erfgoedobject

Parochiekerk Sint-Jan-Onthoofding

bouwkundig element
ID: 76140   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/76140

Juridische gevolgen

Beschrijving

Parochiekerk met omringend kerkhof ingeplant naast de rechter Schelde-oever en aan de noordwestzijde van het grote dorpsplein, tevens marktplein van Schellebelle, dat doorsneden wordt door de oude wegverbinding Wetteren-Dendermonde. Voor 1681 toegewijd aan Sint-Goorik.

Historiek

In de 12de eeuw beschikte Schellebelle al over een bedehuis, vermoedelijk reeds op de huidige kerksite naast de Schelde. Huidig kerkgebouw daterend uit diverse perioden en teruggaand op een kleinere en wellicht aanvankelijk eenbeukige kerk waarvan de basisstructuur zou opklimmen tot de 14de eeuw of 15de eeuw. Er zijn echter geen precieze bouwhistorische gegevens gekend van voor de 17de eeuw. Iconografische bronnen uit eind 16de eeuw geven een kerk met westtoren weer (onder meer "Caerte ende discriptie figuerative vande gheel den Lande van Aelst" door J. Horenhault van 15(9)6). Volgens jaartalsteen 1675 zou het koor in dat jaar nieuw gebouwd zijn. Vermoedelijk was de kerk in een vroegere bouwcampagne al uitgebreid met een zuidelijke zijbeuk en transept evenals het koor in kalkzandsteen opgetrokken. In 1761 werden de stucgewelven van de midden- en zuidelijke zijbeuk aangebracht. In 1828 werd het noordelijke transept afgebroken en vervangen door een bredere noordelijke zijbeuk, opgetrokken van baksteen. Bouw van een tweede sacristie als berging naar ontwerp van architect J. De Bosscher (Heusden) in 1885. In 1928 werden daken hersteld, de vensters van de zuidelijke zijbeuk hersteld en het klein portaal heropgebouwd. In 1964 werd het dak volledig vernieuwd. Het interieur van de kerk werd in 1969 herschilderd. Buitenrestauratie in de periode 2001-2002 onder leiding van architectenbureau Marc Verstraeten (Wetteren).

Beschrijving

Driebeukige hallenkerk met vierkante westtoren, noordelijke zijbeuk van vijf traveeën, zuidelijke zijbeuk van drie traveeën, ten zuiden uitspringend transept, koor van één travee met driezijdige afsluiting, geflankeerd door sacristie en berging. Vierkante gotische westtoren opgetrokken uit kalkzandsteen met vier in hoogte verschillende geledingen, gescheiden door geprofileerde zandstenen lijsten, afgedekt door een hoge ingesnoerde achtzijdig leien spits met ijzeren torenkruis, in 1964 voorzien van een nieuwe torenhaan. Torenhoeken gemarkeerd door versneden steunberen. Korfboogvormige deur in de westgevel gevat in een geprofileerde zandstenen omlijsting met versierde waterlijst. Erboven spitsboogvenster van doksaal met drieledig maaswerk. De bovenste geleding is aan elke zijde geopend met twee gekoppelde spitsbogige galmgaten met omlopende waterlijst. Tussen de steunberen aan de zuidzijde van de toren werd in de 19de eeuw een calvarie geplaatst met een gepolychromeerde beeldengroep in terracotta op een rotspartij, waarin een houten tafereel van het vagevuur, het geheel wordt beschermd door een houten baldakijn; eronder vier ingemetste grafstenen. Het oorspronkelijk houten Christusbeeld is vervangen door een gipsen beeld. Ten zuiden, in de oksel van westtoren en schip, achtzijdig traptorentje onder korte leien spits. In 1904 voor de zuidbeuk aangebouwde zijingang van de kerk, herbouwd in 1927. Eenvoudig aanbouwsel onder lessenaarsdak, boven de getoogde deur, nis met beeld van Heilige Cornelius in terracotta. Zuidelijke zijbeuk van drie traveeën onder drie haaks op de middenbeuk staande zadeldaken met puntgevels, voorzien van hoge spitsboogvensters met drieledig maaswerk. Hogere puntgevel van zuidelijke transeptarm met gelijkaardig venster en doorlopende lijsten. Noordelijke zijbeuk van vijf traveeën onder apart zadeldak. Thans witgeschilderde baksteenbouw met eenvoudige rondboogvensters. Rest van noordelijk transept met puntgeveltop. Gelijkaardige puntgevel van zuidelijke transeptarm, oorspronkelijke transeptarm ingebouwd in de 19de-eeuwse zijbeuk. Koor met hooggeplaatste segmentboogvensters, in de koorsluiting gedicht.

Gewit interieur met scheibogen op bepleisterde vierkante zuilen, aan de noordzijde achthoekig met achtkantige basis en lijstkapiteel. Overwelving schip met stucversiering in rococostijl: middenbeuk met gedrukt tongewelf geritmeerd door gordelbogen, op de stucversiering met jaartal 1761, en voorzien van ijzeren trekstangen, zuidelijke zijbeuk met kruisriboverwelving met rocailleversiering. Noordelijke zijbeuk van 1828 met gepleisterde kruisgewelven. Transeptarmen en koor overwelfd met gepleisterde kruisribgewelven, straalgewelf in apsis. Op het boogveld tussen middenbeuk en koor, schildering op doek met de Heilige Drievuldigheid, van 1938 vervaardigd door O. Bauwens (Sint-Amandsberg).

Doopkapel ten noorden van westtoren, afgesloten met smeedijzeren hek van de firma Geeraert (Gent) geschonken in 1932.

Onder pastoor Camille Van Laere van 1922 tot 1940 werden veertien glasramen geplaatst. De glasramen aan de doopkapel met doop van Jezus en de glasramen in de noordbeuk met de Vijf Blijde Mysteries zijn van het atelier F. Crickx (Brussel) van 1930; twee glasramen in koor, Jezus de Goede Herder en Onze-Lieve-Vrouw, gedateerd 1927 en vijf glasramen in zuidbeuk, waarvan vier ter ere van Sint-Cornelius door de gebroeders M. en P. Ganton (Gent) van 1932 en 1935.

Mobilair Schilderijen: De aanbidding der wijzen, 17de eeuw; Onze-Lieve-Vrouw met Kind schenkt de rozenkrans aan de Heilige Dominicus Guzman, (1822); De aanbidding der herders, door pater André Bosteels (Gent), gedateerd 1938. Op doek geschilderde kruisweg, op zesde statie gesigneerd C. De Surgeloose en gedateerd 1866.

Beeldhouwwerk: Heilige Sebastiaan, gepolychromeerd hout; borstbeeld met relikwie van Heilige Cornelius, gift van bisschop Van der Noot van 1723, op Sint-Corneliusaltaar; Heilige Moeder Anna, witgeschilderd hout van beeldhouwer Dusquesne van midden 18de eeuw; Onze-Lieve-Vrouw met Kind dat de slang doodt met een lans, wit geschilderd houten beeld uit de 19de eeuw; "Onthoofding van Sint-Jan" door Mathias Zens van 1889; polychroom beeld van Heilige Cornelius geschonken in 1899, voorts witgeschilderde beelden aan de pijlers van het schip van Heilige Antonius van Padua, Heilige Jozef, Heilige Rita, Heilige Theresia, Heilig Hart, Heilige Grignion de Monfort, Heilige Franciscus Xaverius. Tafereel met Heilige Familie gevat in houten drieluik.

Meubilair: Hoofdaltaar, portiekaltaar van geschilderd en verguld hout uit midden 18de eeuw en met 18de-eeuws retabel. Zijaltaren van gemarmerd en deels verguld hout, eerste helft 19de eeuw, zuidelijk zijaltaar van Sint-Cornelius, noordelijk portiekaltaar van Onze-Lieve-Vrouw met chronogram 1923.

Koorgestoelte en -lambrisering, vermoedelijk uit midden 18de eeuw. Houten communiebank in neogotische stijl door Pierre Dumont (Brugge) van 1873, gedeeltelijk verwerkt in het huidige altaar. Eiken preekstoel met voorstelling van Sint-Cornelius paus onder de kuip en op de voorzijde, op zijwand het afgehouwen hoofd van Sint-Jan de Doper, op de kuip de bustes van de vier kerkvaders en de symbolen van de vier evangelisten, vermoedelijk uit de eerste helft van de 18de eeuw.

Vier eiken biechtstoelen: één biechtstoel in barokstijl (16de-17de eeuw), met voorstelling van de vier kerkvaders, twee biechtstoelen van midden 18de eeuw en één biechtstoel gedateerd 1753.

Orgel door Pieter en Lambertus Van Peteghem (Gent) van 1776, uitgebreid en gewijzigd door Pierre Charles Van Peteghem tussen 1823 en 1846, orgel in 1912 vernieuwd door Vergaert (Gent) in 1974, eiken orgelkast eveneens van 1776.

Achthoekige doopvont van Balegemse zandsteen uit de 17de eeuw met neogotisch koperen deksel geschonken in 1923.

Twee 18de-eeuwse grafstenen links en rechts van het altaar. Naast het zijportaal, marmeren gedenkplaat voor de oorlogsslachtoffers van 1914-1918, gesigneerd en gedateerd Gerard Breemersch Rousselare 1919.

  • Vlaams Ministerie van Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend Erfgoed, Agentschap Ruimtelijke Ordening Vlaanderen, Ruimtelijke Ordening, Oost-Vlaanderen, Onroerend erfgoed, archief.
  • DUQUET F., Zo was Schellebelle, Schellebelle, 1986, p. 128-133, 146-151.
  • BUYLE M., Een kermis is een geseling waard. Voorstellingen van het vagevuur in de monumentale kunst, in M&L, XIV, 3, 1995, p. 6-17.
  • MAESTERTIUS J., Beschryvinge vande stadt ende landt van Dendermonde, Dendermonde, 1994, Anastatische herdruk naar de editie Leiden, 1646, p. (38), 359, 369.
  • TEMMERMAN A., De legende over de oorsprong van het hoofdaltaar van Schellebelle, “Rond de Stenen Linde”, XVII, 4, 1992, p. 114.
  • UYTTENHOVE A., De parochiekerk van Schellebelle. Achthonderdvijftig jaar geschiedenis en parochiaal leven, Schellebelle, 1997.
  • UYTTENHOVE A., Restauratiewerken aan onze parochiekerk de kerk St. Jansonthoofding, "Rond de Stenen Linde", XXVI, 1, 2001, p. 25-30.
  • VAN DEN ABEELE-BELLON R., De kerk van St.-Jans-Onthoofding te Schellebelle, in Toerisme in Oost-Vlaanderen, XXI, 2, Gent, 1972, p. 31-33.
  • VAN DORPE R. - LOOMAN E., Het Ontstaan en de Evolutie van de Heilige Cornelius Verering in Schellebelle, "Rond de Stenen Linde", III, 4, 1978, p. 82-125.
  • VERSCHRAEGEN, H., Fotorepertorium van het meubilair van de Belgische bedehuizen, Provincie Oost-Vlaanderen. Kanton Wetteren, Brussel, 1978, p. 24-27.

Bron     : Bogaert C. , Duchêne H. , Lanclus K. & Verbeeck M. s.d.: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Dendermonde, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 20N, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs :  Bogaert, Chris, Duchêne, Helena, Lanclus, Kathleen, Verbeeck, Mieke
Datum  : 2003


Relaties

  • Is deel van
    Dorp
    Dorp (Wichelen)

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Parochiekerk Sint-Jan-Onthoofding [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/76140 (Geraadpleegd op 22-07-2019)