Pastorie Sint-Martinusparochie

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Vlaams-Brabant
Gemeente Meise
Deelgemeente Meise
Straat Brusselsesteenweg
Locatie Brusselsesteenweg 44, Meise (Vlaams-Brabant)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Meise (actualisaties: 22-08-2006 - 22-08-2006).
  • Adrescontrole Meise (adrescontroles: 17-07-2007 - 17-07-2007).
  • Herinventarisatie Meise (geografische herinventarisatie: 04-02-2015 - 31-03-2016).
  • Inventarisatie Meise (geografische inventarisatie: 01-01-1975 - 31-12-1975).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Pastorie

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is beschermd als monument Pastorie Sint-Martinusparochie

Deze bescherming is geldig sinds 20-02-1939.

Beschrijving

Pastorie in traditionele bak- en zandsteenstijl, bestaande uit twee aaneensluitende parallelle vleugels waarvan het oostelijke volume dateert uit de 17de eeuw en het westelijke uit de 18de eeuw. Grondige restauratie in 1902 naar de plannen van architect Jules Barbier, leerling van J.J. Van Ysendyck.

Historiek

Ten tijde van pastoor Stroobants (1578-1584) was de bestaande pastorie zeer bouwvallig en onbewoonbaar geworden, ten dele door beschadigingen tijdens de godsdiensttroebelen. Voortgaande op archiefstukken bewoonde de toenmalige pastoor De Boeck in het begin van de 17de, eeuw, meer bepaald in 1604, een pastorie die hij had opgetrokken; of het ging om een restauratie of een nieuw gebouw is niet duidelijk.

Christophorus Outers (1613-1647), abt van de norbertijnenabdij van Grimbergen, gaf in 1646 zijn goedkeuring voor herstellingswerken en de vergroting van de pastorie van Meise. De uitvoering van de werken gebeurde in 1648 onder abt Karel Fernandez de Velasco (1647-1665). Het betreft het oostelijke gedeelte van de vandaag nog bestaande pastorie. In 1730 werd de pastorie merkelijk uitgebreid met een parallelle westelijke vleugel, eveneens in traditionele stijl, en dit op initiatief van prelaat August van Eeckhout, wiens wapen met de lijfspreuk 'ministerium tuum imple' (vervul uw opdracht) zichtbaar is boven de achterdeur; de eerstesteenlegging gebeurde op 6 juni 1730.

Na de Franse revolutie werden de oorspronkelijke vensterkruisen uitgebroken en werd de pastorie bepleisterd en gewit. Naar het einde van de 19de eeuw bevond de pastorie zich opnieuw in een erbarmelijke toestand. In opdracht van de Commissie voor Monumenten moest de toenmalige pastoor Karel Van Daelem in 1902 de pastorie laten herstellen in haar oorspronkelijke toestand. De plannen werden opgemaakt door architect Jules Barbier, leerling van J.J. Van Ysendyck, zie gedenksteen in de straatzijde van de noordelijke omheiningsmuur van de voortuin ‘Ecclesiam ac presbyterium/ restauravit/ meque construxit architectus/ Barbier/ cura parochi Van Daelem’. Bij de eerste inventariscampagne in de jaren 1970 werden de restauratiewerken verkeerdelijk toegeschreven aan architect V. Dumortier die in dezelfde periode verantwoordelijk was voor de restauratie van de pastorie van Wolvertem; dit blijkt uit de briefwisseling van de KCML. Aan de tuinzijde zit een cartouche met het jaartal 1902, eveneens verwijzend naar de toenmalige herstellingswerken. De werken werden uitgevoerd door aannemer Goffin.

In 1902 besliste de gemeenteraad eveneens om de pas gerestaureerde pastorie te omgeven door een muur, aan de oostzijde, tegenover de kerk, een lage muur met daarop een ijzeren hek tussen pijlers. Deze muur, nog te zien op oude prentkaarten, werd aan de voorzijde afgebroken in de vroege jaren 1960 waarbij het voorste deel van de pastorietuin werd ingericht als parkeerruimte. De pastorie werd immers vanaf 1962 en dit tot 2008 gebruikt als gemeentehuis. De muur langs de August Van Doorslaerlaan bleef gedeeltelijk bewaard. Herstellingswerken werden uitgevoerd in de periode 1964-1968 onder leiding van architect A.G. Van Doren.

Beschrijving

De pastorie is ingeplant ten westen van de kerk en wordt omgeven door een tuin die grotendeels omgeven is door een muur. In de als siertuin aangelegde voortuin met geplaveide paden staat centraal een bronzen beeld op een bakstenen sokkel met hardstenen dekplaat, meer bepaald een buste van Jan-Baptist Van Gysel (1885-1956) weldoener van de gemeente en schenker van de beiaard in 1951. De buste is gesigneerd 'Debonnaires 1953'. Volgens J. De Cuyper gaat het om een replica van een beeld dat binnen stond in de tijd dat de pastorie werd gebruikt als gemeentehuis. De replica werd geplaatst naar aanleiding van de inhuldiging van de nieuwe beiaard. Langs de kant van de August Van Doorslaerlaan is het eerste deel van de omheiningsmuur uitgewerkt in kalkzandsteen, hier bevindt zich de gedenksteen die verwijst naar de restauratie van 1902. Hierop aansluitend is er een bakstenen muur op een hoge kalkzandstenen onderbouw die overgaat in een trapgeveltje met rondboogdeur. Ten westen van de pastorie gaat het om een eenvoudige bakstenen muur. Ten zuiden van de pastorie staan een aantal gepersonaliseerde beiaardbanken, zie straatinleiding.

Het vrijstaande volume van de pastorie heeft een rechthoekige plattegrond en is opgetrokken uit bak- en kalkzandsteen onder twee parallelle leien zadeldaken tussen zijtrapgevels. De kalkzandstenen plint is merkelijk hoger in het oostelijke volume. De oostvleugel telt vijf traveeën en twee bouwlagen. Hoewel de voorgevel een dubbelhuisopstand vertoont is die toch asymmetrisch uitgewerkt met getrapte dakkapellen (twee treden + topstuk) in de tweede en vierde travee. Kalkzandsteen werd zoals gebruikelijk in de traditionele bak- en zandsteenarchitectuur aangewend voor de onderbouw, kruis- of kloosterkozijnen en hun omlijstingen, speklagen, hoekkettingen en steigergaten. De monelen werden opnieuw ingebracht bij de restauratie van 1902 nadat ze in de loop van de 19de eeuw verwijderd waren. De benedenvensters zijn getralied. Rechthoekige deur met bolkozijn als bovenlicht. De dakkapellen hebben rechthoekige muuropeningen met lateiconsooltjes.

Vrij gesloten zijtrapgevels met als topstukken uitgewerkte schoorstenen; in de zuidzijde enkele kloosterkozijnen, terwijl de noordgevels volledig blind zijn met uitzondering van een klein rechthoekig venster en een blind kloosterkozijn; een duidelijke bouwnaad tussen het oostelijke en het westelijke volume verwijst naar de bouwchronologie.

De westelijke achtergevel sluit qua uitzicht min of meer aan op de voorgevel maar wordt gekarakteriseerd door een symmetrische uitwerking; omwille van de terreinhelling werd in de westvleugel een souterrain voorzien. De vensters zijn eenvoudig rechthoekig maar wel gevat in een kalkzandstenen omlijsting. Het souterrain wordt geopend door kalkzandstenen bolkozijnen; centraal bevindt zich een segmentboogdeurtje in een kalkzandstenen omlijsting met sluitsteen en geprofileerde waterlijst; het geheel wordt bekroond door de hoger vermelde gevelsteen met het wapen en lijfspreuk van prelaat August van Eeckhout, die bouwheer was van deze vleugel. Uiterst links bijkomend ingebrachte deur, vermoedelijk ter vervanging van een oorspronkelijk venster.

Interieur naar verluidt met bewaarde eiken trap en in de voorste kamer een schouw die zou dateren uit de bouwperiode (1648) evenals drie schilderijen toegeschreven aan Mathias Van Helmont (1623-1679).

Eenvoudig bakstenen tuinprieel op vierkante plattegrond onder leien tentdak, gelegen ten zuidwesten; het doorgaans 18de-eeuws gedateerd volume wordt geopend door rechthoekige muuropeningen onder hardstenen latei.

  • Onroerend Erfgoed Vlaams-Brabant, Pastorie Sint-Martinus, Archiefnummer 4813.
  • HEYVAERT J. 2005: Meise. Van oorsprong tot 1940, Meise, 128-132.
  • L.V.H. 1983: De Pastorij van St.-Martinus Meise, Berla 1, 4-7.

Bron: -

Auteurs: Kennes, Hilde

Datum tekst: 2018

Alle teksten

Relaties

maakt deel uit van Pastorietuin van de Sint-Martinusparochie

Brusselsesteenweg 44 (Meise)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.