erfgoedobject

Voormalig badhuis Bains Anversois

bouwkundig element
ID: 5339   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/5339

Juridische gevolgen

Beschrijving

Historiek en context

Laatclassicistisch herenhuis dat vermoedelijk opklimt tot het eerste kwart van de 19de eeuw, en dat door de laatste privé-eigenaar notaris Albert Van der Schoot werd verkocht aan de Société Anonyme des Bains Anversois. Deze maatschappij was opgericht op initiatief van de arts en politicus Emile Descamps, met als de doel de bouw van een privé-zwembad. In december 1895 verleende het stadsbestuur zijn goedkeuring aan dit initiatief, waarvoor aanvankelijk een stadsgrond tussen de Lambermontstraat en de Vrijheidstraat in de wijk Zuid naar voor werd geschoven. Op zoek naar een geschikt model, ondernamen de initiatiefnemers vervolgens de nodige studiereizen. De Bains Anversois werden uiteindelijk onder leiding van de architect Joseph Hertogs opgetrokken achter het bewaarde hotel Van der Schoot in de Lange Gasthuisstraat, waarvan de gevel werd aangepast. Met twee overdekte zwembaden, een hamam, medicinale, stortbaden en een gymnasium, besloeg het complex het volledige perceel. Het ontwerp dateerde al van 1898, maar het badhuis opende pas zijn deuren in februari 1901. Dit laatste werd in 1974-1975 gesloopt voor een nieuwbouwkantoor.

De Bains Anversois maakt deel uit van het rijpe oeuvre van Joseph Hertogs, die als een van de meest succesvolle architecten in Antwerpen geldt, actief van omstreeks 1885 tot zijn overlijden in 1930. Zijn loopbaan in dienst van de vermogende, overwegend liberale mercantiele burgerij, leverde een vijfhonderdtal woningen en openbare gebouwen op. Deze evolueren van eclecticisme en neorenaissance, naar een klassiek geïnspireerde beaux-artsstijl. Begin jaren 1890 liet Hertogs zich opmerken met het verdwenen Zeemanshuis uit 1890-1891 aan de Ankerrui, en de synagoge Shomre Hadass uit 1891-1893 in de Bouwmeestersstraat. Omstreeks de eeuwwisseling, zijn rijpe periode, vermengde de architect diverse neostijlen tot een eclectisch idioom, en drukte met monumentale bouwwerken als het Hansahuis op de hoek van Suikerrui en Ernest Van Dijckkaai, en Grands Magasins Leonhard Tietz aan de Meir zijn stempel op het Antwerpse stadsbeeld.

Architectuur

Het gebouw met een gevelbreedte van vijf traveeën, omvat drie bouwlagen onder een leien zadeldak. De bepleisterde en beschilderde, laatclassicistische lijstgevel, met aanpassingen uit 1898-1901, rust op een plint uit blauwe hardsteen. Horizontaal geleed door de puilijst, en volkomen symmetrisch van opzet, legt de compositie de klemtoon op het middenrisaliet met de koetspoort, later het hoofdportaal van het badhuis. Het driehoekige fronton van de topgeleding is in het timpaan versierd met een waterkruik, verwijzend naar de badhuisfunctie. Waar de pui als sokkel wordt geaccentueerd door schijnvoegen uitstralend boven de muuropeningen, ritmeren kolossale, ingediepte pilasters de bovenbouw. De door Hertogs toegevoegde zijportalen met entablement en ronde oculus als bovenlicht in de uiterste traveeën, boden respectievelijk toegang tot de stortbaden en de privé-woning op de bovenverdiepingen. Verder beantwoordt de opstand aan een regelmatig ordonnantieschema, opgebouwd uit registers van rechthoekige muuropeningen, op de begane grond met lekdrempel op voluutconsoles, en op de bovenverdiepingen in vlakke hardstenen omlijstingen met doorgetrokken lekdrempels. Smeedijzeren leuningen uit de bouwperiode en entablementen accentueren de bel-etage. Een klassiek hoofdgestel met gelede architraaf, fries en kroonlijst op klossen vormt de gevelbeëindiging. Smeedijzeren vleugeldeur van het hoofdportaal uit 1898, en houten deur- en vensterschrijnwerk.

Het verdwenen badhuis bestond uit een klein zwembad tweede klasse van 10 bij 16 m, en een groot zwembad eerste klasse met gescheiden afdelingen voor dames en heren van 10,5 bij 32 m, beide omringd door ijzeren galerijen met kleedhokjes over twee niveaus en overdekt door een ijzeren spantconstructie. Het grote zwembad werd geflankeerd door een wintertuin en hammam met stoombaden, massage- en rustcabines op de begane grond, en medische inhalatie-, elektrische, en lichtbaden, aangevuld met een Zweeds gymnasium op de verdieping. De voorbouw huisvestte gelijkvloers de inkomhal met kassa en linnenkamer, een kantoor en wachtkamer, geflankeerd door de stortbaden met aparte toegang. De verwarmingsinstallatie met schoorsteen achteraan op het perceel, de wasserij, droog-, strijkplaats en keuken van de ‘limonadier’ bevonden zich ondergronds.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossier 1898#1549.
  • DEN HOLLANDER M. 2006: Sport in ’t Stad 1830-1914, Leuven, 271-275.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2017


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Voormalig badhuis Bains Anversois [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/5339 (Geraadpleegd op 20-02-2020)