Parochiekerk Sint-Christoffel

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Vlaams-Brabant
Gemeente Londerzeel
Deelgemeente Londerzeel
Straat Markt
Locatie Markt 33, Londerzeel (Vlaams-Brabant)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Londerzeel (actualisaties: 21-08-2006 - 21-08-2006).
  • Adrescontrole Londerzeel (adrescontroles: 17-07-2007 - 17-07-2007).
  • Inventarisatie Londerzeel (geografische inventarisatie: 01-01-1975 - 31-12-1975).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Parochiekerk Sint-Christoffel

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

omvat de bescherming als monument Parochiekerk Sint-Kristoforus: toren, daken en beuken
gelegen te Markt 33 (Londerzeel)

Deze bescherming is geldig sinds 12-03-1990.

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Inplanting in de nabijheid van de voormalige burcht, waaruit wordt afgeleid dat het oorspronkelijk om een eigen kerk ging. Afhankelijk van de abdij van Affligem, sinds de 12de eeuw.

De kerk - voornamelijk de toren en het schip - zou teruggaan tot de 13de eeuw, met bepalende veranderingen en vergrotingen uit de 16de eeuw.

In zijn huidige vorm, kruisbasiliek met zware vierkante westtoren tussen zijkapellen, een driebeukig schip van drie traveeën, uitspringende noord- en zuidtranseptarmen van twee traveeën en een ontwikkelde koorpartij van twee rechte traveeën en een vijfzijdige apsis; nagenoeg even diepe zuid- en noordzijkoren met driezijdige sluiting en aanleunende sacristie.

Zandsteenbouw in verzorgd verband. Rijzige westtoren, op elke hoek gestut door hoge, op elkaar gestelde steunberen waarover vier waterlijsten lopen; semi-hexagonaal traptorentje met lichtgleuven en latere semi-piramidale spits op de noordwestzijde

Oudere kern (13de eeuw?) aangegeven door het smal segmentboogvenstertje in de tweede geleding van de noordwand, bovenaan afgelijnd door smalle boogstenen; sporen van de scherpe zadeldakhelling (ongeveer 70°) van de vroegere kerk uit de 13de eeuw(?), bewaard op de oosttorenwand (tweede en derde geleding). Blijkbaar later klein venster met gestrekte latei in het derde register van de zuid- en noordgevels, in laatstgenoemde geflankeerd door een diep geprofileerd rondvenster (gedicht). Slanke spitsboogvormige galmgaten met Y-tracering - twee per wand - afgelijnd door de doorgetrokken waterlijsten die telkens langs de boogrug lopen; de bovenbouw van de toren werd door brand geteisterd in 1730 en 1855; duidelijke bouwnaad boven een rij steigergaten, ongeveer op 2/3 van de uurwerkplaat; een tiental zandsteenlagen, nieuwe steigergaten en kroonlijst op klossen onder de hoge ingesnoerde naaldspits (leien), daterend van circa 1898; hierdoor verdween de tweede klokkenverdieping en de omlopende balustrade.

Segmentboogvormig laatgotisch westportaal met gebogen beloop en doorgetrokken torus tussen geprofileerde en overhoeks uitgewerkte en duidelijke ingekaste rechtstanden; aansluitende afzaat van het eveneens ingekast spitsboogvormig westvenster met kwarthol beloop en een op verweerde figuurconsooltjes uitlopend archivolt; bekronende kruisbloem.

Aan de noord- en zuidkant, gevels van de zijkapellen en zijbeuken geritmeerd door een overhoekse steunbeer aan de westkant en drie rechte steunberen, alle het profiel van de sokkel volgend; waterlijst en kleine versnijding ter hoogte van de afzaat der geprofileerde spitsboogvensters en de omgebogen druiplijst erboven; afgeschuinde kop, ijzeren harnas en metalen roedeverdeling.

Uitstekende bovenmuren van de middenbeuk, met drie afgeschuinde stompe spitsboogvenstertjes. behorend tot de oorspronkelijke kerk(?); vernieuwd zadeldak, circa 1590.

Blijkbaar aangepaste transeptarmen gestut door op elkaar gestelde steunberen met driedubbele versnijding: verhoogde of herstelde(?) noord- en zuidpuntgevels: duidelijke bouwnaad hoogte van de schouderstukken; gewijzigde dakhelling. Ingekast spitsboogvenster met afgeschuinde dagkant. Metalen harnas en ruitvormige roeden zoals in het schip (19de eeuw). Ingekast spitsboogvenster in de west- en oostgevels.

Moeilijk te dateren koorpartij wegens wijzigingen en vermoedelijke restauratie(s), wat het geheel een neogotisch uitzicht geeft. Spitsvormige bovenvensters in de rechte koortraveeën met aanleunende zijkoren. Apsis gestut door middel van hoge en slanke steunberen met drie versnijdingen; opengewerkte bovenmuren (hoge onderbouw wegens lichte terreinhelling): smalle en hoge spitsboogvensters met afgeschuinde dagkant en afzaat: vernieuwde(?) of ingekaste omlijstingen met recente traceringen. Afgesnuit zadeldak. Zijkoren met ingekaste tweelichtvensters, en steunberen als in het (vernieuwde?) koor. Zandstenen sacristieën. Afgesnuite bedaking met flauwe helling.

Interieur. Onderaan opengewerkte toren, door een brede spitsboogarcade naar de middenbeuk, opgevangen door zware gebundelde zeilen met voetstukken en fraaie koolbladkapitelen met abacus; spitsbogen naar de zijbeuken, steunend op deze bundelzuilen en halfzuilen tegen de westmuur; verzorgde bakstenen kruisriboverwelving; het geheel blijkbaar als ondervernieuwing van de 16de eeuw indien de kern van de toren opklimt tot de 13de eeuw.

Middenbeuk geritmeerd door zware zuilen op achthoekig voetstuk met gelijksoortige kapitelen; zandstenen spitsboogarcaden en bakstenen overwelving op vrij smalle geprofileerde ribben; de overkluizing zou teruggaan tot de 16de eeuw en ook de opstand moet dan wellicht in ondervernieuwing zijn aangepast indien de kern teruggaat tot de 13de eeuw.

Analoge kruisriboverwelving van de zijbeuken, hier opgevangen door de middenbeukzuilen en halfzuilen tegen de noord- en zuidwanden. Spitsboogarcade naar de westkapellen en de transeptarmen.

Homogeen en rustige ruimte met een ietwat gedrongen karakter. De gebundelde pijlers van de kruising (westen) vertonen een bovenaan bepleisterde en beschilderde oosthalfzuil.

De door halfzuilen samengestelde oostpijlers vertonen hardstenen basementen en volledig bepleisterde en beschilderde schachten en kapitelen; zelfde patroon voor de halfzuilen van de transeptarmen en de zuilen van het koor en de zijkoren, die alle een soort van verslankte en verstarde nabootsing lijken van de 16de-eeuwse elementen. Beschilderde kruisriboverwelving in het transept en gelijksoortige overkluizing op bepleisterd en beschilderde (bakstenen) schalken met sokkel en bladkapitelen in het koor - ribben steunend op consoles in de zijkoren - waardoor de indruk wordt versterkt dat de hele oostpartij neogotisch zou zijn (aanpassing?).

Mobilair. Christophorus (18de eeuw); barokpreekstoel en -biechtstoel (zuidzijbeuk), (tweede helft 17de eeuw); régence getinte biechtstoelen (zuidzijbeuk), (circa midden 18de eeuw); Louis XVI-lambrisering (westwand) en doksaal, (vierde kwart 18de eeuw); neogotisch meubilair in koor- en zijkoren.

Bron: De Maegd C. & Van Aerschot S. 1975: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Vlaams-Brabant, Halle-Vilvoorde, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 2N, Gent.

Auteurs: De Maegd, Christiane & Van Aerschot, Suzanne

Datum tekst: 1975

Relaties

maakt deel uit van Londerzeel

Londerzeel (Londerzeel)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.