Villa Nieuw Malecote

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Maldegem
Deelgemeente Adegem
Straat Oude Staatsbaan
Locatie Oude Staatsbaan 156, Maldegem (Oost-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Maldegem (adrescontroles: 05-05-2008 - 05-05-2008).
  • Inventarisatie Maldegem (geografische inventarisatie: 01-06-2002 - 31-03-2003).

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Villa Nieuw Malecote

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is beschermd als monument Villa Nieuw Malecote

Deze bescherming is geldig sinds 09-06-2004.

Beschrijving

De huisnaam is ontleend aan de oude omwalde hoeve Malecote, opklimmend tot de middeleeuwen (13de eeuw), in deze wijk, en waarmee de villa verbonden was via een dreef.

De villa werd gebouwd in opdracht van Adolphe Standaert-Orridge, industrieel uit de wijk Balgerhoeke op grondgebied Eeklo. E. Standaert, vader van Adolphe, kocht in 1885 een meststoffenfabriek in Balgerhoeke aan het Afleidingskanaal. Vader en zoon bouwden de zaak verder uit tot een internationaal befaamde fabriek voor superfosfaat. De familie bewoonde het huis, genaamd "Oud Huis", op de hoek van de huidige Pastoor Bontestraat in Eeklo. Rond 1910 besloot A. Standaert een nieuwe villa te bouwen aan de overkant van het kanaal op het grondgebied van de gemeente Adegem. In het kadasterarchief wordt de villa vermeld als kasteel, in gebruik genomen in 1914. Architect E. De Heem kreeg, blijkens een gevelsteen, de opdracht tot het ontwerp.

De vrijstaande villa is omringd door een uitgestrekte en mooi onderhouden tuin met bloemenperken aan het huis, kronkelende wandelpaden rond gazons en enkele mooie heesters zoals bolvormig gesnoeide buxus of taxus en boomgroepen zoals treurbeuken; de oostzijde van de tuin bevat nog verscheidene bomen van de dubbele beukendreef die eertijds leidde tot de hoeve Malecote aan de Prins Boudewijnlaan. De tuin bevat verder nog een veelhoekig bakstenen prieeltje, een later uitgebreide garage, een later heraangelegd tennisveld en zwembad, een tuinhuis en hondenhok. Aan de straat wordt de grote tuin afgesloten door een hulsthaag, met op de noordoostelijke hoek een opvallend hek. Een houten tuinpoort en een overluifelde voetgangershek met ijzeren ajour zijn opgehangen aan bakstenen pijlers met decoratieve arduinen bekroningen. De middelste hekpijler draagt in een steen de huisnaam "Nieuw Malecote".

De ruime bakstenen villa, volgens een gevelsteentje in de voorgevel opgetrokken naar ontwerp van architect E. De Heem, is met zijn kenmerkende houten erkers, puntgevels, imitatievakwerk en hoge pannendaken opgetrokken in de toen modieuze landelijke cottagestijl met verwijzingen naar de Engelse landhuizen.

De villa bevat een kelder en twee bouwlagen opgetrokken van baksteen en afgedekt met speelse pannendaken en twee zolderverdiepingen, gemarkeerd door een strook imitatievakwerkbouw als gevelbeëindiging en klimmende dakkapellen. In de sobere gevels komt slechts lichte art-nouveau-invloed voor in de decoratieve cementen elementen van de benedenvensters met sierlijke florale motieven. Trapezoïdale houten erkers over twee verdiepingen zorgen voor een eigentijds decoratief accent in de gevelstructuur. Kenmerkend voor de bouwtijd en de bouwstijl zijn ook de bovenlichten van de ramen met kleine roedeverdeling gevuld met geelachtig gestructureerd glas, die ook voorzien zijn van rolluiken. De keldervensters zijn voorzien van ijzeren traliewerk met bloemmotief. De voorgevel is naar het oosten gericht, in de richting van de woonkern met de parochiekerk van Balgerhoeke en de fabriek van de bouwheer aan het Schipdonkkanaal. De vrij symmetrische opgebouwde gevel bevat twee topgevels opzij van het centrale gedeelte met de toegangsdeur. De deur bevindt zich in een typische portiek onder een leien dakje, voorafgegaan door een trap, met erboven een overdekt balkon met witgeschilderde houten borstwering. In de zuidgevel kreeg de houten veranda met zijn verzorgd wit geschilderd houtsnijwerk en leien dakje speciale aandacht.

Ook het interieur is een fraai voorbeeld van woonhuiscultuur in cottagestijl uit het eerste kwart van de 20ste eeuw. Het doordachte grondplan en de ruimte-indeling van de villa is eveneens sterk verwant aan de Engelse cottage uit die tijd, waarbij de inkomhal de centrale plaats is waarop de verschillende kamers uitgeven. De functionele indeling van het huis rondom de centrale hal beantwoordde volledig aan de nieuwe eisen van comfort.

De volledige villa is onderkelderd met een kelderverdieping met typerende troggewelven. De kelder is toegankelijk via een houten trap vanuit de keuken en een buitentrap. De kamers op de begane grond hebben parketvloeren; de dienstruimten zoals keuken, vestiaire, toilet en dienstingang zijn belegd met cementtegelvloeren. De marmeren schouwen in de kamers zijn van een zeer sobere rechtlijnige vormgeving. De geschilderde deuren hebben een sierlijke omlijsting en bevatten in de bovenlichten glasraampjes met florale motieven verwant aan de art nouveau. De aankleding van de hal en de woonkamer (zogenaamd morning room) is naar verluidt gerealiseerd door de gekende meubelmakers De Coene uit Kortrijk. De radiatorbeschermers met panelen in koperen ajour zijn gebruikelijker wijze onder de vensters geplaatst. De centrale hal wordt gekenmerkt door een zit- of praathoek (cosy-corner) met vaste hoeksofa en kastjes onder de trap. De houten bordestrap met opmerkelijke balustrade heeft in de trappaal gestileerde florale ornamenten geïnspireerd op de art nouveau. In de zogenaamde morning room zijn zowel het vast meubilair, losse meubels, lambriseringen, marmeren schouw als luchter bewaard. De houten lambrisering bestaat uit paneelwerk verfraaid met koperen plaatjes met bloemmotief. De keuken bevindt zich in de zuidwesthoek van het huis en wordt van de eetkamer gescheiden door een dienkeuken. De keuken is volledig betegeld met witte faiencetegels en een blauwe boord. De vloer is gedekt met eenkleurige cementtegels in een eenvoudig patroon van witte vierkante tegels met ruitvormige blauwe tegels in de hoeken. De oorspronkelijk witte keukenmeubels van de kook- en de dienkeuken zijn nu blauw geschilderd. De dienstingang met diensttrap, vestiaire en toilet zijn betegeld met een meerkleurig tegeltapijt met florale motieven. In de vestiaire trekt een tegellambrisering met bloemenslingers en medaillons de aandacht.

  • MEGANCK L., Onderzoek voor het proefschrift: Bouwen te Gent in het Interbellum (1919-1939). Stedenbouw – Opleiding – Patrimonium, Universiteit Gent, 2002.
  • DE ROO S. & DE SMET E., Het Eeklo van toen, Brugge, 1985, p. 84-85.
  • NOTTEBOOM H., Op wandel door Adegem, Maldegem, 1991.

Bron: -

Auteurs: Bogaert, Chris & Lanclus, Kathleen

Datum tekst: 2003

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Oude Staatsbaan

Oude Staatsbaan (Maldegem)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.