erfgoedobject

Kasteel Bloemendale

bouwkundig element
ID: 74764   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/74764

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Kasteel Bloemendale
    Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009

Beschrijving

Bloemendalestraat nummer 8. Voormalig kasteel zogenaamd "Bloemendale", thans Bed en Breakfast, gelegen in een ruim omliggend park. De toegang tot het eigenlijke park en domein wordt gevormd door een dreef bestaande uit een afwisseling van opgaande zomereiken en paardekastanjes als knotboom. De dreef gaat over in een manshoge haag van gewone beuk, bij het begin van het park.

Kasteel met grosso modo L-vormige plattegrond gelegen ten oosten van de omwalling. Huidig uitzicht is fasegewijs tot stand gekomen.

1561-1571: 't Goed Bloemendale staat reeds weergegeven op de kaart van Pourbus. Het kasteel wordt omgeven door een dubbele omwalling. Het robuuste gebouw wordt gekenmerkt door de vier hoektorentjes.

19 september 1600: verkoop van het domein door de heer Jan Bernard de Cuellar en echtgenote Catherine de Salamanca aan Th. De Dyckere 40 gemeten gelegen te Straete en genoemde "Bloemendale".

9 oktober 1613: in een document van 9 oktober 1613 wordt het goed als volgt omschreven: "een schoon parcheel van huuse gestaen buyten de Smedepoorte van Brugghe in de prochie van St. Andries, ghenaempt Blommendale met alle de materialen van steen, hout ende andere toebehoorten ten voorseyden daghe ghestaen ende gheleghen op omtrent veertich ghemeten toebehoorende aan Jan de Matanca".

1641: Sanderus geeft een weergave van het domein met de typische opper- en neerhofstructuur. Het neerhof was toegankelijk via een poort afgewerkt met kantelen bovenaan. Het opperhof met het kasteel op L-vormige plattegrond en deels opgetrokken in renaissancestijl was toegankelijk via een brug vermoedelijk voorzien van schilddragende leeuwen. Het achterliggende poortgebouw is voorzien van een klokgevel geritmeerd door pilasters. Erachter bevindt zich de binnenkoer voorzien van een gekanteelde ommuring. Links een breedhuis waarachter een traptoren met klokvormige torenhelmbekroning en windvaan. Uiterst links eveneens een breedhuis met haaks erop een diephuis. Alle gevels zijn opengewerkt met kruis- of bolkozijnen al dan niet gevat in rondboognissen voorzien van een driepas.

1693: de ommeloper van Sint-Andries van 1693 maakt melding van een verkoop m.n. "Michiel Laureins bij coope van Jan de Matanca van 't Upperhof ende Nederhof van den goede te Blommendaele, mette walgrachten ende synghelen aen de westhende, tot in de halven landhoeck, de dreve voor de poorte hier toe gemeten strekkende westwaarts".

1747: vermoedelijk verbouwen van kasteel cf. vlaggetje met datering.

1770-1778: op de kaart van Ferraris staat het domein weergegeven met een lange toegangsdreef. De opper- en neerhofstructuur is nog steeds aanwezig.

1835: op het primitief kadasterplan staat het domein nog steeds op dezelfde manier weergegeven.

1839: door de aanleg van de spoorweg wordt het domein opgesplitst.

1870: wijzigingen zijn vooral te situeren bij het neerhof. Hierdoor verdwijnt een deel van de omwalling. De hoeve wordt grondig verbouwd en uitgebreid in oostelijke richting. De centrale waterpartij in de tuin van het kasteel verdwijnt. De huidige remise gebouwen dateren uit die periode.

1908-1909: het kasteel wordt grondig verbouwd, doch behoudt de oude kern. Het wordt uitgebreid met een nieuwe vleugel in noordelijke richting. De nieuwe vleugel vermoedelijk naar ontwerp van architect Charles Dewulf (Brugge), werd opgetrokken in eenvoudige neogotische stijl.

Hoofdvleugel. Bestaat uit twee diephuizen van twee traveeën en ertussen een breedhuis van drie traveeën. Telkens onder zadeldak, bij lijstgevel doorbroken met dakvenster voorzien van trapgevel. Bakstenen, verankerde gevels opengewerkt met rechthoekige muuropeningen, waarvan sommige gevat zijn in een rond- of een korfboognis. Nieuw schrijnwerk en oorspronkelijk aanwezigheid van luiken. Zij-ingang met rondboogdeur voorzien van afgeschuinde dagkanten. Rechthoekig bovenlicht waarvan de strek voorzien is van wigvormig ontlastingssysteem.

Interieur. Deels bewaarde balklagen opgebouwd uit moer- en kinderbalken. Sommige nog met sporen van spreidsel. Salons voorzien van hergebruikschouwen. Bordestrap met typische 18de-eeuwse trappaal.

Vleugel van 1908-1909. Opgetrokken in vereenvoudigde neogotische stijl, vermoedelijk naar ontwerp van architect Charles Dewulf (Brugge). Verankerde, oranje baksteenbouw opengewerkt met rechthoekige muuropeningen gevat in korf-, spits- of rondboognissen met afgeschuinde dagkanten. Traphal is verlicht met imposant drielicht met dubbel bovenlicht.

Toegangsdreef en park. De toegangdreef tot het eigenlijke park en domein bestaat uit een afwisseling van opgaande zomereiken en paardekastanjes als knotboom. De paardekastanjes zijn waarschijnlijk aangeplant om vrij snel een volwaardig dreefaspect te bekomen in afwachting dat de eiken volgroeid zouden zijn. Dan zouden de paardekastanjes in principe moeten wijken en zorgen de uitgegroeide eiken voor het dreefaspect.
De dreef gaat over in een haag (manshoog) van gewone beuk, bij het begin van het eigenlijke park.

Het kasteelpark strekt zich uit ten noorden en ten zuiden van het kasteel waarbij het kasteel als het centrale zichtpunt fungeert bij de park- en tuinaanleg en de aanwezige u-vormige waterpartij het uitgangspunt vormt voor de huidige tuin-/parkaanleg. Het centrale grasplein heeft immers dezelfde langgerekte vorm en oriëntatie, én de waterpartij is visueel gecamoufleerd door bomen en struiken.
Aan de buitenkant wordt het domein afgeschermd van de omgeving door een combinatie van een brede en weinig transparante struiklaag (met rododendron, hulst, hazelaar,…) en opgaande bomen (es, eik, esdoorn).

Uit het kadasteronderzoek leiden we af dat tot 1870 de onmiddellijke omgeving van het huidige kasteel - waar nu het park gelegen is - in gebruik was als boomgaard, kwekerij en tuin in aparte percelen, waarbij het volledige domein omgeven was door "bos"; de waterpartij was aangeduid als "lusttuin". In 1870 zijn deze aparte percelen samengevoegd en werden ze aangeduid als "lusttuin, water en gebouw". Deze verandering van het grondgebruik volgt op wijzigingen aan de gebouwen en kasteel in de jaren 1860, en heeft wellicht tot een eigentijdse parkaanleg geleid, zoals die vandaag nog herkenbaar is. Hierbij bleef de waterpartij bewaard, evenals de afscherming aan de rand van het domein met bomen (bos).

Het parkgedeelte ten zuiden van het kasteel heeft recent enkele wijzigingen en nieuwe aanplanten ondergaan langs de beukenhaag. Net voor het kasteel is een bloementuin aangelegd die uitloopt langs de beukenhaag waar ook struiken en bomen geplant zijn, echter allemaal zeer jong en recent. Centraal ligt er een grasperk dat een gevoel van wijdsheid geeft en doorkijk toelaat tot de grens van het domein. Verspreid hierin staan een aantal solitaire bomen als linde, en een mammoetboom (Sequoiadendron giganteum).
In het noordelijke parkgedeelte vormt de U-vormige waterpartij de basis van het park. Aan beide zijden zijn bomen en struiken geplant die op bepaalde locaties zorgen voor een visuele verdwijning van het water en aldus een gevoel van wijdsheid en oneindigheid van het park creëren. Op het uiteinde van de U-vorm ligt een kleine heuvel, waaronder een ijskelder gelegen is. De toegang is echter niet meer herkenbaar op het terrein, en ligt begraven. De nabijheid van de gracht, het heuveltje zelf en een aantal grote en merkwaardige exemplaren van rode beuk, linden en Amerikaanse eiken op deze heuvel maken deze hypothese wel waarschijnlijk.

Aan de rand van het grasveld staan er enkele monumentale en beeldbepalende opgaande bomen, zowel inheemse als uitheemse soorten. We zullen ze in wijzerzin overlopen te beginnen aan het kasteel zelf: Ginkgo biloba, Oostenrijkse den (3 vertakkingen aan de voet, soort hakhoutvorm); paardekastanje(2); rode beuken, zomerlinden en Amerikaanse eiken rond de heuvel van de ijskelder, mispelboom (Mespilus germanica, a/h uiteinde van vijver), zomereik, Sequoiadendron giganteum (mammoetboom), haagbeuk (2 enorme exemplaren!), groenblijvende eik (Quercus x hispanica).
Aan de andere zijde van het water staat een onderlaag van struiken met dominantie van rododendrons (paarse bloemen), iep, zomereik, (rode) beuk, linden, spaanse aak (Acer campestre), els.
Nog merkwaardige bomen: treures (Fraxinus excelsior "pendula").
De Oostenrijkse den en de groenblijvende eik behoren tot de top 4 van de dikste exemplaren (criterium stamomtrek) zoals opgenomen in de databank van Beltrees databank.

  • KADASTERARCHIEF WEST-VLAANDEREN TE BRUGGE, 207: mutatieschetsen,1839/2, 1863/4, 1870/3, 1885/14, 1909/8.
  • STADSARCHIEF BRUGGE, Bouwvergunningen, zonder nummer 1908.
  • VAN OUTRYVE D' YDEWALLE S., Beschrijving der gemeente Sint-Andries, 1930, pagina 27.
  • VAN OUTRYVE D' YDEWALLE S., Geschiedenis van de parochie Sint-Andries, pagina 287.

Bron     : Gilté S. & Van Vlaenderen P. met medewerking van Vanwalleghem A. & Dendooven K. 2005: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Brugge, Deelgemeente Sint-Andries, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL19, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs :  Gilté, Stefanie, Van Vlaenderen, Patricia


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Kasteel Bloemendale [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/74764 (Geraadpleegd op 22-10-2019)