erfgoedobject

Licht en Lucht

bouwkundig element
ID: 4853   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/4853

Juridische gevolgen

Beschrijving

Gebouw in sobere beaux-artsstijl, gebouwd in opdracht van de Antwerpse afdeling van de Belgische Nationale Bond tot Bestrijding der Tuberculose, als uitbreiding van het aanpalende Gesticht Arthur Van de Nest. Architect Ferdinand Dermond (gevelinscriptie), medeontwerper van het Gesticht Arthur Van den Nest, tekende in 1922 ook de plannen van deze nieuwe vleugel, die in 1923 door de aannemer Constant Spiessens (gevelinscriptie) werd uitgevoerd.

Historiek en context

Het Gesticht Arthur Van den Nest, een dispensarium ter bestrijding van tuberculose met badhuis en wasserij, werd opgericht dankzij een schenking door liberaal ondernemer en politicus Arthur van den Nest (Antwerpen, 1843-Antwerpen, 1913). Het Bureel van Weldadigheid dat zetelde in het aanpalende pand, trad samen met de Antwerpse afdeling van de in 1898 opgerichte Belgische Nationale Bond tot Bestrijding der Tering op als bouwheer. Ontworpen door Ferdinand Dermond en Edmond J. Tyck in 1906, kwam het gebouw tot stand in 1907-1908. Na afbraak van twee aanpalende woningen, kon de Antwerpse afdeling van de Belgische Nationale Bond tot Bestrijding der Tuberculose het complex aan de Blindestraat in 1922-1923 door Dermond en de aannemer Constant Spiessens laten uitbreiden met de nieuwbouwvleugel “Licht en Lucht”. Tegelijk kreeg de achterbouw van het Gesticht Arthur Van den Nest een extra verdieping. Tot 1985 was hier de Vlaamse Vereniging voor Respiratoire Gezondheidszorg en Tuberculosebestrijding gevestigd. Het complex gevormd door het Bureel van Weldadigheid, het Gesticht Arthur Van den Nest en “Licht en Lucht”, dat al sinds 1995 onderdak bood aan de Opleiding Conservatie/Restauratie van de academie, werd in 2002-2002 grondig gerenoveerd. Architect Raymond De Braekeleer tekende in 1998 het ontwerp van dit project, dat werd uitgevoerd onder leiding van de architect Herwig Hermans.

Ferdinand Dermond, die actief was van begin jaren 1900 tot eind jaren 1950, liet zich aan het begin van zijn carrière opmerken met ontwerpen in vernieuwende art nouveau, zoals de woning Laruelle eveneens uit 1906 aan de Arthur Goemaerelei. Omstreeks 1910 evolueerde zijn architectuur naar een behoudend beaux-arts- of neotraditioneel idioom, dat ook zijn oeuvre uit het interbellum kenmerkte. Een representatief voorbeeld van deze koerswending is het appartementsgebouw Van Looy uit 1929 aan de Jan Van Rijswijcklaan.

Architectuur

Met een gevelbreedte van vier traveeën, omvat de voorbouw drie bouwlagen onder een zadeldak. De sobere lijstgevel heeft een parement uit baksteenmetselwerk van gemengde kleur (rood, roze, geel), verwerkt in kruisverband, met gebruik van blauwe hardsteen voor de geprofileerde plint, puilijst en lekdrempels, en witte natuursteen voor de deuromlijsting, ontlastingsbogen, imposten, fries en hoekblokken. De gevelcompositie herhaalt in uitgepuurde vorm de ordonnantie van het aanpalende Gesticht Arthur Van den Nest. Daarbij wordt het drie traveeën brede hoofdvolume geflankeerd door een portaalrisaliet, waarin de traphal zich aftekent. Geleed door de puilijst, wordt de bovenbouw van het hoofdvolume geritmeerd door korfbogige spaarvelden met kolossale pilasters en sluitsteen. Daarvan is het bovenste register volledig beglaasd, ten behoeve van de achterliggende zaal voor heliotherapie. Verder beantwoordt de opstand aan een regelmatig ordonnantieschema, opgebouwd uit registers van korfboogopeningen op de begane grond en rechthoekige vensters met een latei op kraagstenen op de eerste verdieping. Het portaalrisaliet wordt geaccentueerd door het Kruis van Lorreinen, internationaal embleem van de tuberculosebestrijding, in reliëf uitgevoerd in het metselwerk, en het opschrift “LICHT EN LUCHT” in de natuurstenen fries. Een gekorniste houten kroonlijst op klossen en tandlijst vormt de gevelbeëindiging. Het houten schrijnwerk van de deur met siersmeedwerk en de vensters is bewaard.

Gemeenschappelijke achtergevels met het Gesticht Arthur Van den Nest, veertien traveeën breed en twee bouwlagen hoog, uit sober baksteenmetselwerk met spaarzaam gebruik van blauwe hardsteen en witte natuursteen. Regelmatige opstand met afgeronde hoek, geleed door de puilijst, overhoekse tandfriezen en de houten kroonlijst, de traveeën doorgaans per twee gebundeld door pilasters, opgebouwd uit registers van steekboogopeningen. Bewaard houten schrijnwerk.

Volgens de bouwplannen omvatte de ondiepe voorbouw, die in de rechter travee wordt ontsloten door de inkom- en traphal, een aanmeldbalie en een kantoor op de begane grond, drie kantoren op de eerste verdieping, en een zaal voor heliotherapie op de tweede verdieping. De toegevoegde bovenverdieping boven de achterbouw van het Gesticht Arthur Van den Nest, huisvestte twee extra consultatiekamers, een kleine bibliotheek en lokalen voor radiotherapie, radiografie en radioscopie, met een solarium op het dakterras.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 1922#13752.
  • DE BRUYN M. & MANDERYCK M. 2003: Renovatie en herbestemming van drie historische panden aan de Blindestraat tot Hogeschool Antwerpen, Monumenten en Landschappen 22.2, 36-62.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2017


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Licht en Lucht [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/4853 (Geraadpleegd op 16-10-2019)