Parochiekerk Sint-Martinus

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Lebbeke
Deelgemeente Denderbelle
Straat Dorp
Locatie Dorp zonder nummer, Lebbeke (Oost-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Lebbeke (adrescontroles: 25-04-2008 - 28-04-2008).
  • Inventarisatie Lebbeke (geografische inventarisatie: 01-09-2000 - 31-07-2001).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Parochiekerk Sint-Martinus

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is beschermd als monument Parochiekerk Sint-Martinus

Deze bescherming is geldig sinds 22-10-1975.

Beschrijving

Over de vroege geschiedenis van de parochie en de aanvankelijke kerk is slechts weinig gekend. De parochie zou een afsplitsing zijn van de Sint-Martinusparochie van Moorsel in het Denderdomein van de abdij van Lobbes, mogelijk van in de 9de of 10de eeuw. Bij gebrek aan een grondig bouwhistorisch en archeologisch onderzoek is de voorgeschiedenis van het huidige kerkgebouw nog niet volledig achterhaald. De oudste bekende vermelding van de parochie dateert van 1227, voor de kerk van 1232. Uit een aantal kerkrekeningen, iconografisch materiaal en resterende bouwsporen is er informatie voorhanden over diverse verbouwingen die sinds de 16de eeuw plaatsvonden. Toch blijft er nog onduidelijkheid bestaan over bepaalde transformaties van de kerk. Zo is de huidige middenbeuk met zware, thans doorbroken muren misschien nog de restant van een eenbeukig romaanse of vroeg-gotische bidplaats van vier traveeën, mogelijk uitgebreid met een transept, waarvan sporen terug te vinden zijn in het gebouw. Het laatgotische koor zou, zoals aangegeven op een jaarsteen, in 1539 gebouwd of vernieuwd zijn. Volgens De Potter werd na de vernielingen van de beeldenstorm dit koor en het Sint-Martenskoor in 1589 voorzien van een nieuw eikenhouten gewelf. Werken aan de kerk in 1594, onder meer aan het Onze-Lieve-Vrouwkoor. In 1600 werd een nieuw schaliëndak gelegd. De Sint-Martensbeuk of zuidelijke zijbeuk, opgetrokken in bak- en zandsteen zou in 1642 gebouwd zijn. De oudste afbeelding van de kerk, in een uitgave van Maestertius van 1646, laat een gotisch kerkje zien met vierkante westtoren, schip van vier traveeën, een laag transept (?) en uitspringend hoogkoor. De bijhorende tekst vermeldt: "De kerck is seer out. De choor is nieut oft herbout inden iaere 1539, gelijck den steen uytwijst die naer den Oosten inden muer staet". Een kaart van 1737 illustreert een kerkje van vier traveeën met zeshoekig klokkentorentje, en een hoogkoor van twee traveeën met aanleunende kleine sacristie. In de loop van de 18de eeuw (vooral in de jaren 1771-1777) veranderde het schip zowel inwendig als uitwendig sterk van uitzicht, zo werden onder meer de voorgevel, zijvensters, toren, sacristie én het interieur gewijzigd. Sint-Martensbeuk overwelfd in 1743, de middenbeuk in 1749 en 1774 (zie jaarsteen op de gordelboog en boven de spitsboog van het koor). Sacristie vernieuwd in 1771 (jaarsteentje boven middenvenster). Voorgevel uitgevoerd volgens plan van 1776, werd eind 19de eeuw afgebroken bij de uitbreiding van de kerk naar het westen met één travee. Bij deze verbouwing (1896-1897), naar bewaarde plannen van 1895 door architect Clement Sterck (Dendermonde), verkreeg de kerk een nieuwe voorgevel in neogotische stijl. Aanbouw in 1830 aan de noordzijde van een kleine berging. In de periode 1975-1983 hadden grondige restauratiewerken plaats onder leiding van het architectenbureau Adrien Bressers (Gent).

Georiënteerde dorpskerk centraal ingeplant op het dorpsplein, voorheen omgeven door een ovaal ommuurd kerkhof, dat sinds 1929 verplaatst is naar de Visstraat. De kerk vertoont een driebeukig schip van vijf traveeën verenigd onder één zadeldak met vierkante klokkentoren boven de oostelijke travee, voorafgaand aan een koor van twee traveeën met driezijdige sluiting. Sacristie in zuidoosthoek en kleine vierkante berging aanleunend in het noorden.

Grotendeels opgetrokken uit zandsteenblokken in regelmatig verband, baksteen verwerkt in een deel van de noordgevel, in de zijgevel van de sacristie en overwegend in de jongere voorgevel. Leien dakbekleding op het zadeldak van het schip, het hoger opgaande steile zadeldak van het koor. Vierkante toren op de vroegere kruising en zijn achthoekige naaldspits, volledig met leien bekleding. Rechthoekige galmgaten en twee uurwerkplaten, spits met bekronend kruis, vergulde bol en weerhaan.

Neogotische westgevel op een hoge plint van grijze kalkzandsteenblokken met smeedijzeren sierankers. Centraal uitspringend poortrisaliet, eindigend op een puntgevel op schouderstukken en met bekronend topkruis. Verticale ordonnantie gemarkeerd door hoekkettingen. Spitsboogportaal voorafgegaan door een trap, vijf arduinen treden, afgeboord met neogotische ijzeren leuningen. Geprofileerde portaalomlijsting onder waterlijst, een omlijst spitsboognisje met driepastracering, en hoog tweeledig spitsbogig bovenvenster met neogotische tracering. Een gelijkaardig venster in de beide zijtraveeën.

Links van de deur, hardstenen oorlogsgedenkplaat voor de helden van de Eerste Wereldoorlog, geplaatst in 1922. Links tegen de voorgevel: hardstenen roepsteen met afgeronde dekplaat op verhoog.

Noord- en zuidgevel van vijf traveeën, met één neogotisch spitsboogvenster in de toegevoegde eerste travee, aan de noordzijde met jaarsteentje "1897" boven het venster, arduinen grafteken tussen eerste en tweede travee. In beide zijgevels voorts vier getoogde vlak omlijste vensters met oren, dropmotief en bekronende waterlijst. Zuidgevel boven de vensteraanzet deels in baksteen met speklagen; vijfde travee gemarkeerd door versneden steunberen, samen met de muur opgetrokken van kleinere zandsteenblokken, mogelijke rest van vroeger transept. Bakstenen halve puntgevel met muurvlechtingen zichtbaar boven het dak van de sacristie. Hoogkoor gestut door zware steunberen met dubbele versnijding, thans nog vijf zichtbare spitsboogvensters onder waterlijst, in de sluiting met gotische tracering en neogotische glasramen. Tegen de zuidzijde aanleunende sacristie van drie traveeën met zandstenen parement en plint, getoogde omlijste getraliede vensters onder waterlijst, boven het middenvenster, jaarsteentje "1771". Geprofileerde zandstenen kroonlijst en afdekkend steil leien lessenaarsdak die de twee vroegere vensters van het koor verstoppen. Zijgevel deels uit zandsteenblokken, deels van bak- en zandsteen, afgewerkt met muurvlechtingen; daartegen geplaatste arduinen graftekens. Koorhoofd met op de muur geschilderde calvarie onder zinken afdak, afgesloten door een gebogen ijzeren hek, links en rechts arduinen graftekens. Lage bakstenen berging (noordzijde koor) met twee getoogde vensters onder waterlijst en plat dak tegen de eerste koortravee. In de muur sporen van vroegere doorbreking van een oudere bouwfase en opvulling met baksteen.

Gepleisterd en geschilderd interieur. Zijbeuken van de hoger opgaande middenbeuk gescheiden door ongelijke spitsbogen op zware vierkante pijlers, bredere boog in de middentraveeën. Westelijke, toegevoegde travee met houten portaal; bekronend doksaal met houten balustrade en orgel onder houten tongewelf. Middenbeuk voorzien van vier gepleisterde en geschilderde kruisribgewelven gescheiden door gordelbogen rustend op consoles; laatste gordelboog met jaartal "1749". Vijfde travee van vroegere kruising (?) met vlakke zoldering en centrale cirkel met duifmotief; jaartal 1774 op balk boven de spitsboog van het koor met geschilderd opschrift: "Geloofd zij Jezus Christus . In der Eeuwigheid . Amen". Zijbeuken onder gedrukte tongewelven. Koor met zandstenen kruisribgewelf en stralengewelf in de sluiting; geprofileerde ribben neerkomend op koolbladconsoles verbonden door een geprofileerde lijst. Drie figuratieve glasramen uit begin 20ste eeuw met voorstelling van Sint-Martinus, de Emmaüsgangers en Heilige Cornelius.

Mobilair. Schilderijen: Heilige Martinus te paard deelt zijn mantel met een bedelaar, door Jan Van Swaervelde (?), doek, 1628; Calvarie met Maria Magdalena, Vlaamse school, doek, circa 1600; kruisiging, Vlaamse school, circa 1600; Margareta Maria Alacoque geknield voor het kruis, doek, 17de-18de eeuw; portret van een prelaat, doek, 18de eeuw.

Beeldhouwwerk: Ruiterbeeld van de Heilige Martinus met bedelaar in Sint-Martensaltaar, gepolychromeerd hout, door R. de Wever (Dendermonde), van 1725; Notre Dame du Sacré Coeur, plaaster, gepolychromeerd, gedateerd 1876, in Onze-Lieve-Vrouwaltaar, in nis bovenaan: beeldje van Heilige Anna en twee engelen, volgens De Potter van 1664 door Pieter van den Stock (Mechelen); Calvarie met beelden van Onze-Lieve-Vrouw en Heilige Johannes, plaaster gepolychromeerd, neogotische gepolychromeerde plaasteren beelden van Heilige Cornelius, Heilig Hart van Jezus, Heilige Jozef, Heilige Antonius, Heilige Theresia en Heilige Agnes.

Hoofdaltaar: altaartafel in witgeschilderd en verguld hout; Noordelijk zijaltaar, portiekaltaar toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw, witgeschilderd en gedeeltelijk verguld hout, tweede helft 17de eeuw; Zuidelijk zijaltaar, portiekaltaar toegewijd aan Heilig Martinus van Tours, volgens kerkrekeningen van 1629-32 door J. Ulner (Dendermonde), herbouwd (aangepast ? ) in 1725 met nieuw ruiterbeeld.

Koorbanken, eik, 18de eeuw. Lambriseringen, eikenhout, geritmeerd door Ionische pilasters, aan Noordelijke en Zuidelijke beuk en rond pijlers, volgens kerkrekeningen in de Sint-Martensbeuk (Zuiden) geplaatst in 1744, met ingewerkte biechtstoelen. Communiebank in rococostijl, oorspronkelijk van 1757 door D’Huyvetter en A. Nutens, eik, deels hergebruikt in dienstaltaar. Preekstoel in rococostijl door J. D’Huyvetter (Dendermonde) en schrijnwerker A. Nutens (Sint-Amands), rijkelijk gesculpteerde kuip en trap, uitgewerkt rond pijler, hemel, eik, 1754, volgens liber memorialis met nieuwe hemel door Grosec in 1854. Biechtstoelen: twee ingewerkte biechtstoelen in lambriseringen van midden 18de eeuw, verrijkt met bustes van respectievelijk de Heilige Petrus en de Boetvaardigheid, en Maria van Egypte en Koning David met hun attributen. Orgel door P.J. Vereecken (Gijzegem), 1859-62 met orgelkast in neo-Lodewijk XV-stijl, gerestaureerd door Aerts en Castrel (Duffel), 1970. Doopvont, koperen deksel met bol en kruis, op arduinen kuip. Kruisweg vernieuwd in 1926, geschilderd, in houten omlijsting.

  • Vlaams ministerie van Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend Erfgoed, Agentschap Ruimtelijke Ordening Vlaanderen, Ruimtelijke Ordening Oost-Vlaanderen, Archief.
  • Vlaams ministerie van Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend Erfgoed, Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed, plannenarchief Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, vergroting der parochiekerk van Denderbelle.
  • DE KIMPE F., De kronycken van de kerck van Denderbelle, Denderbelle, 1999.
  • DE KIMPE F., De kronycken van de Heerlijkheid en de gemeente Denderbelle, Denderbelle, 2002, p. 44-48.
  • DE POTTER F. & BROECKAERT J., Geschiedenis van de gemeenten der provincie Oost-Vlaanderen, IV, 41ste deel, Gent, 1887.
  • DE ROP M. & UYTTERSPROT J., Sint-Maarten te Denderbelle, Dendermonde, s.d.
  • DE WIN P. & MOENS F., De "roepstenen" en "kerkpuien" in de provincie Oost-Vlaanderen, bijdrage tot de orale bekendmakingen in het verleden, in Handelingen der maatschappij voor Geschiedenis en Oudheidkunde te Gent, Nieuwe reeks, deel XLII, 1988, p. 55.
  • VERBESSELT J., Het parochiewezen in Brabant tot het einde van de 13de eeuw, deel VII, 1967, p. 260-276.
  • VERSCHRAEGEN H., Fotorepertorium van het meubilair van de Belgische bedehuizen, Provincie Oost-Vlaanderen, Kanton Dendermonde, Brussel, 1982, p. 28-30.

Bron: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Oost-Vlaanderen, Gemeenten: Berlare, Buggenhout, Lebbeke, Waasmunster, Hamme en Zele,Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 20N, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Bogaert, Chris & Verbeeck, Mieke

Datum tekst: 2001

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Dorp

Dorp (Lebbeke)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.