erfgoedobject

Geheel van drie burgerhuizen in neorococo

bouwkundig element
ID: 7418   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/7418

Juridische gevolgen

Beschrijving

Geheel van drie gekoppelde burgerhuizen in neorococostijl, naar een ontwerp door Jaak Alfons Van der Gucht uit 1900, opgetrokken in 1901. Opdrachtgever was de heer Damster. Het vastgoedproject behoort tot het relatief vroege oeuvre van de architect, die actief was vanaf midden jaren 1880 tot eind jaren 1930. Zijn architectuur van omstreeks de eeuwwisseling etaleert een rijk palet aan historiserende bouwstijlen, zoals blijkt uit de gekoppelde burgerhuizen Vinck-Heymans in de Hemelstraat, en de gekoppelde winkelpanden François Heymans in de Jan Van Beersstraat, beide uit 1898 en ontworpen in varianten van de neorenaissancestijl. Naar stijl en type vergelijkbaar met de woningen Damster, is een minder gaaf bewaard geheel van oorspronkelijk drie burgerhuizen in opdracht van Augusta Nottebohm, Marialei 45-47, uit 1901. Tot Van der Gucht’s belangrijkste realisaties uit deze periode behoren het kasteel Selsaete te Wommelgem en het Hallerhof te Zoersel.

Met een gevelbreedte van twee ongelijke traveeën voor de zijpanden en drie traveeën voor het middenpand, omvatten de rijwoningen een souterrain en twee bouwlagen, het middenpand met extra mezzanine, onder een gemansardeerd zadeldak. De lijstgevels hebben een parement uit geel baksteenmetselwerk in kruisverband met knipvoegen, en gebruik van witte natuursteen voor de geprofileerde plint, deur- en vensteromlijstingen, erkerbases, sluitstenen, lekdrempels, medaillons en friezen. Gekoppeld volgens spiegelbeeldschema, beantwoordt het gevelfront aan een volkomen symmetrisch opzet, opgebouwd rond het bredere, en hoger opgetrokken middenpand. Dit laatste onderscheidt zich door een axiale compositie doorgetrokken in een dakvenster met gebogen fronton en torenhelm, daar waar het accent bij de flankerende panden op het zijrisaliet ligt. Driezijdige, houten erkers met een gelede basis en een smeedijzeren balkonborstwering als bekroning, markeren in het middenpand de middenas ter hoogte van de tweede verdieping, en in de flankerende panden het risaliet ter hoogte van de begane grond. Spiegelboogdeuren in kwarthol geprofileerde omlijsting met rocaillesleutel en waterlijst; verder regelmatige registers van verdiepte steekboogvensters met rocaillesleutel en lekdrempel op consoles. Rocaillemedaillons en omlijste oculi met guirlande accentueren het middenpand. Een klassiek hoofdgestel met houten kroonlijst op klossen en tandlijst vormt de gevelbeëindiging; getoogde dakkapel met klauwstukken, waterlijst en oeil-de-boeuf in de zijpanden. Het houten schrijnwerk van inkomdeuren en vensters met kleine roeden in het bovenlicht is bewaard, evenals de sierlijke, smeedijzeren souterraintralies.

De plattegronden beantwoorden aan de klassieke typologie van het burgerhuis, ontsloten door de zijdelings ingeplante inkom- en traphal, waarbij het grotere middenpand uit een hoofdvolume en een smalle achterbouw in entresol bestaat.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 1901#23 (woningen Damster), 1901#445 (woningen Nottebohm).

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2017


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Geheel van drie burgerhuizen in neorococo [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/7418 (Geraadpleegd op 12-11-2019)