erfgoedobject

Kasteeldomein Vanackere

bouwkundig element
ID
71291
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/71291

Juridische gevolgen

Beschrijving

Huidig gemeentehuis, ook het kasteel genoemd, in 1894-96 gebouwd als woonhuis door de familie Jules Vanackere-Van der Mersch. In 1954 worden kasteel en omliggend park aangekocht door de gemeente en ingericht als administratief centrum. In het park wordt de gemeentelijke openbare bibliotheek gebouwd. Kasteel, conciërgewoning, tuinpaviljoentjes, berceau en hekwerk beschermd als monument bij M.B. van 3 juni 2005. Kasteel gelegen in park met vijver, oud bomenbestand, twee tuinpaviljoentjes waarvan één met ijskelder. Geheel aanvankelijk afgesloten door ijzeren hekken, thans enkel nog bewaard aan de linkerzijde van het gebouw. Tijdens de Eerste en de Tweede Wereldoorlog wordt de woning opgeëist door de Duitse bezetter om als "Ortskommandantur" te fungeren. Geheel in 1953 aangekocht door de gemeente.

Kasteel. Gebouw van 1894-1896, opgetrokken naar ontwerp van C. Vanhoutte (Kortrijk), op de plaats waar voorheen een herenhuis stond in Franse stijl. Onderkelderd kasteel, opgetrokken in neo-Vlaamse-renaissance stijl. Voorgevel van vier traveeën en twee bouwlagen van rode baksteen onder complexe leien bedaking gemarkeerd door sierlijke vorstkam. Decoratief en rijkelijk gebruik van arduin voor onder meer plint, doorgetrokken onderdorpels, waterlijsten en muurbanden, negblokken, erkers, balkons, fialen en bolornamenten. Inspringende deurtravee, geflankeerd door twee venstertraveeën, oplopend in puntgevel belijnd met arduin en met halfronde bekroning voorzien van bolornament. Centrale inkompartij met bordes en decoratief uitgewerkt smeedijzeren portaal. Rechter zijrisaliet onder hoogoplopend leien tentdak bekroond door belvedère en geflankeerd door drie slanke, versneden hoektorentjes voorzien van schietgaten. Fries met keramische tegels in arduinen, rondbogige omlijsting. Rondbogige muuropeningen op de eerste bouwlaag, rechthoekige muuropeningen en erkers, verfraaid met coquilles op de tweede bouwlaag. Linkerzijgevel eveneens gemarkeerd door hoektorentjes. Zij- en achtergevels in dezelfde stijl uitgewerkt, achteraan met toegevoegde glazen veranda's.

Eclectisch interieur. Elke ruimte met andere aankleding uitgevoerd in neo-stijlen, typisch voor die periode. Kelder met troggewelfjes en cementtegelvloer, trap van blauwe hardsteen. Trappenhuis met marmeren keizerstrap met gietijzeren leuning. Glas-in-loodtraplicht. Marmeren vloer en dito wanden met ter hoogte van de trap twee pilasters met Korinthisch kapiteel. Houten vleugeldeuren met decoratief uitgewerkte supra-porta's. Plafond met lijstwerk en rozet. Kabinet van de Burgemeester aangekleed in neo-Vlaamse-renaissance stijl. Wanden met houten lambrisering met daarboven schilderijen geïnspireerd door Pieter Breughel de Oudere. Een Kortrijkse kunstschilder vervaardigde ze tussen 1897 en de Eerste Wereldoorlog. In 1954, gerestaureerd door M. Coolsaet. Zwart marmeren schouwmantel met bewaard haardscherm met daarboven het schilderij "17de-eeuwse herbergscene" van M. Coolsaet uit 1954 waarbij hij zich liet inspireren door de Vlaamse primitieven. De verschillende ruimtes op de bendenverdieping zijn uitgevoerd in neo-rococo, neo-classicisme en neo-Vlaamse-renaissance stijl, ze bewaren plafonds met decoratief lijstwerk en rozetten. Voornamelijk behangen wanden, het behang is veelal omgeven door een decoratief uitgewerkte houten omlijsting. In verschillende ruimtes zijn de marmeren schouwmantels bewaard. Deuren en schouwboezems met decoratief uitgewerkte supra-porta's met onder meer strikmotieven, medaillons, laurierkransen en guirlandes, waarvan verschillende in koper uitgevoerd. In één ruimte werd het parket, afgelijnd met een meandermotief, bewaard. Op de bovenverdieping, bewaarde deuren, tevens bleef het lijstwerk onder de valse plafonds bewaard.

Voormalige conciërgewoning. Lijstgevel van vijf traveeën en één bouwlaag op arduinen plint, geknikt leien zadeldak doorbroken door vijf dakkapellen. Onder de kroonlijst, spiegelfries met invulling van cementtegels in een arduinen omlijsting. Verdiepte rondbogige muuropeningen met vernieuwd schrijnwerk.

Interieur. Grondig gerenoveerd in 1994, enkel de kelder met troggewelfjes bleef bewaard.

Park met vijver, vermoedelijk reeds aangelegd voor de bouw van het kasteel. Aanvankelijk strekte het zich uit tot aan de tuinpaviljoentjes, in een latere fase uitgebreid tot aan de spoorweg.

Tuinpaviljoentjes. Vermoedelijk opgetrokken voor de bouw van het kasteel in 1896. Aanvankelijk begrensden ze het park. Beide waren opgetrokken op de uithoeken ervan, tussen hen liep een muur die gesloopt werd bij de uitbreiding van het park. Gloriettes op achthoekige plattegrond, rode baksteen onder zinken (schubleien) dak met houten bebording. Geheel horizontaal belijnd door doorgetrokken muurbanden en waterlijst van arduin en omlopende houten, decoratief uitgewerkte kroonlijst. Onder de kroonlijst spiegelfries met invulling van cementtegels. Licht getoogde muuropeningen met houten T-vensters. Bordestrap van zes treden voorzien van smeedijzeren leuning. Het paviljoentje ten oosten van het gemeentehuis heeft een dubbele bordestrap en een ingebouwde ijskelder. In de paviljoentjes werden geen oorspronkelijke interieurelementen bewaard.

Lovergang in beuk. De lovergang is gelegen aan de rechterzijde van het park achter het kasteel en vertrekt vanuit de vroegere parterres onmiddellijk achter het kasteel. De lovergang typeert de filosofie van de Engelse landschapsstijl. De berceau vormde in een langgerekte boog de aanzet van de grote wandeling langs de buitenzijde van het oorspronkelijke park. Relatief grote lovergang (110 meter lengte) in verhouding tot het park. De breedte van de lovergang is 3 meter met rechte wanden tot 2 meter hoogte en een eenvoudige halfcirkelvormige boog van anderhalve meter diameter. De steunende constructie bestaat uit een vrij licht eenvoudig smeedijzeren raamwerk met langsverbindingen op 1 meter en op 2 meter boven de grond en een verbinding centraal bovenin. Aangevuld met leidraden vormt de constructie de drager voor de beuken. Op twee plaatsen is de lovergang onderbroken door een opening en een nis. In het smeedwerk is de gebogen vorm van de opening aangegeven. Op het einde van de lovergang rechts is een nis uitgewerkt voor het plaatsen van een zitbank. Een nieuwe doorgang werd rechts gemaakt in aansluiting met de achterzijde van het zwembad. De lovergang is thans half verhard en ingericht met grondverlichting. De oorspronkelijke toestand was ongetwijfeld een aarden pad. De gietijzeren palen werden gerecupereerd vanuit een andere borstwering en toegevoegd aan de lovergang.

  • Architectuur in eigen buurt. Gevels en gebouwen in Wevelgem, een kennismaking, Kortrijk, 2002, p. 47-48.
  • CNOCKAERT L. e.a., Het gemeentehuis, brochure uitgegeven naar aanleiding van Open Monumentendag 1995 -Burgerlijke gebouwen Wevelgem, Wevelgem, 1995.
  • VERHAEGHE D., Schilderijen kabinet van de Burgemeester, Wevelgem, 1993.

Bron     : De Gunsch A. & De Leeuw S. met medewerking van Scheir O. 2005: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Wevelgem, Deelgemeenten Wevelgem, Gullegem en Moorsele, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL15, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs :  De Gunsch, Ann, De Leeuw, Sofie
Datum  : 2005


Relaties


Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Kasteeldomein Vanackere [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/71291 (Geraadpleegd op 12-06-2021)