Minderbroederskerk

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Antwerpen
Gemeente Mechelen
Deelgemeente Mechelen
Straat Minderbroedersgang
Locatie Minderbroedersgang zonder nummer, Mechelen (Antwerpen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Mechelen historische binnenstad (actualisaties: 01-01-2007 - 06-12-2007).
  • Adrescontrole Mechelen historische binnenstad (adrescontroles: 10-12-2007 - 10-12-2007).
  • Inventarisatie Mechelen historische binnenstad (geografische inventarisatie: 01-01-1982 - 31-12-1982).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Minderbroederskerk

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is beschermd als monument Minderbroederskerk

Deze bescherming is geldig sinds 29-05-1964.

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Voormalige kerk van het minderbroedersklooster.

Historiek

Klooster te Mechelen gesticht in 1231 door Wouter II Berthout. Aanvankelijk conventuelen, de regel volgend van de heilige Franciscus; bij pauselijk bul in 1447 door observanten vervangen, sedert 1597 hervormd tot recollecten.

Sanderus' "Chorographia sacra Brabantiae" (1727), geeft een beeld van een indrukwekkend kloostercomplex met voorhof en kerk met dakruitertje ten zuiden; aanleunende kloostergang; met kapittelzaal en binnenhof; ten zuidwesten en palend aan de Melaan: langgerekte gastenverblijven en infirmerie met apotheek.

De eerste kloosterkerk was een eenvoudig zaalkerkje, gelijklopend en circa 7 meter ten zuiden van de huidige kerk gelegen. Uitbreiding met nieuwe kerk, voltooid in 1304; na brand van 1342 gedeeltelijk heropgebouwd en in 1497-1500 herstellingswerken door bouwmeester Jan van Werchter en beeldhouwer Antoon Keldermans. Na de vernielingen en plunderingen van de kloostergebouwen in 1566 en 1580 werd, na de terugkeer uit Keulen, in 1606 met de bouw van een nieuwe kerk aangevat, in 1610 ingewijd door aartsbisschop Mathias Hovius. Door tussenkomst van stad en bevolking werd de kerk herhaaldelijk rijkelijk gestoffeerd, namelijk met marmeren praalgraven, onder meer van Margareta van York (1503); van vooraanstaande personen door Lucas Fayd'herbe, met beeldhouwwerken van Fr. Langhemans (17de-eeuws), met schilderijen van Antoon van Dijck enzovoort. Gedurende de 18de eeuw onderging het gebouw een aantal wijzigingen: in 1700 en 1728 werden respectievelijk de zuidelijke en de noordelijke zijbeuk hoger opgetrokken; in 1734 aanbrengen van schijngewelven boven middenbeuk en koor en in 1750 wederopbouw van de Portiunculakapel tegen de koorapsis.

In 1796 werd de orde verjaagd; de kapel werd gesloopt; klooster en kerk werden gebruikt als kazerne en hooimagazijn. Daartoe onderging de kerk een aantal aanpassingen in de loop van de 19de eeuw. In 1863 werd een nieuw minderbroederklooster opgericht op de gronden van het vroegere klooster der ongeschoeide karmelieten in de Karmelietenstraat.

De voormalige kloosterpanden van de minderbroeders werden in de jaren vijftig gesloopt voor de bouw van het Cultureel Centrum Burgemeester Antoon Spinoy, naar ontwerp van architect J. Lauwers (met uitbreiding circa 1968). Het omvat een academie voor beeldende kunsten, een nieuw conservatorium en het cultureel centrum zelf met auditorium en tentoonstellingszalen. Het complex steekt schril af tegen de desolate kloosterkerk.

Beschrijving

De kloosterkerk is een sober gebouw in laatgotische stijl daterend van 1606-1610, met wijzigingen uit de 18de eeuw. Voornamelijk opgetrokken uit bak- en zandsteen, gedeeltelijk op afgeschuinde sokkel van zandsteen.

De plattegrond ontvouwt een driebeukige pseudo-basiliek van zes traveeën en een lang koor van eveneens zes traveeën met vijfzijdige sluiting. Middenbeuk afgedekt met een zadeldak (leien), zijbeuken onder een schilddak.

Westgevel: tuitgevel belijnd met speklagen, voorts aandak, schouderstukken en afgebroken topstuk, flankerende steunberen. Eenvoudig tudorboogportaal in geprofileerde omlijsting; grotendeels gedicht - later ingekast - steekboogvenster voorzien van ijzeren harnas; luikgat en kruis in top. Flankerende schuine gevel van tijdens de 18de eeuw verhoogde noordelijke zijbeuk: resten van speklagen tot halverhoogte en aflijnende zandstenen hoekblokken; groot getoogd 18de-eeuws venster, dicht gemetst als spaarnis voor verdiepte 19de-eeuwse vensters. Westgevel van de zuidelijke zijbeuk verscholen achter de nieuwe bouw.

Koor geritmeerd door steunberen met dubbele versnijding. Spitsboogvensters, grotendeels gedicht of ontdaan van hun oorspronkelijke tracering en deels voorzien van ijzeren harnas. Rechte oosttravee met rechthoekige poort onder I-balk. De blinde zuidelijke koormuur met sporen van dichtgemetselde spitsbogen en de zijbeukgevel van drie bouwlagen (in 1700 verhoogd) met blinde korfboogarcade op consoles wijzen op de ordonnantie van de vroegere kloostergang.

Noordelijke zijbeuk verhoogd in 1728 en aangepast tijdens de 19de eeuw, onder meer door invoegen van bijkomende vloeren; baksteenbouw op zandstenen plint, in zijn huidige vorm, vier bouwlagen en zes traveeën, geritmeerd door verankerde pseudo-pilasters; oorspronkelijke hoge getoogde vensters, in de 19de eeuw gedicht en gebruikt als spaarvelden voor de kleine lichtgetoogde vensters voorzien van ijzeren leuning. Aflijnend fries van steigergaten. Laatste westtravee: rondboogdeurtje in zand- en natuurstenen omlijsting op imposten en neuten, voorzien van sluitsteen onder gebogen druiplijst.

Interieur. Historische gegevens en een aquarel van J.B. De Noter geven een idee van de vroegere inrichting: eenledige opstand; midden- en zijbeuken gescheiden door spitsboogarcade op zuilen met octogonale sokkel en geprofileerde kapitelen met achtkantige dekplaat. Koor-, midden- en zijbeuken overkluisd met kruisribgewelven tussen gordelbogen, op versierde consoles.

Kerk heden ontdaan van zijn vroegere versiering. Toegevoegde scheidingsmuren tussen koor, midden- en noordelijk zijbeuk. Weggebroken overwelving boven middenbeuk en koor zodat het oorspronkelijk dakgebint zichtbaar werd. Bewaarde overwelving, spitsboogarcade en dito zuilen in de zuidelijke zijbeuk. Noordelijke zijbeuk opgesplitst in verschillende ruimten door plaatsen van tussenvloeren en -muren.

  • STADSARCHIEF MECHELEN, De Noter J.B., nummer 162.
  • GODENNE L., Malines jadis et aujourd'hui, Mechelen, 1908, 386-388.
  • GOUVERNEUR ED., De Minderbroeders te Mechelen (1231-1981), Mechelen, 1981.
  • SANDERUS A., Chorographia sacra Brabantiae, III, 1727, 166.
  • SCHOEFFER J., Historische aantekeningen, deel II, 511-521.
  • VAN DOORSLAER G., De Minderbroeders te Mechelen, in Mechlinia, deel 10, 1932, 17-23.

Bron: Eeman M., Kennes H. & Mondelaers L. 1984: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Mechelen, Binnenstad, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 9N, Brussel - Gent.

Auteurs: Eeman, Michèle; Kennes, Hilde & Mondelaers, Lydie

Datum tekst: 1984

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Minderbroedersgang

Minderbroedersgang (Mechelen)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.