Parochiekerk Sint-Gorik

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Vlaams-Brabant
Gemeente Beersel
Deelgemeente Dworp
Straat Kerkstraat
Locatie Kerkstraat 53, Beersel (Vlaams-Brabant)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Beersel (actualisaties: 25-04-2006 - 25-04-2006).
  • Adrescontrole Beersel (adrescontroles: 26-06-2007 - 26-06-2007).
  • Herinventarisatie Beersel (Gebeurtenistypes: 02-03-2015 - 31-10-2017).
  • Inventarisatie Beersel (geografische inventarisatie: 01-01-1975 - 31-12-1975).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Parochiekerk Sint-Gorik met beschermd orgel

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

omvat de bescherming als monument Parochiekerk Sint-Gorik: orgel
gelegen te Kerkstraat 53 (Beersel)

Deze bescherming is geldig sinds 21-08-1979.

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Niet-georïenteerde neogotische kerk naar ontwerp van architect Ch. De Maeght uit 1894. Voorplein ten noorden van de kerk.

Historiek

Ingevolge de aanleg van de Alsembergsesteenweg (1826-1833), stond de oude kerk met een hoek in de steenweg. De kerk werd tevens te klein en bouwvallig bevonden. Er werd uitgekeken naar een locatie voor een nieuwe kerk. Handelaars in de buurt van de kerk protesteerden tegen de plannen doch de hogere overheid besliste anders en een nieuwe kerk voor 1500 personen werd opgetrokken op de huidige locatie.

De oudst bewaarde communicatie met de Koninklijke Commissie voor Monumenten over de bouw van een nieuwe kerk dateert van juli 1888. Op dat ogenblik hadden zowel de kerkfabriek als de gemeenteraad het project reeds goedgekeurd. De commissie stelde zich vragen bij de locatie van de kerk nabij een school, de constructie en stevigheid van de kerk, in het bijzonder van het gewelf, en de vormgeving van verschillende architecturale elementen. De kerk werd begroot op 131.700 frank. In augustus werden de gevraagde wijzigingen aan het ontwerp door architect De Maeght uitgevoerd en werden de plannen door de commissie goedgekeurd. Ter bekostiging van de kerk werd er onder andere rekening gehouden met een schenking van burgemeester graaf Raymond de Grez, de verkoop van de bouwmaterialen van de oude kerk en toelagen van het bisdom, de provincie en de Staat. In 1894 waren de bouwwerken voltooid.

Reeds in 1892 werd gedacht aan de nieuwe interieurinrichting. De commissie stelde toen voor de voorziene subsidie uit het kunstenfonds, 17.000 frank voor het hoogaltaar en de glas-in-loodramen, uit te betalen. De ontwerpen van het hoogaltaar door beeldhouwer Malfait werden in 1893 goedgekeurd. Dobbelaere uit Brugge ontwierp de glasramen. Op 4 april 1895 werden het altaar en de ramen geplaatst. Meteen keurde de commissie ook de communiebank goed die werd geschonken aan de kerk. De schenker wordt in het dossier niet vermeld.

In 1894 werd de kerk ingewijd. De oude kerk werd met gunstig advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten in 1901 gesloopt. Een nieuw gemeentehuis werd op die plaats opgetrokken.

De kerk staat ook bekend als bedevaartkerk voor de Heilige Laurentius van Rome waarbij water geput wordt uit de Sint-Laureisborre op Solheide. De kerk bewaart een oud beeld van de heilige die aangeroepen wordt tegen huidaandoeningen, vuur en brandwonden.

Beschrijving

Niet-georiënteerde, longitudinale kruiskerk met basilicale opstand, naar ontwerp van architect De Maeght uit Brussel. Het gebouw werd opgetrokken uit lokale baksteen met verwerking van blauwe hardsteen onder leien daken. De plattegrond vertoont een driebeukig schip van vier traveeën met een voorgebouwde toren geflankeerd door de doopkapel en rouwkapel, verder een transept van twee rechte traveeën met vlakke sluiting en een koor van vier traveeën met driezijdige sluiting. In de oksels tussen transept en koor werden éénlaagse zijkoren met vlakke sluiting opgetrokken en aansluitend twee kleine sacristieën.

Toren van vier geledingen, geritmeerd door waterlijsten, onder ingesnoerde naaldspits. Voorts gemarkeerd door verjongende, versneden hoeksteunberen. Het inkomportaal is rijkelijk vormgegeven met een hardstenen omlijsting onder wimberg en met een roosvenster. Hogerop een groot spitsboogvenster. In de derde en vierde geleding respectievelijk lichtgleuven en gekoppelde spitsbogige galmgaten.

In beide transepten uitspringende portalen met hardstenen omlijsting en balustrade. De traveeën worden over het hele gebouw geritmeerd door verjongende steunberen met hardstenen afzaten. De spitsboogvensters hebben witstenen maaswerk, in het transept zijn ze bekroond door hardstenen waterlijsten. De getraliede spitsboogvensters in de sacristieën hebben geen maaswerk.

Interieur

Witgeschilderd neogotisch interieur met spitsboogvormige scheibogen en schijntriforia. Verticaal geritmeerd door de zuilen, muurpijlers en bundelpijlers. De bakstenen kruisgewelven en straalgewelf in het hoogkoor, met natuurstenen ribben, zijn niet geschilderd. De vloer bestaat uit blauwe hardsteen. Het hoogkoor wordt opgedeeld door blind maaswerk met erboven spitsboogvormige glas-in-loodramen.

Mobilair

Het mobilair uit de afgebroken kerk werd in de nieuwe kerk geïntegreerd. Schilderijen: 'Onze-Lieve-Vrouw met kind' uit de 17de eeuw en 'Sint Dominicus ontvangt de rozenkrans' uit de 18de eeuw. In de sacristie een reeks obiits.

Beeldhouwwerken: Sint-Barbara, 16de eeuw afkomstig uit de Sint-Barabarakapel en Sint-Gaugericus en Sint-Laurentius uit de 18de eeuw.

Meubilair: Witstenen hoogaltaar met houten retabel naar ontwerp van beeldhouwer Malfait. Witstenen Maria-altaar met details in rode marmer en hardsteen. Art-decoaltaar ter ere van de Heilige Familie, opgetrokken uit zwarte marmer in combinatie met vier koperen heiligenportretten. In de doopkapel het altaarblad uit de afgebroken kerk. Preekstoel en vijf biechtstoelen uit de eerste helft van de 18de eeuw. Doopvont van omstreeks 1700.

Muurschilderingen: In het noordelijk zijkoor muurschilderingen met de voorstelling van de annunciatie en symbolen uit het oude en nieuwe testament. Op de achterwand van het zuidelijke zijkoor een schildering door A. Van Gramberen uit 1907, voorstellende de Heilige Familie. In de doopkapel een schildering van een doopscène door A. Vonk uit 1952, een schenking van de meisjesschool (opschrift).

De glas-in-loodramen in het koor zijn van de hand van Jules Dobbelaere uit Brugge en werden ontworpen in 1892. In de doopkapel, een glas-in-loodraam van de hand van glazenier Maurits Nevens voorstellende de twee patroonheiligen voor de jeugd.

Op het voorplein staat een Christus-Koningbeeld, dat werd opgericht in 1944 door de parochianen ter ere van het 25-jarige pastoorschap van pastoor L. Dupont. Het is een zandstenen sculptuur met onleesbare signatuur. Christus wordt op de klassieke wijze afgebeeld, gekroond, een scepter in de hand en met opgerichte rechterhand. Op de sokkel het opschrift Koning/ van vrede/ heersch/ over onze/ parochie.

  • Gemeentearchief Beersel, Gemeentearchief Dworp, Dossier (ver)bouw(ing) Sint-Gorikskerk.
  • Onroerend Erfgoed Vlaams-Brabant, Archief Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, Beersel-Dworp, dossier kerk van Dworp.
  • BRASSINE J. 1991: Beersel, onze 5 deelgemeenten op de drempel van de 20e eeuw, s.l.
  • NEVENS M. 2006: Iconografische ontleding van het grote kunstglasraam in de parochiale kerk van Dworp, En het dorp zal duren … 8.29, 25-33.
  • S.N. 1958: Geschiedenis van Huizingenen zijn kasteel, De Brabantse Folklore 138.
  • THEYS C. 1948: Geschiedenis van Dworp, Brussel.
  • VERBESSELT J. 1986: Verdwenen en verplaatste dorpscentra in Brabant, Eigen schoon en de Brabander 68.1-3, 1-26.

Bron: -

Auteurs: Mertens, Joeri

Datum tekst: 2017

Alle teksten

Relaties

maakt deel uit van Kerkstraat

Kerkstraat (Beersel)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.