erfgoedobject

Bankgebouw Financia

bouwkundig element
ID: 6784   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/6784

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Bankgebouw Financia
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

Historiek

Bankgebouw in naoorlogs modernisme, opgetrokken in opdracht van de hypotheekmaatschappij Financia, naar een ontwerp door de architect Walter Bresseleers uit 1962-1964. Het project dat in samenwerking met het Brusselse studiebureau Artec tot stand kwam, werd in 1965-1967 opgetrokken door het bouwbedrijf Antwerpse Bouwwerken Verbeeck uit Borgerhout. Voordien bevond zich op het perceel een voornaam herenhuis in neoclassicistische stijl uit de jaren 1870-1880.

Het project ging eind 1962 van start met een eerste bouwaanvraag door de nv Immofinancia, op basis van een concept door Walter Bresseleers, dat reeds grosso modo overeenstemde met de uiteindelijke bouwplannen. Hoewel begin 1963 nog een extra dakverdieping werd aangevraagd, liet de opdrachtgever de intussen verkregen bouwvergunning vervallen. Daarop diende de herdoopte nv Financia medio 1964 een tweede bouwaanvraag in op basis van een nieuw ontwerp door de architect René Bossaerts, dat op zijn beurt een bouwvergunning kreeg. In tegenstelling tot het naar vormgeving en programma vooruitstrevende concept van Bresseleers, beantwoordde het kantoorgebouw van Bossaerts aan een conformistische, ongeïnspireerde architectuuropvatting. Uiteindelijk opteerde de opdrachtgever toch voor het project van Bresseleers, dat in een nog verbeterde versie uit 1964 werd uitgevoerd. Daarbij liet Financia uitschijnen dat het nieuwe kantoorgebouw slechts de eerste fase vormde van een groter project, dat in de onmiddellijke toekomst ook het belendende perceel, en later wellicht ook het hoekperceel met de Maria-Henriëttalei zou incorporeren. Hoewel het ontwerp van het bankgebouw al terdege rekening hield met een mogelijke uitbreiding, onder meer door de verticale circulatie tegen de gemene muur te situeren, kregen de plannen geen vervolg. Ten tijde van de bouw werd de nv Financia, een hypotheek- en beheersmaatschappij, geleid door de beheerders Paul Arts en Emile Mallien.

Context

Walter Bresseleers, die na zijn architectuurstudies van 1951 tot 1957 verbonden was aan het bureau van de architect Léon Stynen, richtte in 1958 een eigen praktijk op. Hij legde zich tijdens zijn loopbaan haast uitsluitend toe op industrie- en kantoorgebouwen in een strakke architectuurtaal, die de structurele opbouw benadrukte en grote aandacht besteedde aan systeembouw en industriële vormgeving. Het kantoorgebouw Financia behoort tot de belangrijkste realisaties uit zijn vroege loopbaan, en geldt met de spaarkas HBK door Willy Van Der Meeren in de Lange Lozanastraat als een van de meest innovatieve kantoorgebouwen uit de jaren 1960 in Antwerpen. In die periode liet Bresseleers zich ook opmerken met het IBM Center in Diegem en het Ahlers House in de Antwerpse haven, en tijdens de jaren 1970 met de ITT-toren op de Louizalaan te Brussel.

Door de opdrachtgever werd als programma een bankgebouw met een open karakter en een efficiënt ruimtegebruik vooropgesteld, uitgaande van een maximum aan operationele flexibiliteit, en een uiterste beperking van de dienst- en circulatiezones. Bresseleers ontwierp een constructie opgebouwd uit portiekstructuren van Preflex-draagbalken uit voorgespannen beton met een overspanning van 14 m en een interval van 5,50 tot 7,18 m, rustend op in de zijwanden geïntegreerde pijlers uit gewapend beton. Alle secundaire functies - liften, trap, sanitair, leidingen - zijn ondergebracht in één verticale kern, die zich dwars door alle verdiepingen boort. Dit principe maakt een volkomen vrije indeling van de kantoorplateaus mogelijk, zonder hinder van steunpijlers of nutskokers. Het transparante karakter van het gebouw berust op de volledig glazen, dubbelwandige gordijngevels aan zowel voor- als achterzijde, die als de belangrijkste innovatie van het concept moeten worden beschouwd. Naast het publicitaire effect dat van een lichtgevend front uitgaat, verzekeren deze ingenieuze gordijngevels zonder verlies aan openheid en lichtinval de thermische en geluidsisolatie van het bankgebouw, dat aan een drukke verkeersweg is gelegen. De sculpturale vormgeving van de technische infrastructuur ten slotte, resulteerde oorspronkelijk in een opvallende dakbekroning. Innovatief zowel op bouwtechnisch als op vormelijk vlak, behoort het bankgebouw Financia tot de voorlopers in de evolutie van de naoorlogse Belgische bedrijfs- en kantoorarchitectuur, naar een op Amerikaanse leest geschoeide 'corporate identity'.

Architectuur

Het bankgebouw beslaat gelijkvloers de volledige oppervlakte van het rechthoekige perceel, met ondergronds een parkeergarage waarvan de inrit uitgeeft op de Maria-Henriëttalei. Beperkt tot de helft van de perceeldiepte en achteraan schuin afgesneden, omvat de bovenbouw een mezzanine, vijf bouwlagen en een terugwijkende dakverdieping met terrassen. Het doorlopend beglaasde gevelfront is geleed in een dubbelhoge pui, en een over de volledige breedte overstekende bovenbouw. Van de dubbelwandige gordijngevel met een ventileerbare tussenruimte, is het buitenblad samengesteld uit groen getinte, geharde glasplaten (Securit) van 2,20 bij 2 m. Deze zijn onderling verbonden via bouten en koppelplaatjes uit roestvrij staal, met aluminium profielen als verticale verstijving. De koppelplaatjes rusten op in de buitenste draagbalken verankerde consoles, die ook de geïntegreerde looproosters dragen voor het raamonderhoud, evenals de zonnewering en de publicitaire verlichting. Voor het binnenblad is volgens dezelfde modulering dubbele beglazing toegepast, gevat in schrijnwerk uit tropisch hardhout. De pui bestaat uit glaspanelen van 6 bij 2,40 m, voor de stabiliteit voorzien van eveneens glazen steunprofielen, opgehangen aan de buitenste draagbalk van de eerste verdieping. De oorspronkelijk fel groen gelakte technische infrastructuur op het dak, waarvan vooral de schouwen en luchthappers van de airconditioning het sculpturale karakter bepaalden, werd helaas in afwijkende vorm vernieuwd.

Het interieur ontleende oorspronkelijk zijn karakter aan de zichtbare structuur uit wit beton, het onbeschilderde baksteenparement van de gemene muren, de wit marmeren vloer in de publieke delen, en de verlaagde plafonds met geïntegreerde verlichting. Volgens de bouwplannen neemt de ruime inkom- en ontvangsthal de dubbelhoge benedenbouw van het hoofdvolume in, opgedeeld door een mezzanine met een monumentale open wenteltrap. Hierachter strekt zich een lager kantoorvolume uit, verlicht door drie rijen lichtkegels. Op de bovenverdiepingen berust de ruimte-indeling op verplaatsbare wanden, die directiekantoren, spreekkamers en landschapskantoren afbakenen. Omringd door terrassen wordt de dakverdieping vooraan ingenomen door het fumoir en de eetzaal van de directie, en achteraan door refter van het personeel en de keuken. De inkom- en ontvangsthal is vandaag volledig verbouwd, met verwijdering van de mezzaninetrap.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 18#47262, 18#44674, 18#45208 en 18#46807.
  • S.n. 1968: Immeuble Financia à Anvers, La Maison 24.3, 115-118.
  • S.n. 1969: Immeuble Financia à Anvers, Architecture 69 18.92, 612-615.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2013


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Bankgebouw Financia [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/6784 (Geraadpleegd op 19-09-2019)