erfgoedobject

Landhuis

bouwkundig element
ID: 46724   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/46724

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Landhuis
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

Heden zogenaamd Heerle's Hof. Achterin gelegen landhuis (nummer 3) met personeelswoning (ummer4), hoeve (nummer 5) en stallingen, opklimmend tot het derde kwart van de 19de eeuw; gelegen in een uitgestrekt domein bestaande uit een park met vijver, omgeven door weiland, dennen- en loofbossen en doorkruist met dreven; diverse toegangsdreven. Toebehorende kapel op grondgebied Meerle, zie Paddegracht.

E. Jacquemyns (1806-1874), scheikundige in de katoenfabriek van de familie Voortman uit Gent (Meerle, Ulicotenseweg nummers 54-56, 57), werd midden 19de eeuw grootgrondbezitter van een uitgestrekt heidegebied van circa 1300 hectare op Meerle en Minderhout, voordien eigendom van de hertogen van Salm-Salm. Een deel van deze "Schor of Schoorsche Heyde" liet hij ontginnen tot vruchtbare landbouwgrond en bossen; tevens werd circa 1850 in het gebied de "Briqueterie et Tuileries de Heerle Minderhout" opgericht, deze was gelegen ten westen van de toegangsdreef Heike. Voor zijn werkvolk liet hij, verspreid over zijn domein, kleine woningen oprichten waarvoor hij op een bouwtentoonstelling van 1867 te Parijs een eervolle vermelding kreeg; circa 1870 zouden er reeds een veertigtal van dergelijke modelwerkmanswoningen op de eigendom van de Jacquemyns gestaan hebben. Bewaarde exemplaren bevinden zich nog te Meerle, Heerle nummers 60-62 en te Minderhout, de zogenaamde Vier Uitersten, Heerle nummers 36, 42.

Het landhuis met aanhorigheden dateren, volgens kadastergegevens, van circa 1863 en 1870 (uitbreidingsfase). Een faillissement in de familie Jacquemyns-Rolin leidde tot een grote verkoop in 1891; een groot deel van de eigendom met diverse aanhorigheden kwam in 1905 in handen van de familie A. Stas de Richelle. Volgens de kadasterschetsen werden in de loop van het derde kwart van de 19de eeuw - eerste kwart van de 20ste eeuw zowel het landgoed met bijgebouwen als de nabijgelegen fabriekssite gestadig uitgebreid en verbouwd onder meer de fabriek circa 1872, circa 1905 en circa 1923-1924. Ten tijde van de crisis in het tweede kwart van de 20ste eeuw werd de nijverheid stilgelegd; tijdens de Tweede Wereldoorlog werden de fabrieksgebouwen zwaar beschadigd; in het derde kwart van de 20ste eeuw werd op Heerle nummer 11 een nieuwe steenfabriek (Desta) opgericht. Het enige restant van de voormalige fabriek is het ter hoogte van Heike nummer 1 gelegen bedrijfsgebouw (machinehal) uit het eerste kwart van de 20ste eeuw: L-vormig bakstenen gebouw onder pannen zadeldaken met segmentbogige muuropeningen; aanpalende hangars onder hellende daken van golfplaten; een bewaarde arduinen steen met inscriptie "J.F.DS. 1869", verwijst nog naar Jan Frans Desmedt, beheerder van de goederen van de familie Jacquemyns-Rolin. De vijver nabij Heerle nummer 42 gaat vermoedelijk terug op een kleiput.

Landhuis. Rechthoekig volume van drie op zeven traveeën en twee bouwlagen onder schilddak (nok parallel aan de straat, mechanische pannen) met recente dakkapellen en dakvensters, opklimmend tot circa 1863. In de jaren 1870 zowel zuid- als noordgevel vergroot met centrale uitbouw; in de loop van de eerste helft van de 20ste eeuw werd de zuidgevel diverse malen verbouwd, zie in linker uitbouw arduinen gevelsteen "Et. Stas de Richelle 1924"; recentere wijzigingen/aanpassingen in het vierde kwart van de 20ste eeuw.

Beschilderde en/of gecementeerde bakstenen lijstgevels op dito plint; geprofileerde bakstenen daklijst onder houten kroonlijst. Smalle oostelijke voorgevel met dubbelhuisopstand; middenrisaliet met inkom namelijk een beglaasde vleugeldeur met een als wapenschild uitgewerkte sluitsteen; decoratieve uitwerking met pilastermotieven onder meer pilasters met verdiepte panelen; kordonvormende lijsten of lekdrempels. Westgevel met gelijkaardige gevelgeleding. Lange noordgevel met gecementeerd middenrisaliet van drie traveeën waarvan de opengewerkte uitbouw van één bouwlaag onder afgewolfd dakje en met aansluitend bordes teruggaat op een vroegere veranda met daarboven een balkon. Zuidgevel met diverse uitbouwen van één tot twee bouwlagen onder plat dak. Segmentbogige (blinde) muuropeningen met bekronende waterlijst; arduinen lekdrempels; op de begane grond destijds beluikt; vernieuwd houtwerk.

Interieur. Brede gang (parallel aan de noord- en zuidgevel) met houten lambrisering en dito (vleugel)deuren met paneeldecoratie en koperen klinken, eindigend op traphal; brede houten bordestrap met zware trappaal; vernieuwde vloer. Huidige eetkamer met bewaarde aankleding: beschilderde houten lambrisering en dito (vleugel)deuren met paneelwerk; marmeren schouwmantel waarboven fraaie houten kader in rococostijl met blind paneel (vroeger schilderwerk?) en spiegel; eiken parketvloer; plafond met sober lijstwerk.

Stallingen. Langgestrekt volume onder (afgewolfde) zadeldaken (nok parallel aan de straat), gebouwd in twee fasen circa 1863 en circa 1870. Bestaande uit een hogere schuur van vijf traveeën met afhang ten zuiden en paardenstallen van zeven traveeën met afhang op standvinken ten noorden. Beschilderde bakstenen gebouwen op gecementeerde en beschilderde plint; schuur en paardenstallen verankerd. Aanpassingen en verbouwingen circa 1950 en circa 1986, bijvoorbeeld sterk verbouwd gedeelte, heden een overdekt zwembad, met segmentbogige doorgang dat door middel van tussenbouw onder plat dak verbonden is met het landhuis.

Personeelswoning. Dubbelhuis van vier traveeën en twee bouwlagen van circa 1863 met lagere annex van drie traveeën en één bouwlaag van circa 1870; manke zadeldaken (nok parallel aan de straat, Vlaamse pannen); aanbouw onder lessenaarsdak. Beschilderde baksteenbouw op gecementeerde en beschilderde plint. Segmentbogige muuropeningen; vensters met arduinen lekdrempel, op de begane grond oorspronkelijk beluikt, op de bovenverdieping met paneeldecoratie en bekronende kordonvormende waterlijst.

Hoeve. Circa 1863 gebouwd en circa 1870 uitgebreid tot een quasi gesloten geheel; in het eerste en derde kwart van de 20ste eeuw diverse onderdelen afgebroken, zie de resterende bouwnaden, bewaarde fundamenten, en zo meer. Woonhuis van negen traveeën en één bouwlaag onder afgewolfd zadeldak (nok loodrecht op de straat, Vlaamse pannen); een vervallen aanbouw onder zadeldak aan de westgevel, sporen van een aanbouw aan de oostgevel; aanpalend parallel gelegen lager schuurtje van vijf traveeën onder afgewolfd zadeldak. Ten zuidwesten karrenhuis van heden drie traveeën onder wolfsdak (nok loodrecht op woonhuis, Vlaamse pannen). Woning: noordelijke kopgevel met steunbeer, rechthoekige en rondbogige muuropeningen; oostgevel decoratief uitgewerkt met kordonvormende waterlijsten en kwartbolle daklijst van gesinterde steen; segmentbogige muuropeningen, in westgevel twee opkamervensters boven dito keldervensters. Karrenhuis, deels met beschieting, deels van baksteen; ankerbalkgebinte, in zuidmuur verankerd. Waterput op achtererf.

  • Kadaster Antwerpen, Mutatieregisters Minderhout, schetsen 1863/23, 1870/15, 1872/5, 1871/4, 1873/4, 1923-24/8, 1942/11, 1950/18, 1986/29.
  • Provinciaal Archief Antwerpen, V.I., Minderhout, dossier 1.

Bron     : De Sadeleer S. & Plomteux G. 2002: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Antwerpen, Arrondissement Turnhout, Kanton Hoogstraten,  Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 16N4, Brussel - Turnhout.
Auteurs :  De Sadeleer, Sibylle
Datum  : 2002


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Landhuis [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/46724 (Geraadpleegd op 27-09-2020)