erfgoedobject

Duitse militaire begraafplaats

bouwkundig element
ID: 50912   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/50912

Juridische gevolgen

Beschrijving

Locatie

Gelegen langs de Beverenstraat, op ca. 800m ten oosten van de Sint-Amanduskerk van Hooglede. De Duitse militaire begraafplaats is gelegen binnen het traditionele landschap van het Land van Roeselare-Kortrijk, meer bepaald op de zuidelijke flank van de zogenaamde Rug van Hooglede. Deze kleiige rugzone vormt een oude getuigenheuvel met een heuvelkam die zich oostwaarts verder uitstrekt over het Laagplateau van Tielt. De rugzone fungeert tevens als waterscheidingskam tussen het Mandel-Leiebekken ten zuiden en het IJzerbekken ten noorden van de begraafplaats.

De landschappelijke omgeving wordt gekenmerkt door weidse panoramische zichten. Specifiek voor de militaire begraafplaats aan de Beverenstraat is de zichtrelatie op het stadscentrum van Roeselare (silhouet van compacte bebouwing, kerktorens, belfort, voedertorens,…), gekaderd door een nog open, bebouwingsvrije agrarische structuur met overwegend akkerland. De ringweg R32 rond Roeselare met verlichtingsmasten ten zuiden van de begraafplaats vormt een negatieve beelddrager.

Historische achtergrond

Na enkele verwarrende dagen werd Hooglede op 19 oktober 1914 feitelijk ingenomen door Duitse troepen. De gemeente werd ingeschakeld in het ‘etappegebied’ van het Duitse 4de Leger o.l.v. Hertog Albrecht von Württemberg. Er werden specifieke diensten en voorzieningen ingericht, zoals munitiedepots, een bakkerij, medische posten, een pionierspark, bad- en wasplaatsen, oefenterreinen,… Hooglede fungeerde als ‘etappegebied’ voor de frontstreek van Poelkapelle-Langemark-Houthulstbos. De meeste Duitsers, die tijdens de oorlog in Hooglede begraven zouden worden, waren dan ook in deze regio ingezet.

Tijdens de oorlog werden in Hooglede verschillende Duitse begraafplaatsen aangelegd. Tot begin juni 1917 werden doden begraven ‘An der Kirche’. Vanaf eind juli 1917, toen de Derde Slag bij Ieper losbarstte, werden in Hooglede extra medische voorzieningen ingericht, wat noodzakelijkerwijze ook leidde tot meer begraafplaatsen. Zo werd het ‘Ouderlingengesticht’ van het gehucht Hooghe (langs de Hogestraat) ingericht als hospitaal. Achter dit hospitaal werd een begraafplaats aangelegd: ‘Ehrenfriedhof Hooglede West nr. 153’. Op het gehucht Sint-Jozef, langs de Delaeyestraat, werd in juli 1917 gestart met de aanleg van ‘Ehrenfriedhof Sint-Jozef nr. 154’. Vanaf begin september 1917 tenslotte werd ‘Hooglede Ost’ aangelegd, die de basis vormde voor de huidige Duitse militaire begraafplaats. Tegen het einde van de oorlog lagen er 1720 Duitsers en 6 Britten begraven. De Britse graven werden in 1924 overgebracht naar Harlebeke New British Cemetery.

Na de oorlog zou het aantal Duitse begraafplaatsen in België drastisch verminderd worden. Op ‘Hooglede-Ost’, dat met het nummer 28 werd geregistreerd, kwamen de graven terecht uit de vele Duitse begraafplaatsen of ereperken in de regio, die ontruimd werden: Hooglede, Gits, Handzame, Ichtegem, Kortemark, Lichtervelde, Torhout, Wingene/Ruddervoorde, Zwevezele... Ook enkele geïsoleerde veldgraven kwamen in Hooglede terecht. Zodoende werd de begraafplaats Hooglede-Ost, 1ha 80are groot, met 8241 Duitse doden (waarvan er 384 onbekend gebleven zijn) en 16 Russische doden, de tweede grootste Duitse militaire begraafplaats in België. Andere bronnen spreken van 8247 doden, waarvan er 7960 geïdentificeerd konden worden. De meeste doden zijn tijdens de Derde Slag bij Ieper gestorven of in oktober 1918 in de regio gevallen tijdens het geallieerde Bevrijdingsoffensief. De meeste onbekende doden zijn in oktober 1918 gesneuveld. De Russen waren krijgsgevangenen die bij de arbeidsbataljons tewerkgesteld waren achter de frontlinies. Slechts op 1 grafsteen staat ‘Russe’ vermeld.

Tussen 1932 en 1937 zorgde de ‘Amtlichter Deutscher Gräberdienst’ voor de uitbouw van de Duitse militaire begraafplaats in de Beverenstraat. De oorspronkelijke ingang van ‘Hooglede Ost’ in de Molenstraat werd verlegd naar de Beverenstraat. Ieder graf kreeg een houten kruis zonder zijarmen maar met een spitshoekig dakje, waaronder de naam, eenheid en sterfdatum van de dode vermeld stond. Zodoende bestond de begraafplaats uit duizenden dicht opeen geplaatste graftekens op een licht stijgend grafveld. Eind 1937 werd gestart met de bouw van een ‘Ehrenhalle’ met stenen, die afkomstig waren van het Duitse paviljoen dat op de wereldtentoonstelling van Parijs had gestaan in 1928. Deze ‘Ehrenhalle’ stond op het hoogste punt van de begraafplaats (noordkant) en werd oorspronkelijk gemarkeerd door populieren. Eveneens in december 1937 werd met het gemeentebestuur van Hooglede een akkoord bereikt om de velden tegenover de begraafplaats vrij te houden van bouwrechten. Op vraag van de Duitse gravendienst werd de elektrische bedrading langs de Beverenstraat over de volle breedte van de begraafplaats in de grond begraven, om het zicht richting Roeselare niet te belemmeren.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden er 29 Duitse militairen tijdelijk begraven, maar hun graven werden nadien overgebracht naar de Duitse militaire begraafplaats van Lommel.

Op de begraafplaats van Hooglede werden er in de jaren ’50 geen graven meer toegevoegd. In de periode 1957-1958 werden er verbouwingswerken uitgevoerd: o.m. het aantal toegangsbogen van de ‘Ehrenhalle’ werd ingekrompen van 15 tot 9, zodat er links en rechts van het gebouw 2 ruimtes gecreëerd werden. De oostelijke ruimte is voor de bezoeker niet toegankelijk (dienstruimte / opslagplaats). De westelijke ruimte wordt afgesloten met een smeedijzeren hek en bevat een praalgraf uit diabaas gesteente met een schrijn waarin de namenregisters opgeborgen zijn. Tegen de achterwand van de centrale hal werd een kleurrijke mozaïek met christelijke symboliek aangebracht. Aan straatzijde werd een muur van natuursteen opgetrokken, met een smalle bronzen toegangspoort. De houten kruisjes bleken niet zo duurzaam en werden vervangen door koperen naamplaatjes, die op houten blokken waren bevestigd. Her en der op de begraafplaats werden groepen kruisjes uit basaltlava geplaatst. Aan het begin van de jaren ’70 werden de koperen plaatjes vervangen door granieten tegels, waarop telkens de naam, militaire rang, sterfdatum en grafnummer van 2 militairen vermeld staan. In de nacht van 14 op 15 november 1984 werd de bronzen ingangspoort gestolen. In mei 1989 kregen alle grafstenen een weersbestendige laag en werden de cijfers en letters wit geschilderd.

Bij haar eerste aanleg in de jaren ‘30 was de begraafplaats van Hooglede-Ost als ‘Rasenfriedhof’ geconcipieerd: de graven met spitshoekig dakje werden aangelegd in een grasvlakte, langs de randen weliswaar met bomen omzoomd. In de jaren ’50 werd de begraafplaats beplant met heide, naar het concept van ‘blühender Gräberfeld’. De populieren bij de ‘Ehrenhalle’ en aan de randen van de begraafplaats werden voor een groot deel verwijderd en deels vervangen door andere bomen (waaronder eiken, esdoorns, lijsterbessen en essen). Een deel van de bomen zou later verdwijnen, o.m. om de heide te vrijwaren van schaduw. Deze heide blijkt heel gevoelig voor al te droge of te hete periodes (bv. winter 1969/70 resp. zomer 1976). Aan de uiteinden van de rijen werd ze vervangen door klimop.

Beschrijving

Alternatieve naam: Deutscher Soldatenfriedhof Hooglede, Kriegsgräberstätte Hooglede-Ost.

Begraafplaats met rechthoekig grondplan, een oppervlakte van 1ha 80ca en een hellend terrein, met bovenaan – aan de noordkant – de ‘Ehrenhalle’. Aan straatzijde wordt de begraafplaats omheind door een lage, breukstenen muur met een ijzeren hekken met verticale spijlen en het opschrift: “DEUTSCHER SOLDATENFRIEDHOF HOOGLEDE 1914-1918”. Voor de begraafplaats is een parking aangelegd, met zitbank en panoramatafel.

Behalve aan straatzijde wordt de begraafplaats omheind door hagen (beuk) en achteraan door een groenscherm. Het grafveld is hoofdzakelijk nog met dopheide en klimop beplant, behalve het noordelijk deel, waar nieuwe grasstroken aangelegd zijn. Op de begraafplaats is zomereik en Amerikaanse eik terug te vinden, evenals gewone es, lijsterbes, zilveresdoorn, berk, sporkehout, rode kornoelje en kardinaalsmuts. Bij de ‘Ehrenhalle’ is onder meer rododendron, kornoelje en taxus terug te vinden.

Het grafveld bestaat uit rijen platliggende granieten grafstenen, bijna allemaal voorzien van 2 namen, meestal met sterfdatum, soms met militaire rang, in dubbele rijen aangelegd. In het vernieuwde gedeelte (noordkant) zijn de grafstenen op gelijke afstand van mekaar aangelegd. Op regelmatige afstand staan 43 groepjes van 5 basalten kruisjes. Langs 3 zijden zijn er graspaden, die met stapstenen belegd zijn. Hier en daar staan stenen zitbanken tegen de randen. Achteraan staan particuliere grafstenen.

Aan de noordkant van de begraafplaats staat de ‘Ehrenhalle’: een neoromaans propylaeum (L. 30 x Br. 6m) uit geelbruine zandsteen (uit Ibbenbüren) met 9 rondbogen die naar de begraafplaats toe open zijn. Tegen de achterwand van de centrale hal is een groot kleurrijk mozaïek aangebracht met de voorstelling van Christus als wereldrechter, die het V-teken maakt met de rechterhand en met de linkerhand de stenen tafel vasthoudt waarop de Griekse letters Alfa en Omega (begin en einde) staan. De Christusfiguur wordt geflankeerd door 4 rouwende en biddende figuren (links 2 soldaten, rechts 2 vrouwen) en het opschrift '1914 1918 In Memoriam'. Aan de westelijke kant een met een kunstig smeedijzeren hek afgesloten ruimte, met een bronzen schrijn met registerboeken op een massieve stenen sokkel uit diabaas, met het opschrift 'Hier ruhen Deutsche Soldaten 1914- 1918' op de voorzijde en reliëfafbeeldingen van een leeuw en een engel op de andere zijden. Tegen de oostelijke muur staat een stenen zitbank, versierd met eikbladeren. Achter deze muur bevindt zich een niet toegankelijk gedeelte (dienstgebouw).

  • Informatie toegestuurd door de Volksbund Deutsche Kriegsgräberfürsorge e.V.
  • DE GUNSCH A., METDEPENNINGHEN C. & VANNESTE P. met medewerking van TANSENS A. 2001: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie West-Vlaanderen, Arrondissement Roeselare, Kantons Hooglede - Izegem - Lichtervelde, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 17N2, Brussel - Turnhout.
  • FREYTAG A.2006: Die Deutschen Soldatenfriedhöfe in Flandern. Duitse militaire begraafplaatsen. Studie für das Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed, Brussel/Zürich, onuitgegeven studie door het Büro ville-jardin-paysage, december.
  • S.N. 1938: Deutsche Kriegsgräberstätten in Belgien. Amtl. Deutschen Kriegsgräberdienst in Belgiën (Verlag Gerhard Stalling A.G. Verlagsbuchhandlung Oldenburg i.O.).
  • VERHELST D. 1996: Het Duits Militair Kerkhof 1914-1918 in Hooglede, Kortrijk, Groeninghe nv.
  • Agentschap Onroerend Erfgoed 2017: Duitse militaire begraafplaats [online], https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/50912 (geraadpleegd op 8 juni 2017).

Bron     : DECOODT H. & BOGAERT N. 2002-2005: Inventarisatie van het Wereldoorlogerfgoed in de Westhoek, project in opdracht van de provincie West-Vlaanderen, “Oorlog en Vrede in de Westhoek”, en Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Afdeling Monumenten en Landschappen.
Auteurs :  Bogaert, Nele, Decoodt, Hannelore
Datum  : 2004


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Duitse militaire begraafplaats [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/50912 (Geraadpleegd op 08-08-2020)