Gesticht L.J.J. Somers en Godshuis Isenbaert-De Boey

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Antwerpen
Gemeente Antwerpen
Deelgemeente Antwerpen
Straat Wolstraat
Locatie Wolstraat 31, Antwerpen (Antwerpen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Antwerpen (actualisaties: 05-01-2006 - 05-01-2007).
  • Adrescontrole Antwerpen (adrescontroles: 23-07-2007 - 23-07-2007).
  • Herinventarisatie stad Antwerpen (geografische herinventarisatie: 10-02-2010 - 31-12-2018).
  • Inventarisatie Antwerpen (geografische inventarisatie: 01-01-1976 - 31-12-1992).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Gesticht L.J.J. Somers en Godshuis Isenbaert-De Boey

Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019.

is beschermd als monument Godshuis Gesticht L.J.J. Somers

Deze bescherming is geldig sinds 17-07-1981.

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Complex van gebouwen met een traditionele kern gegroepeerd rond twee binnenplaatsen, die minstens opklimmen tot de 17de eeuw. Zij huisvestten de godshuizen Gesticht L.J.J. Somers en Isenbaert-De Boey respectievelijk opgericht in 1895 en 1928.

Historiek

Het Gesticht L.J.J. Somers met eenentwintig plaatsen voor echtparen en twee voor vrouwen, werd in 1895 opgericht door het Bestuur der Burgerlijke Godshuizen, naar aanleiding van een gift door de koopman Louis Jean Joseph Somers (Berchem,1823-Antwerpen,1895). Deze liet bij testament twee huizen na in de Wolstraat op voorwaarde dat er een liefdadige instelling werd gevestigd. Het Godshuis Isenbaert-De Boey, bestemd voor voor zes vrouwen en negen echtparen, werd opgericht door de Commissie van Openbare Onderstand in 1928, na aankoop van het aanpalende hotel Ommeganck, later Mathot, met bijgebouwen in de Coppenolstraat. De naam van het godshuis verwijst naar de weduwe Isenbaert-De Boey, van wie de Commissie in 1914 een belangrijke schenking had ontvangen. Beide instellingen werden vervolgens samengevoegd tot één geheel.

Architectuur

Hoofdgebouw. Voorname rijwoning met dubbelhuisopstand in neoclassicistische stijl, volgens de bouwaanvraag uit 1845 opgetrokken in opdracht van de heer Jongeneelen-Somers. Het betrof vermoedelijk de verbouwing van twee vroegere diephuizen met een traditionele, minstens 17de-eeuwse kern Uit het bouwdossier vallen ontwerper noch aannemer af te leiden. Het gebouw omvat vijf traveeën en drie bouwlagen onder parallelle schilddaken (nok loodrecht op de straat, pannen en leien). De bepleisterde en beschilderde lijstgevel met op de begane grond schijnvoegen die uitstralen boven de vensters, rust op een plint uit blauwe hardsteen. Geleed door de puilijst en axiaal-symmetrisch van opzet, wordt de middenas gemarkeerd door de rechthoekige koetspoort. De geprofileerde, hardstenen omlijsting met neuten, wordt bekroond door een fries met de inscriptie: “GESTICHT L.J.J. SOMERS” en een gestrekte waterlijst. Verder beantwoordt de opstand aan een regelmatig ordonnantieschema, opgebouwd uit registers van rechthoekige vensters. De bovenvensters zijn gevat in geriemde omlijstingen, op de bel-etage vanaf de puilijst, voorzien van gietijzeren parapetten met een meanderpatroon, en in de middenas geaccentueerd door een gestrekte waterlijst. Op de lagere tweede verdieping onderscheiden de vensters zich door lekdrempels op voluutconsoles. Een klassiek hoofdgestel samengesteld uit een gelede architraaf, een vlakke fries en een houten kroonlijst op klossen vormt de gevelbeëindiging. Het houten schrijnwerk van de poort met radiale waaiers en de vensters is bewaard, evenals de gebogen, smeedijzeren traliehekken van de pui.

Bepleisterde en beschilderde achtergevel van drie traveeën en drie bouwlagen, geopend door rechthoekige vensters met lekdrempels op consoles op de eerste en paneelwerk op de tweede verdieping. Beglaasde vleugeldeur met metalen roeden.

Het hoofdgebouw word links geflankeerd door een diephuis met traditionele, minstens 17de-eeuwse kern, dat in de eerste helft van de 19de eeuw in neoclassicistische stijl werd aangepast met een lijstgevel. Het maakte deel uit van de schenking Somers, en werd in 1896 door het Bestuur der Burgerlijke Godshuizen met het hoofdgebouw verbonden, onder meer door het aanpassen van de pui. Met een gevelbreedte van drie traveeën, omvat het pand drie bouwlagen onder een afgesnuit zadeldak (nok loodrecht op de straat, pannen). Gedecapeerde lijstgevel met verkleinende registers van rechthoekige vensters op individuele en cordonvormende lekdrempels, en een hardstenen, vroegere deuromlijsting. Achtergevel: puntgevel met aandak.

Binnenplaatsen. Het hoofdgebouw vormt de zuidzijde van een eerste, vierkante binnenplaats, die ten noorden toegang biedt tot een tweede, rechthoekige binnenplaats. Beide binnenplaatsen worden omringd door in 1922 ingrijpend gerestaureerde vleugels in traditionele bak- en zandsteenstijl van twee bouwlagen onder leien zadeldaken. De opstanden rusten op een kwarthol geprofileerde natuurstenen sokkel, zijn gemarkeerd door waterlijsten, speklagen, steigergaten en een geprofileerde daklijst, en verankerd door smeedijzeren muurankers waaronder met gekrulde spie. Registers van gereconstueerde kruiskozijnen met kwarthol geprofileerde negblokken, druiplijsten en glas-in-loodramen.

Eerste binnenplaats. De westvleugel van vijf traveeën en twee bouwlagen onder een zadeldak, wordt bekroond door twee getrapte dakkapellen uit witte natuursteen, van drie treden met een overhoeks topstuk. Op de begane grond, een drielichtskozijn in de eerste travee, en toegangsdeuren in de tweede en vijfde travee. De eerste heeft een gestrekt middenkalf op korbelen en een gedeeld bovenlicht, de tweede is getoogd met een spiegelboogige waterlijst op consoles. Achter deze vleugel strekt zich een parallelle vleugel met puntgevel uit, die paalt aan de vroegere binnenplaats van het hotel Ommeganck. Een doorlopende rondboogarcade uit de 17de eeuw markeert de noord- en oostzijde van de binnenplaats. Uitgevoerd in blauwe hardsteen, is deze samengesteld uit geprofileerde archivolten met diamantsluitsteen op zes Toscaanse zuilen.

De noordvleugel van twee traveeën en twee bouwlagen onder een zadeldak, wordt geopend door drielichtskozijnen, en een rondboogdoorgang met een geprofileerde waterlijst op gestrekte uiteinden.

Tweede binnenplaats. Het westelijk deel dat behoorde tot het Godshuis Isenbaert-De Boey, werd tot 1928 door een muur gescheiden en het oostelijk deel van het Gesticht L.J.J Somers.

In de zuidvleugel wordt de rondboogdoorgang gemarkeerd door een geprofileerde, natuurstenen waterlijst op een gestrekt uiteinde en een console. De flankerende trapgevel van drie traveeën en twee bouwlagen, hoort bij de westvleugel van de eerste binnenplaats. Deze heeft een geveltop van negen treden, met een bekroning en overhoeks topstuk uit natuursteen, De tweeledige top wordt in het eerste register geopend door een rechthoekig drielicht, waarvan het lagere middenluik zich onderscheidt door een latei op korbelen. Een rechthoekig luik met druiplijst en een hijsbalk doorbreken de topgeleding. Hierbij sluit een bepleisterde en beschilderde lijstgevel aan, van vier traveeën en drie bouwlagen, met rechthoekige vensters op lekdrempels en een kroonlijst. Het betreft een 19de-eeuwse aanpassing van een oude kern.

De oostvleugel telt vier ongelijke traveeën en twee bouwlagen onder een zadeldak met afgewolfde dakkapellen. In derde travee, rondboogdeur met een sluitsteen en waterlijst op gestrekte uiteinden, bekroond door een ovaal bovenlicht.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 1845#368 en 1896#339.

Bron: -

Auteurs: Braeken, Jo

Datum tekst: 2019

Alle teksten

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Wolstraat

Wolstraat (Antwerpen)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.