De alexianen hadden zich te Tienen gevestigd sedert circa 1340. Na de verwoesting van hun eerste klooster, gelegen achter het refugium van Heylissem, werd hen de toelating verleend hun intrek te nemen in het "Oude Mannekens huys" van de Veldbornstraat. In 1660 werd het beheer van laatstgenoemde instelling overgedragen aan de cellenbroeders. De gebouwen werden grotendeels heropgericht in de 17de eeuw en uitgebreid tijdens de 18de eeuw. Samen met de andere ordes werd deze der alexianen opgeheven tijdens de Franse Revolutie; de goederen werden gesekwestreerd ten gunste van het Bestuur der Gasthuizen doch reeds in 1801 teruggeschonken aan de alexianen; de gebouwen werden toen ten dele opnieuw ingericht als weeshuis.
Van de bewaarde gedeelten dienen vermeld:
Kapel
Eénschepig gebouwtje met zandstenen parement (op de apsis na) opgetrokken in Louis XVI-stijl en gedagtekend 1773 op de sluitsteen van de toegangspoort. Classicistisch volume van het acht traveeën lang schip, geritmeerd door brede rondboogramen met een sterk uitspringende en geprofileerde sluitsteen.
Ruim interieur met composietpilasters, hoofdgestel en houten tongewelf met stucwerk, gedragen door opeenvolgende gordelbogen. Lelijke polychromie.
Mobilair. Op een langszijde, schilderijen uit de 18de eeuw die van de nog doorlevende Rubensiaanse invloed getuigen.
Kloostergebouwen
Rechts van de kapel, een gedeelte van de twee verdiepingen hoge kloostergebouwen daterend uit de tweede helft van de 18de eeuw. Baksteenbouw verrijkt met zandsteen. Fraai geprofileerde, doch ietwat gedrongen Louis XV-poort (ten dele opnieuw gebruikte en aangepaste elementen?). Huidige kloostergang aanleunend tegen de achtergevel van de kapel. De originele vleugel werd in 1956 naar rechts uitgebreid.