erfgoedobject

L-vormige hoeve

bouwkundig element
ID: 32547   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/32547

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed L-vormige hoeve
    Deze vaststelling is geldig sinds 01-02-2018

  • is aangeduid als beschermd monument L-vormige hoeve
    Deze bescherming is geldig sinds 23-11-2007

  • is aangeduid als beschermd stads- of dorpsgezicht, intrinsiek L-vormige hoeve
    Deze bescherming is geldig sinds 23-11-2007

Beschrijving

Deze hoeve, voormalig in gesloten configuratie, later L-vormig, gaat in kern terug tot de 18de eeuw en behield deels zijn oorspronkelijke vakwerkconstructie.

Historiek

De hoeve wordt al weergegeven op de Ferrariskaart (1771-1778), daar nog als een gesloten complex. Het primitief kadaster geeft de hoeve weer als een U-vorm, het erf open naar de straat, met rechts een vrijstaand bijgebouw, links een poel. De Atlas der Buurtwegen (1840-1844) geeft een ietwat aangepast beeld: het vrijstaande gebouw rechts staat via een kleine constructie in verbinding met het hoofdvolume.

Beschrijving

Het betreft een L-vormig complex met woonhuis dwars op de straat en achteraan links aansluitende stallingen. De gebouwen bleven grotendeels bewaard in stijl- en regelwerk met lemen en in mindere mate bakstenen vullingen, het geheel wit geschilderd boven een gepikte, gecementeerde stoel. Zadeldaken met Vlaamse pannen (in het voorste gedeelte van het woonhuis vervangen door mechanische) dekken de volumes af.

De hoevecomponenten in L-vorm boorden een erf af dat aan straatzijde is afgesloten door een bakstenen muur met centraal ijzeren hek tussen bakstenen pijlers uit het begin van de 20ste eeuw.

Hoeve

Het woonhuis, zeven traveeƫn breed en anderhalve bouwlaag hoog boven een licht verhoogde begane grond, is blijkens een keldergat links onderkelderd. De erfzijdegevel omvat van links naar rechts vier rechthoekige vensters, een dito deur en opnieuw twee vensters, vierkante zoldervensters boven de tweede, vijfde en (weliswaar wat meer naar rechts) zevende travee. De deur behield elegant oorspronkelijk houtwerk en een bovenlicht met roedeverdeling (midden-19de-eeuwse stijl); de twee linkse en twee rechtse vensters (dubbele, driepanelige vleugels, geen bovenlicht), alsook de zoldervensters behielden 19de-eeuws schrijnwerk, de twee vensters links naast de deur (dubbele vleugel, laag bovenlicht) werden naderhand vervangen; alle benedenvensters zijn voorzien van uniforme luiken.

De kopgevel-straatzijde, gedeeltelijk beschoten met kunstleien, is versteend en wit gekalkt boven een gepikte plint. Hier werden drie rechthoekige vensters ingebracht van een recenter type (tweevleugel, zonder roedeverdeling), beluikt in de stijl van de voorgevel. De achtergevel is gedeeltelijk versteend en omvat een gerecupereerde deur in een hardstenen omlijsting.

De stallingen omvatten enerzijds een brede vleugel, haaks ingeplant tegen een vakwerkwand in het verlengde van de achtergevel van het woonhuis, anderzijds een links daarbij aansluitend, korter vleugeltje. De erfzijdegevels, afgeboord met stoepjes, zijn voorzien van verschillende rechthoekige deurtjes en een enkel venster. Tegen de kopgevel van het parallelle stalletje is een pomp opgesteld.

De stallingen stonden oorspronkelijk met het woonhuis in verbinding; deze verbinding ging verloren omstreeks 1857. Van het verdwenen verbindingsstuk bleef nog een vakwerkwand bewaard, in het verlengde van de achtergevel van het woonhuis. De hoek tussen deze vakwerkmuur en de haakse stalvleugel is opgevuld met een bakstenen (versteend vakwerk?) dienstgebouwtje onder lessenaarsdak met Vlaamse pannen. De stalvolumes en de vakwerkmuur boorden een nevenerfje af, dat door een recent muurtje in betonblokken van het eigenlijke voorerf is afgezonderd.

Intern heeft het woonhuis een dubbelhuisstructuur, met een centrale gang en sequenties van vertrekken links en rechts. Deze indeling dateert uit de tijd dat het pand als dubbelwoonst in gebruik was en is mogelijk niet oorspronkelijk. De binnenafwerking is, op enkele deuren na, betrekkelijk recent.

Tuin

Rechts van het complex strekt zich een tuin uit en een haag, voor een deel nog een oude aanplanting van gele kornoelje, die de voormalige moestuin achter het huis omhaagde.

Het smeedijzeren poorthek is rood geschilderd en bestaat uit vierkant stijl- en regelwerk, ronde onderspijltjes en spijlen en wit geschilderde lanspunten. Het wordt beschaduwd door een taxus (Taxus baccata 'Fastigiata') en een seringenboom. Het erfje heeft een smalle kiezelstrook tegen de huisgevel.

De tuin wordt aan straatzijde gedeeltelijk afgeboord door een dwars bij het woonhuis aansluitend, versteend dienstgebouwtje (witgekalkt boven een gepikte plint en afgedekt door een zadeldak met mechanische pannen).

  • PAUWELS D., SCHLUSMANS F. met medewerking van Muyldermans E. & Rombouts J. 1999: Inventaris van het cultuurbezit in BelgiĆ«, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Tongeren, Kanton Borgloon, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 14N4, Brussel - Turnhout.
  • Onroerend Erfgoed, Digitaal beschermingsdossier DL002467, Wellen: 11 vakwerkhoeves en omgeving (S.N., 2007).

Bron     : -
Auteurs :  Agentschap Onroerend Erfgoed


Relaties

  • Is deel van
    Wellen
    Wellen (Wellen)

  • Is gerelateerd aan
    Boerenerfje met poorthek
    Overbroekstraat 56 (Wellen)

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: L-vormige hoeve [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/32547 (Geraadpleegd op 20-08-2019)