erfgoedobject

Landhuis Verhavert Stede met tuin

bouwkundig element
ID
44591
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/44591

Juridische gevolgen

Beschrijving

Zogenaamde "Cruysveltstede" of "Verhavert Stede" naar Bernardus Verhavert, griffier van de drie leenhoven van Buggenhout en de aanpalende dorpen.

Historiek

Achterin, nog grotendeels binnen een rechthoekige omgrachting ingeplant landhuis, gebouwd in 1660 door Pieter Van den Hove en Joanna Mortgat op de plaats van de abdijhoeve van de curtis, het bedrijfscentrum van Affligem, hier opgericht in 1129 op het "Cruysvelt", in de 15de eeuw vervangen door een pachthof. De bouwheer en zijn echtgenote stamden beide uit voorname families die in de loop der eeuwen stilaan het abdijgezag hadden overgenomen. Vermoedelijk werd P. Van den Hove eigenaar van de abdijhoeve, die gesloopt werd en vervangen door het landhuis van 1660. In de 18de eeuw wordt het huis bewoond door verschillende griffiers van het leenhof "Buggenhout-Bournonville" waaronder Bernardus Verhavert van 1739 tot 1785. Hij liet in 1750 de wal rond het huis graven uit veiligheidsredenen en om wateroverlast te beperken. Zijn woning werd de griffie en ontmoetingsplaats van alle plaatselijke hoogwaardigheidsbekleders waar de belangen van de drie leenhoven behartigd werden, een voorloper dus van het gemeentehuis. Vermoedelijk werd het huis hiervoor in deze periode ook uitgebreid aan de rechter zijde met twee traveeën en voorzien van de schijndakkapel. Nadien wordt het gebouw tot 1823 bewoond door zijn zoon, E.H. Carolus B. Verhavert, priester van het Oratorie. Van 1838 tot 1844 hadden de zusters maricolen van Dendermonde er een kostschool, dag- en zondagsschool opgericht voor meisjes waarvoor het gebouw aan de achterzijde uitgebreid werd. De opzet mislukte en de zusters verlieten Buggenhout in 1844. Nadien werd het landhuis nog herhaaldelijk verkocht en onder meer bewoond door de dorpsgeneesheer, de onderwijzer van de vrije jongensschool of door de boswachters van Buggenhoutbos, toen in het bezit van de hertog de Lévis-Mirepoix. Deze liet volgens het kadasterarchief in 1865 achteraan het huis paardenstallen bijbouwen en een vrijstaande schuur ten zuiden voor het huis. Laatste eigenaars zijn de familie Van Belle die het gebouw in 1919 grondig herstelden. De schuur is inmiddels verdwenen.

Beschrijving

Vrijstaande herenwoning in Vlaamse renaissancestijl opgetrokken in traditionele bak- en zandsteenstijl, op de deurlatei gedateerd "anno 1660". Oorspronkelijk gebouw van vijf traveeën en twee bouwlagen, vermoedelijk begin 18de eeuw (mogelijk 1708) uitgebreid met twee traveeën rechts, gemarkeerd door sierlijke ijzeren ankers. Afdekkend, achteraan gewijzigd zadeldak, thans gedekt met asbest-cementtegels in plaats van leien, afgewerkt met beraapte zijtrapgevels en aan de voorzijde doorbroken door een getrapte, eveneens beraapte schijndakkapel boven de middentravee. Voorgevel met hoge plint van kleine en grotere zandsteenblokken, zandstenen hoekkettingen en speklagen ter hoogte van de lateien en dorpels van de zandstenen kruiskozijnen met bewaarde ijzeren tralies en duimen van halve luiken op de begane grond. Aflijnende geprofileerde zandstenen waterlijst met pseudofrontons in plaats van ontlastingsbogen boven de deur en vensters, vermoedelijk aangebracht bij de 18de-eeuwse uitbreiding rechts en het aanbrengen van de dakkapel met blind rondboogvenster onder waterlijst geflankeerd door blinde oculi. Onderbroken, overstekende houten kroonlijst op modillons. Korfboogdeur in geprofileerde zandstenen omlijsting met imposten, zandstenen dorpel met jaartal “anno 1660” en bladranken; bolkozijn bovenlicht met glas in lood. Houten deur met ijzeren beslag.

Blinde linker zijgevel met bouwnaad en sporen van zandstenen hoekkettingen van het oorspronkelijke minder diepe gebouw zichtbaar door de afbladderende beraping. Rechter zijgevel met twee behouden en één verbouwd zandstenen kruiskozijn.

Huidige achtergevel van na de uitbreiding van circa 1840 met hergebruikte zandstenen kruiskozijnen met ijzeren tralies en nieuwe ontlastingsboogjes van gesinterde baksteen, verplaatste deur en één vergroot venster.

Interieur: gang met begin 20ste–eeuwse cementtegelvloer en trap, bewaarde lage eikenhouten paneeldeuren naar de oorspronkelijke kamers links en rechts. Linker kamer met geschilderd stucplafond met centrale versierde moerbalk op voluutconsoles en panelen met jaartal 1708 (mogelijke datum van verbouwing) en 1946 (huwelijksdatum van de eigenaars Gerard Van Belle en Maria Arts) en geschilderde wapenschilden met vergulde leeuwen. Vensters met bewaarde binnenluiken. Nieuwe vloer en schouwmantel. Rechter kamer aangepast met cementtegelvloer en deur naar de in de 18de eeuw toegevoegde “griffiekamer” met hoger gelegen vernieuwde rode tegelvloer en bewaarde balklaag met versierde moerbalk op zandstenen consoles. In de muur ingewerkte ruime wandkast geflankeerd door deuren. In de keuken achteraan, open haard met gerecupereerd (?) materiaal en haardbalk met jaartal 1660.

Haaks tegen de achtergevel, aan de oostzijde werden volgens het kadasterarchief in 1865 paardenstallen aangebouwd. Verankerd witgekalkt gebouw met één bouwlaag onder pannen zadeldak geritmeerd door vier blinde korfboognissen. Armpomp met gemetst waterbekken tegen de eerste travee.

Aan drie zijden behouden omgrachting (zuidzijde bij de straat gedempt) met behouden gemetst boogbrugje en fraai smeedijzeren toegangshek.

  • Vlaams ministerie van Ruimtelijke Ordening, Wonen en Erfgoed, Agentschap Ruimtelijke Ordening Vlaanderen, Ruimtelijke Ordening Oost-Vlaanderen, Onroerend erfgoed, archief.
  • BOEYKENS G., Bijdrage tot de geschiedenis van Buggenhout, Buggenhout, 1970, p. 32-33.
  • DEVOS P., De gemeentehuizen van Oost-Vlaanderen, Gent, 1982, p. 202-207.
  • SERVAES P. - TILLEY J., Moesten de muren kunnen praten… Rond de historiek van een gebouw uit 1660, (1, 2, 3, 6, 5), Heemkring Buggenhout vzw Ter Palen, X, 4, 1986, p. 158-168; XI, 1, 1986, p. 23-29; XI, 2, 1987, p. 55-61, XI, 3, 1987, p. 107-112; XI, 4, 1987, p. 157-161.
  • SERVAES P., Erfgoed, Heemkring Ter Palen, Buggenhout, 1998, nummer 92.

Bron: BOGAERT C., DUCHÊNE H., LANCLUS K. & VERBEECK M. 2006: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Oost-Vlaanderen, Gemeenten: Berlare, Buggenhout, Lebbeke, Waasmunster, Hamme en Zele, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 20n, onuitgegeven werkdocumenten.
Auteurs: Bogaert, Chris
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)

Aanvullende informatie

Het landhuis wordt binnen de omwalling omgeven door een tuin, waarin zich de paardenstallen bevinden. De tuinaanleg maakt deel uit van het oorspronkelijk historisch ensemble, dat een voorbeeld van een omwalde herenwoning vormt.

  • Onroerend Erfgoed Oost-Vlaanderen, Beschermingsdossier DO000952, Verhaeverts Stede (H. Van Den Bossche, 1995).
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)

Relaties


Je kan deze pagina citeren als: Inventaris Onroerend Erfgoed 2024: Landhuis Verhavert Stede met tuin [online], https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/44591 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Agentschap Onroerend Erfgoed

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.