erfgoedobject

Herenhuis met achterliggend appartementsgebouw

bouwkundig element
ID: 72706   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/72706

Juridische gevolgen

Beschrijving

Het pand aan de Bondgenotenlaan werd als privéwoning voor de bekende kankerspecialist professor J. Maisin ontworpen in 1928 door architect L. Spéder. Het vormt een ruim, drie bouwlagen hoog en vier traveeën breed herenhuis met enkelhuisopstand onder zadeldak, dat imponeert door zijn statig voorkomen in een mengstijl neorégence/ neo-Lodewijk XV, met picturale verwerking van rode baksteen en blauwe hardsteen. De ritmiek van de gevel wordt aangegeven door het lijnenspel van de kordons, de bel-etagebalkons en de aflijnende kroon- en tandlijst op consoles en door het decoratieve netwerkdecor dat als omlijsting van de gevarieerde venstervormen - rond, schouderboogvormig en met geknikte boog - voor een verticaliserend effect zorgt en nog wordt versterkt door de dubbele rij houten dakvensters en dakkapellen. Voorts karakteristieke detaillering, deels bewaarde originele roedeverdeling en cartouches met datering "ANNO/ 1928". De vrij opvallende rondboogpoort is gevat in een geringde omlijsting.

Het pand onderscheidt zich als een representatief en nog gaaf bewaard voorbeeld van wederopbouwarchitectuur, dat bovendien zijn oorspronkelijke interieurindeling en verzorgde historische inrichting in hoge mate tot op heden wist te handhaven, niettegenstaande zijn exclusieve woonfunctie werd verlaten voor een over twee niveaus verspreide winkelfunctie. De ruime vestibule met pilasterindeling, de imposante trappenhal met fraaie houten bordestrap, de diverse voormalige salons en kamers en de algemene aankleding met marmer- en stucdecor, sierlijke houten lambriseringen, opvallende schouwelementen, paneel- en glasdeuren en tegel- en parketbevloering getuigen onder meer van de vroegere rijke woonsfeer van dit statige herenhuis.

Achterin op het diepe perceel, kant Lepelstraat (nummer 43) liet dezelfde eigenaar Maisin in 1961 een klein appartementsgebouw optrekken, bedoeld als "opbrengsthuis" en dat samen met een voorliggende binnentuin ontworpen werd door de Brusselse architect G. De Hens. In de archieven dateren zijn eerste schetsen hiervoor van 1958. Woonblok en tuin bleven tot op heden nog een goed bewaard ensemble - zie ook eigentijdse foto’s - dat een markant en stilistisch homogeen voorbeeld vormt van zogenaamde expo ’58-stijl binnen het naoorlogse modernisme. Boeiend hierbij is de wijze waarop De Hens in zijn concept rekening hield met integratie, ontsluiting en stedenbouwkundige context. Omwille van de noord-zuid- oriëntering van het terrein is de voorgevel van het appartementsblok niet naar de Lepelstraat - daar bevinden zich de garages en een secundaire toegang - maar wel naar de tuin gericht. De hoofdtoegang bevindt zich dan ook ter hoogte van de koetspoort en -doorgang van het pand aan de Bondgenotenlaan, van waaruit een overdekt voetgangerspad met geknikt verloop doorheen de tuin naar het achterliggende woonblok leidt. Deze met grindtegels en baksteenmozaïek betegelde doorgang, overkapt met doorzichtige golfplaten op witgelakte metalen stutten vormt de ruggengraat van deze typische expo ‘58 tuinaanleg met structurerende flagstones, een rond bakstenen rozenperk (zandbak?), betonzitjes met irokko bekleding…, en dit in confrontatie met de erkervormige uitbouw en het aansluitende terras van het wederopbouwpand.

Het appartementsblok dat vijf bouwlagen telt - de twee hoogste in terugwijkende opstelling aan de Lepelstraat - omvat tien wooneenheden. Aan tuinzijde is de voorgevel geleed door een vrij massieve benedenbouw met centrale inkompartij binnen een metalen omlijsting en erboven een evenwichtig opengewerkte structuur met vierdelig betonraster waarbinnen ruime glaspartijen. De regelmaat wordt hier speels onderbroken door de asymmetrische compositie van het fijn houten schrijnwerk van de brede vaste en smallere opendraaiende ramen met onderlichten en de deuren met bovenlichten en door de invulpanelen die verwijzen naar de dispositie van keukens en slaapkamers. Karakteristiek is verder de articulatie door dunne relingleuningen en gestapelde balkons met eternietplaten en de kleurstelling - beige, blauw, wit - van het travertijnparement van benedenbouw en hoekpenanten en de beschildering van betonraster, smeedijzerwerk en panelen. Aan de Lepelstraat vertoont de achtergevel een ingehouden, vlakke opbouw in baksteen boven gelijkvloerse garagepoorten in irokko kambala-hout. Vensterregisters met twee of driedelige raampartijen - al dan niet met bovenlicht -, houten schrijnwerk en panelenborstweringen, op de derde bouwlaag in twee traveeën onderbroken voor diepliggende balkons afgezet door een ijzeren leuning; zelfde leuningen voor de terrassen van de terugwijkende bovenste verdiepingen. Typerende inrichting van de inkomhal in contrasterende kleuren met onder meer mozaïekvloer, houten wand en brievenbussencombinatie en decoratieve radiatorgril.

  • Stadsarchief Leuven, Modern Archief, dossier 87941 (bouwvergunning 11.06.1928), dossiers 115996/5010-116781 (bouwvergunning 21.09.1961).
  • Archives d’Architecture Moderne, Brussel/Elsene, fotocollectie Georges De Hens.
  • Informatie verzameld door eigenaars.

Bron     : Mondelaers Lydie & Verloove Clara i.s.m. Van Roy Diane, Van Damme Marjolijn en Meulemans Katharina. 2009. Inventaris van het bouwkundig erfgoed. Provincie Vlaams-Brabant. Leuven binnenstad. Herinventarisatie. Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen. VLB2 (onuitgegeven werkdocument)
Auteurs :  Mondelaers, Lydie, Verloove, Claartje
Datum  : 2009


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Herenhuis met achterliggend appartementsgebouw [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/72706 (Geraadpleegd op 11-12-2019)