Kasteeldomein van Wieze

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Lebbeke
Deelgemeente Wieze
Straat Nieuwstraat
Locatie Nieuwstraat 20, Lebbeke (Oost-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Lebbeke (adrescontroles: 25-04-2008 - 28-04-2008).
  • Inventarisatie Lebbeke (geografische inventarisatie: 01-09-2000 - 31-07-2001).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Kasteel van Wieze

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is beschermd als monument Kasteeldomein van Wieze

Deze bescherming is geldig sinds 15-05-2000.

omvat de bescherming als monument Kasteeldomein van Wieze: brugje
gelegen te Nieuwstraat 20 (Lebbeke)

Deze bescherming is geldig sinds 15-05-2000.

omvat de bescherming als monument Kasteeldomein van Wieze: hoektorentje
gelegen te Nieuwstraat 20 (Lebbeke)

Deze bescherming is geldig sinds 15-05-2000.

omvat de bescherming als monument Kasteeldomein van Wieze: ijskelder
gelegen te Nieuwstraat 20 (Lebbeke)

Deze bescherming is geldig sinds 15-05-2000.

omvat de bescherming als monument Kasteeldomein van Wieze: inkompartij
gelegen te Nieuwstraat 20 (Lebbeke)

Deze bescherming is geldig sinds 15-05-2000.

omvat de bescherming als monument Kasteeldomein van Wieze: oranjerie
gelegen te Nieuwstraat 20 (Lebbeke)

Deze bescherming is geldig sinds 15-05-2000.

Beschrijving

Voorheen zogenaamd "’t Goed te Wieze", huidig kasteeldomein met uitzondering van de recente villa, beschermd als monument bij MB van 15.05.2000.

Historiek

De familie de Wisne staan als eerste bezitters bekend van "’t Goed te Wieze", gelegen binnen de heerlijkheid van Wieze-Land van Aalst. De oudste gekende vermelding van deze aanzienlijke familie dateert uit 1151. Begin 15de eeuw komt "’t Goed end theerscap van Wieze" door huwelijk in handen van de familie Van Ideghem, eveneens een vooraanstaande Vlaamse familie. Vermoedelijk hebben zij als eerste hier een versterking opgericht waarvan de site met walgrachten en mogelijk een bewaard oud hoektorentje binnen het huidige kasteeldomein nog restanten zijn. Op de "Caerte ende discriptie figurative vande gheel de Lande van Aelst" door J. Horenbault van 15(9)6 staat "tcasteel van mijn heere van Wiese" weergegeven als een waterkasteel op vierkante plattegrond met hoektorens en omgeven door een dubbele omgrachting. Een tekening voor het derde onuitgegeven deel van Sanderus’ Flandria Illustrata (1641-1644), toont nog duidelijker de volledig omgrachte middeleeuwse site met neerhof en opperhof. Daarop is een deels in ruïne staande waterburcht voorgesteld met twee hoektorentjes aan de achterzijde; dit wordt voorafgegaan door een voorplein omsloten door vermoedelijk jongere gebouwen met aan de voorzijde twee uitspringende hoektorens, een poortgebouw met trapgevel en torentje achter een ophaalbrug. Een van weinige bekende data die verband houden met de bouwgeschiedenis van de kasteelsite komen voor op een gedenksteen op het bewaarde kasteeltorentje; het opschrift vermeldt: "Aedificata 1557 – Restaurata 180(8)", 1804 volgens de literatuur. Het jaartal 1557 verwijst mogelijk naar een verbouwingsfase onder Jacob Van Ideghem, hoogbaljuw van Dendermonde, die te Wieze verbleef van 1556 tot 1577. Vermoedelijk verwijst het jaartal 180(8) naar het tijdstip waarop het torentje werd hersteld als enig overblijfsel van het toen gesloopte waterkasteel. In 1671 werd de heerlijkheid en het kasteel door Karel van Ideghem verkocht aan Lieven De Clerque, burggraaf van Wissocq. Deze familie bleef heer van Wieze tot het einde van het Ancien Regime (en ook daarna). Uit deze periode zijn meerdere cartografische, eerder schetsmatige voorstellingen bekend van het dubbel omgrachte waterkasteel, namelijk door A. Hendrix van 1673 en door B. Peelman van 1776. Op beide is een kasteelaanleg rond een binnenplein en het noordwestelijke hoektorentje duidelijk waarneembaar. Op de Ferrariskaart (1771-1778) is de omgrachte kasteelsite voorgesteld met omgrachte formele tuin ten noorden en aangelegd bos met typisch drevenpatroon. Een dubbele dreef verbond toen nog het kasteel met de kerk van Wieze in het zuidwesten. Het kasteel van Wieze was toegankelijk vanaf de Kloosterstraat (vroegere Kasteelstraat).

Volgens het kadasterplan van 1817 is het waterkasteel dan verdwenen en was op een andere locatie binnen de gewijzigde omgrachte site een rechthoekig "huis" opgericht georiënteerd naar het zuiden. Vermoedelijk liet Augustin Ernest De Clerque-Wissocq, geboren te Wieze in 1772, in het begin van de 19de eeuw (1808 ?) het oude kasteel afbreken en vervangen door een zomerverblijf. Volgens het kadasterarchief liet Auguste Fréderique De Clerque-Wissocq en zijn echtgenote Marie Helène Pieters in 1875 dit vroeg 19de-eeuwse landhuis slopen en op dezelfde plaats een nieuw kasteel bouwen, een imposante constructie in neo-Vlaamserenaissancestijl. Ook de koetshuizen met paardenstallen, thans conciërgewoning, ten westen van het kasteel, werden toen opgericht evenals het hek aan de nieuwe ingang van de kasteelsite aan de Nieuwstraat tegenover de Kerkhofstraat. Het park werd in landschapstijl aangelegd met slingerpaden en de oude walgrachten werden deels heraangelegd tot vijvers met een bakstenen boogbrug die toegang verleende tot het nieuwe kasteel vanaf het westen. Naast de westelijke walgracht werd enkele jaren later de ijskelder gebouwd. Het nieuwe kasteel werd pas kadastraal geregistreerd in 1885 bij de successieregeling na het overlijden van de burggraaf; de ijskelder werd in 1888 opgetekend. De weduwe, Marie Helène Pieters behield het kasteel tot haar dood in 1905. In 1906 werd baron Eugène de Kerchove d’Exaerde, echtgenoot van Irma de Kerchove d’Ousselgem en erfgenaam van burggraaf De Clerque-Wissocq, de nieuwe en laatste kasteelheer te Wieze. Hij liet de oude broeikassen aan de oostzijde van het kasteeldomein slopen en de nog bestaande oranjerie en ommuurde moestuin aanleggen, volgens het kadasterarchief omstreeks 1908. Na de oorlog werd het domein verkocht, eerst aan dokter A. Sierens, nadien aan dokter J. Cuvelier, die het neorenaissancekasteel liet slopen in 1962 en op de bewaarde funderingen een nieuwe villa liet bouwen in 1966.

Beschrijving

Imposant toegangshek aan de Nieuwstraat, daterend van 1875, bestaande uit twee maal twee hekpijlers van bak en hardsteen in dezelfde eclectische stijl als het toenmalige kasteel. Pijlers op hoge veelzijdige sokkel, onder bekronend topstuk verrijkt met arkels en een piramidale, geprofileerde deksteen met ijzeren bekroning. Fraai gesmeed ijzeren hekwerk tussen de pijlers en een dubbel opendraaiend hek met bekronende bloemmotieven dat toegang verleent tot het domein.

Alleenstaand kasteeltorentje, gelegen in het westen van het kasteeldomein, binnen het vroeger omgrachte opperhof en ten westen van de huidige villa; minstens opklimmend tot de 16de eeuw doch mogelijk ouder. Wellicht teruggaand op het noordwestelijke, achterste hoektorentje van de vroegere waterburcht zoals gekend uit voorstellingen op hoger genoemde historische documenten. Slanke, ronde gemetste bakstenen toren met drie niveaus en een kegelvormig, eveneens gemetst dak met vierkante deksteen. Thans grotendeels gecementeerd. Oostzijde, vroeger aansluitend bij het kasteel, met drie bewaarde deuropeningen. Op de begane grond, smalle rechthoekige deuropening met zandstenen tussen- en bovendorpel en afgeschuinde dagkanten. Ingemetselde gedenksteen met hoger vermelde inscriptie en flankerende steunberen (restant van vroegere muren?). Tweede niveau met rechthoekige deuropening onder zandstenen latei en een onderaan deels gedichte deuropening op de derde verdieping. Binnenin gecementeerd en geen sporen van een spiltrap. Naar verluidt onderkelderd.

De goed bewaarde ijskelder, daterend van circa 1880, bevindt zich in de knik van de omgrachting aan de westzijde van het kasteeldomein, onder een begroeide heuvel met gemetselde korfboogvormige toegang aan de noordzijde. Een lange gang geeft toegang tot de ijskelder met circa één meter ingegraven arduinen kuip met licht conische vorm, afgesloten door een deur. Een opening in het plafond om het ijs binnen te brengen.

Ten noorden van de ijskelder bevindt zich de conciërgewoning, een bakstenen gebouw op vierkante plattegrond met twee bouwlagen onder schilddak, gebouwd in 1875 als koetshuis en paardenstallen; nu gedeeltelijk aangepast. Begane grond met bewaarde pilasters en bogen van de vroegere koetspoorten.

Aan de oostzijde, aan de huidige Kloosterstraat (vroeger Kasteelstraat), is het kasteeldomein afgesloten door een bakstenen muur, aan de straatzijde gestut door steunberen en pilasters. Hierachter bevindt zich de moestuin, een kleine boerderij met stallen en de afzonderlijke oranjerie. Oranjerie in neorenaissancestijl, daterend van circa 1908. Bak- en natuurstenen constructie van één bouwlaag met kenmerkende speklagen en op een hoge hardstenen sokkel. Voorgevel van vijf traveeën gericht op het westen, driezijdig uitgebouwde zijgevels en blinde achtergevel; afdekkend leien schilddak met twee bakstenen bekroningen. Voorgevel met hoge rondboogvensters onder omlopende booglijst van donkere geprofileerde baksteen, met hardstenen diamantkop als sluitsteen en witgeschilderd houtwerk; zijgevels geritmeerd door dezelfde vensters en een rondboogdeur tussen fijne pilasters op de hoeken. Aflijnende overhoekse baksteenfries en overstekende houten kroonlijst op zware, geprofileerde modillons.

In het kasteeldomein zou een van de twee beelden van heraldische leeuwen bewaard zijn met de wapenschilden van François de Clerque-Wissocq en echtgenote Eugénie della Faille d’Assenede; mogelijk sierden ze de toegangstrap van het vroeg 19de-eeuwse landhuis vooraleer te prijken op het balkon boven de ingang van het neo-Vlaamserenaissance kasteel.

  • Rijksarchief Gent, Kaarten en Plans, 1668; De Kerchove d’Exaerde,79.
  • Vlaams ministerie van Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend Erfgoed, Agentschap Ruimtelijke Ordening, Vlaanderen, Agentschap Ruimtelijke Ordening, Oost-Vlaanderen, Onroerend erfgoed, archief.
  • BOSMAN R. & HEYVAERT H., De Geschiedenis van Wieze, Wieze, 1990, p. 46-47, 113.
  • DE POTTER F. & BROECKAERT J., Geschiedenis van de gemeenten der provincie Oost-Vlaanderen, Reeks IV, Arrondissement Dendermonde, Deel 3, Gent, 1895.
  • DE WOLF G., Het middeleeuwse kasteeltorentje in het kasteelpark te Wieze, Salvator mededelingen, XI, 29, 2001, p. 29-36.
  • PAELINCK L. (e.a.), Wieze, een kijkboek: een dorp om van te houden, Wieze, 1992, p. 120-123, 136-138.
  • SANDERUS A. & CAULLET G., Icones urbium, villarum, castellorum et coenobiorum Gallo-Flandriae quae tertia est Flandriae Illustratae Antonii Sanderi, 1974, Pl. 69, p. 122v-123.
  • VAN DRIESSCHE L., De Leeuwen van ’t Kasteel, (Salvator mededelingen, VIII, 19, 1998, p.4-12).
  • VAN DRIESSCHE L., De ijskelder in het kasteeldomein: één van de nieuwe monumenten te Wieze, in Salvator mededelingen, XI, 28, 2001, p. 39-44.
  • VERBESSELT J., Het parochiewezen in Brabant tot het einde van de 13de eeuw, deel VII, Pittem, 1967, p. 231-259.

Bron: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Oost-Vlaanderen, Gemeenten: Berlare, Buggenhout, Lebbeke, Waasmunster, Hamme en Zele,Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 20N, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Bogaert, Chris & Verbeeck, Mieke

Datum tekst: 2001

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Nieuwstraat

Nieuwstraat (Lebbeke)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.