Parochiekerk Sint-Pieter en Sint-Paulus

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Antwerpen
Gemeente Mechelen
Deelgemeente Mechelen
Straat Keizerstraat
Locatie Keizerstraat 1, Mechelen (Antwerpen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Mechelen historische binnenstad (actualisaties: 01-01-2007 - 06-12-2007).
  • Adrescontrole Mechelen historische binnenstad (adrescontroles: 10-12-2007 - 10-12-2007).
  • Inventarisatie Mechelen historische binnenstad (geografische inventarisatie: 01-01-1982 - 31-12-1982).
Links

Juridische gevolgen

is beschermd als monument Parochiekerk Sint-Pieter en -Paulus

Deze bescherming is geldig sinds 25-03-1938.

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Parochiekerk Sint-Pieter en Sint-Paulus

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

omvat de bescherming als monument Parochiekerk Sint-Pieter en Sint-Paulus: sacristie en toegangspoort
gelegen te Keizerstraat 1 (Mechelen)

Deze bescherming is geldig sinds 02-05-1985.

Beschrijving

Voormalige jezuïetenkerk Sint-Franciscus Xaverius, heden parochiekerk Sint-Pieter en Sint-Paulus.

Historiek

De jezuïeten vestigden zich te Mechelen in 1611. Daartoe deden de Aartshertogen Albrecht en Isabella afstand van het paleis van Margareta van York, voor de inrichting van het noviciaat en college. De bestaande gebouwen bleken echter vlug te klein en nieuwe gebouwen werden opgericht. Een tekening van R. Blokhuyse in Sanderus' "Chorographia sacra Brabantiae, III", geeft ons een idee van het toenmalig kloostercomplex, met de verschillende gebouwen gegroepeerd rondom rechthoekige tuinen en binnenplaatsen.

Aan straatzijde: het voormalige Keizershof (uit het vierde kwart van de 15de eeuw), met aanleunend ten noorden de kapel van Onze-Lieve-Vrouw Onbevlekt Ontvangen opgetrokken in 1633; erachter het convent, voltooid in 1669; ten oosten het noviciaat, en ten westen de Sint-Franciscus Xaveriuskerk, opgericht 1670-1677.

In 1773 werd de jezuïetenorde door paus Clemens XIV opgeheven; goederen in 1774 verkocht, klooster in 1775 als krijgshospitaal ingericht. De meeste gebouwen op de kerk, kapel en Keizershof na, werden begin 19de eeuw gesloopt. Gronden opgekocht door het Bestuur der Burgerlijke Godshuizen, voor de bouw in 1854 van het Stedelijk Onze-Lieve-Vrouwziekenhuis.

Parochiekerk Sint-Pieter en Sint-Paulus

Barokkerk naar ontwerp van A. Losson, grotendeels geïnspireerd op de voormalige jezuïetenkerk van Ieper (zie Sanderus "Flandria Illustrata"). In 1670-77 opgericht dankzij het fonds van Marie Losson, oorspronkelijk bestemd voor de bouw van een tweede jezuïetenkerk te Antwerpen, ontworpen door haar zoon de jezuïet A. Losson. Plannen ingestuurd in 1657. Na het verzet en de weigering van het kapittel en magistraat van Antwerpen besloten de jezuïeten dit budget en ontwerp te gebruiken voor een kerk te Mechelen.

In 1670 eerstesteenlegging door Pater T. Dekens en Andreas en Antonius Losson. In 1675 eerstesteenlegging van het doksaal door pater Guilielmus Hesius. In 1677 eerste mis; in 1694 plechtige wijding. Geveltop pas in 1709 voltooid, maar niet volgens het oorspronkelijke plan van A. Losson dat een lagere geveltop met vleugelstukken en bekronend gebogen fronton met siervazen voorzag. In plaats daarvan bouwde men een halsgevel onder driehoekig fronton met rankwerkversiering, centraal beeld van Franciscus Xaverius en vier knielende figuren boven de pilasters, die alle verdwenen tijdens de Franse revolutie.

In 1778 ingericht als parochiekerk Sint-Pieter en Sint-Paulus ter vervanging van de oorspronkelijke Sint-Pieterskerk (Gerechtstraat), die later afgebroken werd. Van 1798-1802 door de Fransen omgevormd tot "Tempel der Rede". In 1830 werd de gevel hersteld. Restauratie van bedaking en gedeeltelijke vernieuwing van zandsteen vooral voor sokkels en omlijstingen (l980-1981), onder leiding van de architecten J. Poplemon en Lamberts Vlaminck. Aanbrengen van centrale verwarming en vernieuwing van bevloering vanaf 1981, onder leiding van architect E. Van Houtven.

Pseudo-basiliek met driebeukig schip van zes traveeën en een koor van één travee, uitlopend op een halfronde koorsluiting, zijbeuken met halfronde apsis, ten zuiden ingeschreven in de vierkante plattegrond van de zuidoostelijke toren onder klokvormige torenhelm. Twee traptorentjes op zeshoekige plattegrond leunen tegen de noordelijk georiënteerde apsis en toren aan. Afdekking door middel van een groot leien zadeldak, vernauwd en afgewolfd over het koor.

Zuidzijmuur, toren en koor opgetrokken uit baksteen met verwerking van zandsteen voor vensteromlijstingen, hoekblokken, lijsten...

Voorgevel en linkerzijmuur van zandsteen; bij laatstgenoemde gebruik van arduin voor omlijstingen.

Barokke westgevel van twee geledingen geritmeerd door pilasters en halfzuilen; belijnend gekornist hoofdgestel met fries tussen onderbouw en halsvormige top, onderbroken door een groot centraal venster. In de onderbouw, geaccentueerde travee-indeling, overeenkomstig de inwendige schikking; drie partijen gescheiden door kolossale composiete pilasters met halfzuil op hoge sokkel en afgelijnd door op elkaar gestelde composiete hoekpilasters. Brede middentravee doorgetrokken over de tweede geleding waar ze afgelijnd is door brede composiete pilasters met verdiepte schacht. Uitgewerkt portaal van hardsteen. Rondboogpoort in een geprofileerde omlijsting met neuten, imposten en sluitsteen; flankerende geringde pilasters en zuilen met composiet kapiteel onder entablement met gebogen fronton; mooi houtwerk. Erboven, arduinen rondboognis tussen langgerekte voluten met vruchtentrossen voorzien van Sint-Petrusbeeld, gesigneerd en gedateerd Jan van Arendonk, 1876. Daarbij aansluitend: groot getoogd venster in een geprofileerde arduinen omlijsting met sluitsteen en bekronende plantenmotieven onder een gebroken pseudo-fronton. Top gemarkeerd door gevelsteen met tekens I H S omgeven door stralenkrans; bekronend gebroken fronton met kruis tussen siervazen. Linker- en rechtertravee met rechthoekig zijportaaltje voorzien van geblokte rechtstanden, trapezoïdale sluitsteen en driehoekig fronton; erboven: bas-reliëfs, volgens L. Brouwers respectievelijk "Indische prins en prinses" in een uitgewerkte omlijsting met trofeeën en pseudo-fronton en rechthoekig venster in een geprofileerde omlijsting met oren, neuten en bekronend engelenkopje onder gebogen druiplijst met gestrekte uiteinden.

Zandstenen (noordelijke) en bakstenen (zuidelijke) zijgevel van zes traveeën geritmeerd door respectievelijk zandstenen en bakstenen pilasters, laatstgenoemde voorzien van zandstenen hoekblokken; getoogde vensters in een geprofileerde omlijsting van zandsteen onder druiplijst. Keldergat met trap in zesde travee van de zuidelijke zijmuur. Bakstenen koor. Overgang van halfronde koorsluiting naar polygonale bovenbouw door middel van brede boogfries op zandstenen consooltjes. Rondboogvensters met zandstenen rechtstanden en druiplijst; blinde middentravee. Slechts een zuidelijk rondboogvenster in de onderbouw; twee gedichte getoogde muuropeningen. Vierkante zuidoostelijke toren van drie geledingen gemarkeerd door hoeklisenen met zandstenen hoekblokken. Zuidmuur doorbroken door drie boven elkaar gestelde rondboogvensters in een zandstenen omlijsting. Bovenste geleding voorzien van rechthoekige venstertje ten oosten en westen en rondbooggalmgaten. Torenhelm met houten dakkapellen.

Interieur

Licht beschilderd interieur rijk voorzien van stucdecoratie en beeldhouwwerk. Pseudo-basilicale opstand. Verticaliserende ruimtewerking - quasi hallenkerktype, slanke zuilen, hoge zijbeuken.en eerder traditionele structuur - aansluitend bij de gotische bouwwijze - onder meer kruisriboverwelving - ; door toepassing van barokornamenten echter creatie van een synthese passend in de lijn van de ontwikkeling van Zuid-Nederlandse barok, doch zonder progressieve inbreng. Iets hogere middenbeuk met rondbooggarcades op zuilen met Korinthische inslag en twee halfzuilen; medaillons tussen guirlandes boven de sluitstenen; kruisribgewelven tussen brede gordelbogen met casementen en stucversieringen, welke aanzetten in de zwikken der scheibogen. Zijbeukwanden geritmeerd door Korinthisch getinte pilasters met beelden van apostelen op consoles welke aansluiten bij de basreliëfs der kruiswegstaties. Koor- en zijabsidiolen eveneens rijk versierd met stuc- en beeldhouwwerk.

Mobilair

Fraai barokmeubilair. Rijke verzameling barokschilderijen. Marmeren hoofdaltaar van het begin van de 18de eeuw; marmeren zijaltaren (eind 17de-eeuws) toegeschreven aan L. Fayd'herbe. Communiebank en preekstoel (eik) circa 1700 door H. F. Verbruggen; veertien biechtstoelen met mooi allegorisch beeldhouwwerk ingewerkt in de lambrisering van de zijbeuken, eik, 1683-1684, door N. Van der Veken, Lodewijk Willemsens en dergelijke; koorgestoelte, eik, uit de eerste helft van de 18de eeuw; doksaal, marmer, uit de tweede helft van de 17de eeuw; arduinen doopvont, uit de tweede helft van de 17de eeuw; orgelkast van 1712 naar ontwerp van Carolus Dillens; orgel in 1892-1893 getransformeerd door P. Schijven.

Sacristie

L-vormige aanbouw ten oosten van de kerk. Oorspronkelijk een huis met stal, door de jezuïeten opgekocht en in 1676 ingericht als sacristie. Een bouwlaag onder doorlopende verspringende zadelbedaking (Vlaamse pannen).

Ten noordoosten van het koor en nok parallel aan de Blokstraat: eigenlijke sacristie met voorsacristie. Zijde Blokstraat: verweerde bepleisterde lijstgevel op gepikte plint, aangepast in de loop van de 19de eeuw. Vier traveeën met centraal, licht vooruitspringend blind risaliet; gedeeltelijk gedichte rondboogvensters in geprofileerde omlijsting op imposten en arduinen lekdrempels. Bepleisterde bakstenen gevel van vier traveeën en uitzicht op binnenplaats: aangepaste getraliede rechthoekige vensters, rechthoekige deur in laatste travee.

Interieur

Gedeeltelijk bepleisterd en witgeschilderd: voorts bezet met fraaie eikenhouten lambrisering uit het eerste kwart van de 19de eeuw, met neo-renaissancemotieven en gelijkaardige rondboogvormige deuromlijstingen. Haaks op de sacristie: zuidoostelijk georiënteerde voormalige Kamer der Ornamenten, heden opslagruimte. Gevelzijde Blokstraat: bakstenen lijstgevel met steigergaten en bewaarde zandstenen muren negblokken, oorspronkelijk van vier traveeën: twee bewaarde rechter kruiskozijnen met diefijzers en kwartholle dagkanten onder gekoppelde ontlasting; muuropeningen links gedicht. Gevel aan binnenplaats van drie traveeën, gelijkaardig aan sacristie. Blinde zijpuntgevel.

Voormalige toegangspoort

Ernaast: voormalige toegangspoort tot het jezuïetenklooster. Zandstenen afsluitingsmuur van oorspronkelijk vier traveeën geritmeerd door vlakke pilasters. Twee rechtertraveeën in de 20ste eeuw vervangen door een poorttravee als ingang tot de Stadsschouwburg. Gedicht rechthoekig linkervenster, gevat in een arduinen geriemde omlijsting met oren en neuten. Fraaie barokke korfboogpoort uit de tweede helft van de 17de eeuw: geringde arduinen omlijsting op neuten, voorzien van sluitsteen en geprofileerde booglijst op voluten.

  • SANDERUS A., Choreographia sacra Brabantiae, deel III, 's Gravenhage 1927, p. 30.
  • BROUWERS L.S.J., De Jezuïeten te Mechelen in de 17de en 18de eeuw, Mechelen, 1977.
  • CONINCKX H., De bouw van de tegenwoordige St.-Pieter- en Pauluskerk te Mechelen, 1925, overdruk bulletin Handelingen van de Koninklijke Kring voor Oudheidkunde, Letteren en Kunst van Mechelen.
  • PLANTEGNA J.H., L'architecture religieuse du Brabant au XVIIe siècle, Den Haag, 1926.
  • HAMMENECKER H., De bouwgeschiedenis van de St.-Pieter- en Pauluskerk te Mechelen, verhandeling aangeboden tot het bekomen van de graad van licentiaat in de Oudheidkunde en de Kunstgeschiedenis (afdeling middeleeuwen, moderne tijden en hedendaagse periode), aan K.U.L., 1976.

Bron: Eeman M., Kennes H. & Mondelaers L. 1984: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Mechelen, Binnenstad, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 9N, Brussel - Gent.

Auteurs: Eeman, Michèle; Kennes, Hilde & Mondelaers, Lydie

Datum tekst: 1984

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Keizerstraat

Keizerstraat (Mechelen)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.