erfgoedobject

Woning Jef Cornelis

bouwkundig element
ID: 7597   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/7597

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Woning Jef Cornelis
    Deze vaststelling is geldig sinds 29-03-2019

Beschrijving

Brutalistische eengezinswoning door de architect bOb Van Reeth uit 1977-1980, met een postmodernistisch gevelfront door de architect Charles Vandenhove uit 1984-1985. Opdrachtgevers waren Jef Cornelis (1941-2018) en Kristine Kloeck, een echtpaar met één dochter. Jef Cornelis was als cineast, regisseur, producer en scenarist van 1963 tot 1997 verbonden aan de Vlaamse openbare omroep BRT. Tot zijn oeuvre behoren een 200-tal programma’s, reportages en documentaires rond kunst en cultuur in de brede zin. Samen met Geert Bekaert legde hij zich onder meer toe op kritische documentaires over architectuur en stedenbouw.

Historiek

Op het perceel bevond zich een bescheiden burgerhuis van twee en een halve bouwlagen en drie traveeën onder een zadeldak. Het maakte deel uit van een geheel van drie gekoppelde woningen met de aanpalende nummers 16 en 18, voor eigen rekening gebouwd door de aannemer Gebroeders Gebruers & Smits in 1885. Daarvan werd in het woningproject door bOb Van Reeth, enkel de neoclassicistische lijstgevel behouden, als scherm voor een nieuwbouw opgetrokken tussen de bestaande gemene muren. De constructie is opgebouwd uit ruwe, zichtbaar gelaten materialen, zonder enige vorm van afwerking: betonblokken voor het opgaande metselwerk, vloerplaten en trappen uit gewapend beton met een gepolijst loopvlak, stalen kolommen, een dubbelhoge, getrapte serre-uitbouw uit rood Noors grenenhout en glas tegen de achtergevel, en een houten schaarspant als dakstructuur. Het ontwerp dateert uit 1977, de uitvoering uit 1978-1980. De bouwvergunning werd door Stedenbouw (Rijksoverheid) geweigerd, wegens het ontbreken van de destijds voor nieuwbouwwoningen opgelegde garage. Na een administratieve kunstgreep - de bouwaanvraag werd opnieuw als verbouwingsproject ingediend, buiten de bevoegdheid van Stedenbouw om - verleende de Stad Antwerpen autonoom haar goedkeuring aan de ongewijzigde plannen. Van Reeth ontwierp vervolgens in 1981 nog een ondiep tuinpaviljoen als visuele afsluiting van het perceel. Ten slotte tekende Charles Vandenhove in 1984 voor een volledig nieuw gevelfront uit wit Carrara-marmer en blauwe hardsteen, dat in 1985 tot stand kwam.

Woning door bOb Van Reeth

De opdracht van het echtpaar Cornelis-Kloeck bestond eruit een gezinswoning te ontwerpen, waarin man een vrouw een relatief autonoom leven zouden kunnen leiden, als een soort tweewoonst voor één gezin. Deze idee werd door bOb Van Reeth resoluut doorgetrokken in de opbouw van het pand, met als resultaat een onorthodox, hoogst persoonlijk woonconcept, op een relatief beperkte oppervlakte samengebald in een compact georganiseerde structuur. De ultieme consequentie van dit schema is de dubbele ingang: een deur voor mevrouw en een deur voor mijnheer. In de kern is het gebouw volgens hetzelfde principe opengewerkt tot circulatiezone met bovenlicht, ingevuld met een dubbele, betonnen bordestrap waartussen metalen looproosters. Veeleer een dynamische bewegings- en belevingsruimte dan een functionele verbinding, ontsluit, isoleert en verenigt de traphal op organische wijze de autonome woonunits aan weerszijden. Deze bestaan elk uit drie gestapelde onderdelen: slaapkamer, badkamer en woon-werkkamer, de ene aan de straatzijde en de andere aan de tuinzijde. De precieze bestemming en het gebruik liet de architect over aan de bewoners. Vanaf zijn vroegste bouwprojecten begin jaren 1970, experimenteerde Van Reeth met non-conformistische ruimteconcepten, die radicaal afrekenden met de vastgelegde typologie van het wonen. Naar het einde van het decennium toe begon hij zich in het voetspoor van Louis Kahn te concentreren op de grondstructuur van zijn projecten, bedoeld om zich ongewijzigd in de tijd te handhaven en een meervoudig gebruik mogelijk te maken. Beide stromingen komen in de woning Cornelis-Kloeck tot een synthese.

Op de begane grond is de keuken aan de straatzijde gesitueerd, ingeklemd tussen beide vestibules. De gemeenschappelijke woonkamer sluit aan op de traphal en dringt via de hoge, afgeschuinde veranda door tot de tuin. De eerste twee verdiepingen omvatten twee duplexunits aan beide zijden van de traphal, elk bestaande uit een slaapkamer en een badkamer in geschrankte opstelling. Het niveau onder het dak bestaat uit een tweeledige woon- en werkkamer, opgesplitst door de traphal. Het geheel beantwoordt aan een open planconcept met een dubbele circulatie via de traphal, waar de autonome units door houten schuifdeuren kunnen worden afgesloten. Keuken, sanitair en inbouwkasten behoren tot de oorspronkelijke inrichting. Het later toegevoegde tuinpaviljoen vormt een ondiepe rondboogportiek met bergruimte voor tuingerij.

Gevelfront door Charles Vandenhove

Het gevelfront bekleed met grote marmer- of hardsteenplaten in een verzorgd verband, herhaalt de klassieke ordonnantie van de oorspronkelijk bepleisterde en beschilderde lijstgevel. Opgevat als een autonoom scherm, berust de compositie op de harmonische maatvoering van het steenverband, en de verhouding tussen open en gesloten delen. Het ontwerp bouwt voort op het postmodernisme dat Vandenhove omstreeks 1980 ontwikkelde in het spraakmakende renovatieproject van het 16de-eeuwse hotel Torrentius te Luik, gekenmerkt door een vrije, geraffineerde interpretatie van antieke vormen. Een bewerkte fries met golf- of touwmotief markeert als enige vorm van ornament de overgang tussen plint en bovenbouw. In de gesloten pui flankeren de twee inkomdeuren met postmodernistisch schrijnwerk de claustra van de keuken. De segmentboog van het keldergat, wordt herhaald in het bovenlicht van de deuren, en als lijnmotief boven de plint. Een doorlopende groef die in de middenas de boven elkaar geplaatste en in hoogte afnemende muuropeningen verbindt, fungeert door het ontbreken van lekdrempels als spuwer. De gevelbeëindiging bestaat uit een gelede kroonlijst.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 1885#1072, 18#59115, 18#61709 en 18#65500.
  • BEKAERT G., VERSCHAFFEL B. & DERCON C. 1998: Charles Vandenhove, art et architecture, Tournai, 253.
  • CHASLIN F. et al. 1985: Charles Vandenhove. Une architecture de la densité, Brussel, 121-122.
  • VAN GERREWEY C., VERSCHAFFEL B. & CLEPPE B. 2013: bOb Van Reeth architect, Brussel, 90-91.

Bron     : -
Auteurs : Braeken, Jo
Datum  : 2018


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Woning Jef Cornelis [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/7597 (Geraadpleegd op 23-05-2019)