemarkeerde registerindeling: de eerste bouwlaag wordt verlevendigd met imitatiebanden; omlopende geprofileerde cordons onder meer op de bovenverdieping, aansluitend bij de balustrades van de balkons rustend op geprofileerde consoles; gekorniste geprofileerde kroonlijst, waaronder een tandlijst op geprofileerde modillons. Rondbogige muuropeningen, onder meer deurvensters, in een geriemde omlijsting op de eerste en tweede bouwlaag, ter hoogte van laatstgenoemde met geprofileerde imposten en omringend paneelwerk. Op de derde bouwlaag: rechthoekige vensters in een dito omlijsting, onder meer vier deurvensters, onder een gestrekte geprofileerde kroonlijst. Geprofileerde schoorstenen. Identieke achtergevel, echter voorzien van een gesmeed ijzeren luifel. Zijgevels van vijf traveeën en een middenrisaliet van één travee; voorts identieke opstand.

Deels behouden interieur. Hal met Korinthische zuilen en gemarmerde beschildering, houten trappenhuis met wapenschild. Marmeren plaat met opschrift: 'Sanatorium Sint-Idesbald ontstaan door besluit van den provincialen raad (West-Vlaanderen) in zitting van 4 mei 1926. Voorlopig in oorlogsbarakken te Houthem bij Veurne overgebracht in deze eigendom De Lovie in 1930. Plechtig ingehuldigd H.M. Koningin Elisabeth op 17 juni 1932'.

Koetsgebouw en conciërgewoning (Canonstraat nummer 9-10). Sinds de opname (1982) verdwenen nutsgebouwen van 1856. Eclectische bouwtrant, aansluitend bij de reeks analoge gebouwen opgetrokken op initiatief van de familie Van Merris. Beschilderde baksteenbouw onder leien bedakingen (zadel- en mansardedaken) met overstekende rand onder meer met schoorstukken en houten sierlijstje. Arduinen plint. Beschilderd puilijstje, en aflijnend rondboogfries. Onder meer twee aan twee gekoppelde, accoladeboogvormige en rondboogvormige muuropeningen. Deels beglaasde koetspoorten met geometrische roedeverdeling; smeedijzeren luifel.

Neoclassicistisch prieeltje gelegen op de zogenoemde 'Drogenbroodberg'. Koepelvormig dak (tin + lood) met aflijnend sierlijstje (lood + tin) en bekronende pin, rustend op een achttal Dorische zuilen (natuursteen).

Schuilgebouwtjes. Rechthoekige gebouwtjes onder overstekend schilddak (stro). Rode baksteen met suggestieve beschildering van deuren en vensters.

Conciërgewoning (Krombeekseweg nummer 84). Alleenstaande villa van zes traveeën en één bouwlaag onder zadeldak (nok evenwijdig met de straat, mechanische pannen); klimmende dakkapel; dakvenster onder zadeldak. Uit het eerste kwart van de 19de eeuw rondbogige muuropeningen met waaiervormige bovenvakken en -licht; kleine roedeverdeling; beluikt benedenvak.

Fabriekje. Achtzijdig gebouwtje onder tentdakje (gietijzer) met gietijzeren sierlijstje. Deels beglaasd gietijzeren gebouw, met gekrulde dito motieven in de onderbouw.

Klooster. Gele baksteen onder mansardedak met dakkapellen, van 1937. Neoclassicistische inslag, zie onder meer frontonbekroning van de twee hoekrisalieten.

Kapel. Rotonde met aanleunend koor van twee rechte traveeën en een vlakke sluiting. Koepel (leien) met centrale dakruiter. Neoclassicistische inslag, van 1934. Gele baksteenbouw op natuurstenen plint. Natuurstenen pilasters, rechthoekige muuropeningen. Beschilderd interieur.

Kapelletje. Rechthoekig neogotisch gebouwtje van twee traveeën en driezijdige sluiting, onder zadeldak (leien), uit het eerste kwart van de 20ste eeuw. Natuursteen. Tuitgeveltje opengewerkt door middel van spitsboogdeur onder vierpasvenster. Spitsboogvensters in de zijgevels. Beschilderd interieur.

IJskelder. Trechtervormige ruimte onder een bakstenen koepel.

Overige nutsgebouwen zonder noemenswaardigheden.

  • FLORIZOONE M. 1981: De Lovie Proven. Ons eigen dorp, De Gidsenkring XIX.1, 17-25.
  • GEYSENS J. 1986: Het M.P.I. De Lovie te Proven 25 jaar jong: Wat voorafging en wat men in de toekonmst ervan verwacht, Aan de Schreve XVI.2, 3-16.
  • VANDEWYNCKEL L. 1979: Op land leven. Een studie van een landelijke leefgemeenschap gegroeid vanuit een 19de-eeuwse maatschappij. Het Couthof - De Lovie - Het Vogeltje, onuitgegeven licentiaatsverhandeling Sint-Lucas, Gent, 9-12.

Bron     : Delepiere A.-M. & Huys M. 1989: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie West-Vlaanderen, Arrondissement Ieper, Kanton Poperinge, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 11N2, Brussel - Turnhout.
Auteurs :  Delepiere, Anne Marie, Huys, Martine
Datum  :

Aanvullende informatie

Het grottencomplex van veldsteen, de zogenaamde jagersgrot, werd naar verluidt opgetrokken in 1912. De grot bevindt zich ten zuidwesten van het kasteel op een eiland gevormd door omringende waterpartijen. De deels ondergronds en deels bovengronds gelegen grot bestaat uit een manshoge wandelgang die in een bocht langs de waterlijn loopt. Verscheidene muuropeningen kijken uit op het water.

  • Onroerend Erfgoed, Digitaal beschermingsdossier DW002108, Kasteel De Lovie (S.N., 2000).
Auteurs : Cox, Lise
Datum:

Relaties

  • Omvat
    Chinese poort

  • Omvat
    Houten barak sanatorium De Lovie

  • Is deel van
    Krombeekseweg


Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Kasteeldomein De Lovie [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/31312 (Geraadpleegd op )