Teksten van Onze-Lieve-Vrouwecollege of Jezuïetencollege

Jezuïtencollege ()

Historiek

De gebouwen van het Onze-Lieve-Vrouwecollege of jezuïetencollege zijn een baken langs de Frankrijklei. Kort na de opening van de gronden op de geslechte Spaanse vesten, lieten de jezuïeten een klooster en een school bouwen naar een ontwerp van Heliodore Leclef van 1871. Net zoals bij de herenwoningen die deze bouwmeester op de Frankrijklei realiseerde, koos hij voor het college een strenge neoclassicistische stijl. Het complex werd gebouwd op een rechthoekig bouwblok tussen de Frankrijk- en de Rubenslei, op de hoek van de Louiza-Marialei. Een paar jaar later werd besloten een kerk naast het college te bouwen. In 1878 werd de bouwaanvraag met een neogotische ontwerp door J. Bilmeyer en J. Van Riel ingediend. In 1909 vervolledigden twee torenspitsen het kerkgebouw.

Gedurende de volledige 20ste eeuw werd er verbouwd en uitgebreid aan het college, dat voortdurend meer leerlingen had. In 1904 zorgde J. Bilmeyer door de verhoging van de sacristie tussen school en kerk, voor extra klaslokalen. In 1929 en 1930 zorgden de bouwmeesters Prof. J. Huygh en Flor Van Reeth voor een aantal interne verbouwingen, zonder evenwel de gevels te wijzigen. In 1949 ging men voor het eerst kiezen voor de bouw van een nieuwe vleugel: Paul Tombeur en J. Clesse tekenden een vleugel met garage, sanitair en vergaderruimtes die de grote speelplaats in twee verdeelde, en haaks op de Louiza-Marialei was ingeplant.

Na de Tweede Wereldoorlog werd Rie Haan de vaste architect van het college. Hij realiseerde naast de kerk de opvallende theaterzaal Elckerlyc, een pand dat anno 2013 niet meer bij het college hoort. Nadat hij in de vleugel aan de Rubenslei enkele verbouwingen had uitgevoerd, ontwierp Rie Haan in 1966 een nieuwe schoolvleugel aan de Louiza-Marialei, waardoor de tuinmuur van in de jaren 1870 verdwijnt en het haakse gebouw dat door Tombeur en Clesse werd getekend, afgebroken moest worden. Ook de 19de-eeuwse vleugel met badgebouw, ten zuiden achter zaal Elckerlyc gelegen, werd afgebroken voor nieuwbouw.

In 1976 diende bOb van Reeth een bouwdossier in voor een grote nieuwe vleugel op die plaats, met hoofdgevel in de Rubenslei.

Architectuur

Het imposante jezuïetencollege, met schoolgebouwen, klooster, kerk en theaterzaal werd in verschillende bouwfases opgetrokken over een periode van meer dan honderd jaar tijd.

De oudste gebouwen zijn de school en het klooster. Ze dateren uit de jaren 1870 en zijn gebouwd in neoclassicistische stijl naar een ontwerp van bouwmeester Héliodore Leclef. Parallel aan de Louiza-Marialei is een lange vleugel gebouwd over de volledige breedte van het bouwblok, met haaks hierop twee kortere vleugels aan de Frankrijk- en de Rubenslei. De vleugels aan de zijde van de Frankrijklei bevatten de ruimtes van het klooster, aan de zijde van de Rubenslei was de school te situeren. De grote open ruimte binnen deze U-vormige opstelling werd aan de Louiza-Marialei door een tuinmuur afgesloten. De ene helft was tuin voor het klooster, de andere helft speelplaats, van elkaar gescheiden door een gebouw met kippenhok en toiletten. Een tweede gebouw van de school was gelegen ten noorden van de lange vleugel, met aansluitend een tweede speelplaats. In dit gebouw was een badzaal, een overdekte zaal en twee studiezalen voorzien. Deze vleugel werd in de jaren 1970 afgebroken voor de bouw van de nieuwbouw ontworpen door bOb Van Reeth.

Gebouw Leclef

De oudste vleugels, daterend van de jaren 1870, zijn statige gebouwen van drie bouwlagen onder pannen mansardedaken. De lijstgevels zijn bepleisterd en witgeschilderd, met een hardstenen plint, imitatievoegen op de verhoogde begane grond, doorlopende lijsten en lekdrempels, klassieke gevelbeëindiging met gelede architraaf, eenvoudig fries en houten kroonlijst op klossen. De hoofdingang bevindt zich op de Frankrijklei en heeft net als de korte dwarsgevels op de Louiza-Marialei lichte, geblokte risalieten onder driehoekig fronton. Er zijn zowel rechthoekige, rondbogige als segmentbogige muuropeningen, in geriemde omlijstingen. De voorgevel aan de Frankrijklei telt vijftien traveeën; centraal in het fronton staat het volgend opschrift: "Litteris et Bonis Artibus". Het Mariabeeld op de hoek van de Frankrijklei en de Louiza-Marialei wordt al op de geveltekening van 1871 voorzien. Het is uitgevoerd door de Leuvense beeldhouwer Jan Frans Vermeylen en ingehuldigd bij de opening van het college in 1875. Onze-Lieve-Vrouw met Kind op linkerarm, ronde sokkel, segmentboognis met gebogen, afsluitende waterlijsten.

De lijstgevels aan de twee speelplaatsen zijn bepleisterd en beschilderd met klassieke gevelbeëindiging, rondboogvensters en individuele lekdrempels. Tegen de noordgevel van de lange vleugel is een rondbooggalerij aanwezig op hardstenen Dorische zuilen zonder sokkel.

De rechthoekige speelplaats aan de zijde van de Maria-Louizalei, oorspronkelijk met een tuinmuur afgesloten, is momenteel begrensd door een moderne rechthoekige vleugel die architect Rie Haan in 1966 ontwierp. Het is een strak vormgeven gebouw met een betonstructuur van twee bouwlagen en twaalf traveeën, onder plat dak. Beide langsgevels worden getypeerd door grote vensters die de klassen verlichten. In de kelderverdieping werden garages en fietsenbergingen voorzien, op de gelijkvloerse en eerste verdieping telkens een enfilade van zes klassen met flankerende gang.

Gebouw Van Reeth

De meest recente vleugel van 1973-76 naar ontwerp van bOb Van Reeth, ligt ten noorden van de tweede speelplaats (Rubenslei) en vervangt een ouder gebouw uit de eerste bouwfase, waarin bad-, turn- en studiezalen aanwezig waren. Van Reeth ontwierp een betonconstructie van vier bouwlagen met rechthoekige en rondboogvormige muuropeningen. Deze opvallende vensterregisters, verwijzen net als de galerij aan zuidzijde, naar het vroegere gebouw en de ertegenover liggende galerij van de oude schoolvleugel. De binneninrichting bevat klassen die aparte eenheden vormen, afgesloten door wanden van hout en glas tussen de hoekige betonnen steunpunten. In gangen en polyvalente zalen worden verloren hoeken vermeden, deze komen wel terug in trapzalen en door verdraaiingen en verbindingen van bepaalde constructieve delen.

  • DIDDENS H. 1956: Het Jezuïetencollege te Antwerpen. Historische schets, Schoten.
  • STRAUVEN F. 1981: L' Architecture en Belgique 1970-80, Louvain-la-Neuve, 50-54.
  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwdossiers, 1871 # 706, 1904 # 1665, 1909 # 1224,1929 # 34189, 1930 # 38150, 18 # 25998 (1949), 18 # 48737 (1966), 18 # 49295 (1966), 18 57593.

Bron: -
Auteurs:  Hooft, Elise
Datum:


Je kan deze pagina citeren als: Hooft, Elise: Onze-Lieve-Vrouwecollege of Jezuïetencollege [online], https://id.erfgoed.net/teksten/144803 (geraadpleegd op )


Onze-Lieve-Vrouwecollege of jezuïtencollege ()

Onze-Lieve-Vrouwecollege of jezuïetencollege, ingeplant naast kerk, tussen Frankrijk-, Louiza-Maria- en Rubenslei. Vleugels, gesitueerd rondom twee rechthoekige speelplaatsen, opklimmend tot 1875, 1966 en 1973-76.

De oudste gebouwen in neoclassicistische stijl, naar ontwerp van J. Bilmeyer en J. Van Riel, bestaan uit een lange vleugel (parallel aan Louiza-Marialei) en haaks hierop twee kortere vleugels aan Frankrijk- en Rubenslei. Tegen Louiza-Marialei: moderne vleugel van 1966 naar ontwerp van Rie Haan. De meest recente vleugel van 1973-76 naar ontwerp van B. Van Reeth, ligt ten noorden van de tweede speelplaats (Rubenslei) en vervangt een ouder gebouw van 1875.

Oudste gebouwen met klooster en basisschool, geopend in 1875, U-vormig complex tussen Frankrijk-, Louiza-Maria- en Rubenslei; rechthoekige speelplaats aan zijde van Maria-Louizalei afgesloten door moderne rechthoekige vleugel van 1966 van R. Haen.

Imposante vleugels van drie bouwlagen onder pannen mansardedaken. Arduinen plint, imitatievoegen op verhoogde begane grond, doorlopende lijsten en lekdrempels, klassieke gevelbeëindiging met gelede architraaf, eenvoudig fries en houten kroonlijst op klossen. Hoofdingang (Frankrijklei) en korte gevels aan Louiza-Marialei met lichte, geblokte risalieten onder driehoekig fronton. Rondboog- en rechthoekige (Rubenslei, begane grond) en segmentboogvensters, laatstgenoemde op bovenverdieping en in geriemde omlijsting.

Hoofdgevel van vijftien traveeën aan Frankrijklei met geblokt middenrisaliet van drie traveeën onder groot afsluitend fronton met radvenster en opschrift: "Litteris et Bonis Artibus"; vensters op tweede verdieping in entablement. Rondboogdeur met bovenlicht.

Op hoek: beeld van Onze-Lieve-Vrouw door Leuvense beeldhouwer Vermijlen, geplaatst bij opening van college. Onze-Lieve-Vrouw met Kind op linkerarm, ronde sokkel, segmentboognis met gebogen, afsluitende waterlijsten.

Aan speelplaatsen: bepleisterde en beschilderde lijstgevels met klassieke gevelbeëindiging, rondboogvensters en individuele lekdrempels. Noordgevel met rondbooggalerij op hardstenen Dorische zuilen zonder sokkel.

Ten noorden van speelplaats: recente vleugel (humaniora) naar ontwerp van B. Van Reeth van 1973-76. Betonconstructie van vier bouwlagen met rechthoekige en rondboogvormige muuropeningen. Laatstgenoemde en galerij aan zuidzijde verwijzend naar vroegere gebouw en ertegenover liggende galerij van oude schoolvleugel.

Binneninrichting waarin klassen aparte eenheden vormen, afgesloten door wanden van hout en glas tussen de hoekige betonnen steunpunten. In gangen en polyvalente zalen worden verloren hoeken vermeden, deze komen wel terug in trapzalen en door verdraaiingen en verbindingen van bepaalde constructieve delen.

  • DIDDENS H., Het Jezuïetencollege te Antwerpen. Historische schets, Schoten, 1956.
  • STRAUVEN F., L'Architecture en Belgique 1970-80, Louvain-la-Neuve, 1981, p. 50-54.

Bron: Plomteux G. & Steyaert R. met medewerking van Wylleman L. 1989: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Antwerpen, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 3NC, Brussel - Turnhout.
Auteurs:  Plomteux, Greet, Steyaert, Rita
Datum:


Je kan deze pagina citeren als: Plomteux, Greet; Steyaert, Rita: Onze-Lieve-Vrouwecollege of Jezuïetencollege [online], https://id.erfgoed.net/teksten/6778 (geraadpleegd op )