erfgoedobject

Pastorie Sint-Jans-Onthoofdingparochie

bouwkundig element
ID: 76146   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/76146

Juridische gevolgen

Beschrijving

Voormalige pastorie van de parochie Sint-Jan-Onthoofding, met omringende tuin ingeplant op een perceel tegenover de parochiekerk aan de bocht die het tracé van de steenweg Wetteren-Dendermonde maakt vooraleer het dorpsplein van Schellebelle te oversnijden. Beschermd als monument bij MB van 18.03.2008.

De pastorie werd opgericht op het terrein horend bij de voorgaande en tevens oudst gekende pastorie van Schellebelle. Deze bevond zich op het noordelijk deel van hetzelfde perceel, palend aan de noordelijke perceelgrens. Volgens cartografische bronnen paalde de oude pastorie aan de vroegere kasteeldreef, leidend van het later verdwenen kasteel van de heren van Schellebelle tot tegenover de kerk (zie landboek van 1658-1709). Minstens sinds het eerste kwart van de 17de eeuw was er sprake van een pastorie te Schellebelle. In de 17de en 18de eeuw werd herhaaldelijk melding gemaakt van herstel aan het huis van de pastoor.

Het eerste ontwerp voor het bouwen van een nieuw pastoraal huis te Schellebelle, daterend van 1 april 1856, werd getekend door een architect D. Raes (Wetteren). Een licht aangepast plan met gevraagde vereenvoudigde versiering in de voorgevel, minder gebruik van arduin en licht gewijzigde planindeling werd in 1857 ingediend en goedgekeurd. De openbare aanbesteding voor de bouw vond plaats op 7 juni 1859. De nieuwe pastorie in neoclassicistische stijl werd opgericht ten zuidoosten van de voorgaande, tegenover de afgeronde perceelhoek aan de provinciale weg. In 1862 werden de aanvankelijk behouden gebouwen van de oude pastorie vervangen door een zondagsschool, die op haar beurt begin 1899 vervangen werd door een nieuwe onderpastorie.

In 1965 vonden herstellingswerken plaats aan de pastorie naar ontwerp van architect Valère Raman van Schellebelle, namelijk vervanging van de dakbedekking door platte zwarte pannen, vervanging van de kroonlijsten, hermetsen van een schouw, herstel van houtwerk met vervanging van een raam en enkele deuren, interieurwerken waarbij onder meer de oude vloeren in de benedenkamers verdwenen en plakwerk werd vernieuwd.

In 1972 werd een garage met bergplaats aangebouwd tegen de linker zijgevel van de onderpastorie.

Vrijstaande onderkelderde pastorie van vijf traveeën en twee bouwlagen afgedekt door een schilddak met zwarte pannen. Blokvormige woning met gecementeerde lijstgevels onder omlopende eenvoudige en gewitte houten kroonlijst. Bouwtypologisch en stilistisch aansluitend bij de eenvoudige neoclassicistische burgerwoningbouw uit het midden van de 19de eeuw. Voorgevel met gebruikelijke symmetrische dubbelhuisopstand en twee registers van rechthoekige muuropeningen, horizontaal geaccentueerd door een fijne puilijst en kordonlijst onder de bovenvensters. Centrale rechthoekige voordeur in een geprofileerde hardstenen omlijsting, voorafgegaan door deurstoep van twee hardstenen treden. De gewitte houten toegangsdeur, vermoedelijk vervangen in begin of eerste helft 20ste eeuw, is voorzien van groot smeedijzeren deurbeslag en een klein rechthoekig deurlicht afgesloten door decoratief smeedijzeren traliewerk met IHS monogram. Het bovenlicht boven de voordeur bevat een glasraam met de voorstelling van Sint-Cornelius die zieken geneest en het opschrift "Heilige Cornelius toevlucht der kranken B.V.O.". De vensters zijn gevat in vlakke kalkstenen omlijstingen en bewaren hun authentiek en wit geschilderd schrijnwerk. De benedenvensters zijn van luiken voorzien. De achtergevel telt drie traveeën met rechthoekige muuropeningen; de centrale deur vertoont kenmerkend geometrisch traceerwerk in het bovenlicht. Drie oorspronkelijke bovenvensters met dito houtwerk. De rechterzijgevel eveneens van drie traveeën vertoont een centrale zijdeur met eenvoudig gedeeld bovenlicht en twee venstertraveeën met blindvensters.

Van de twee kleine achterbouwen, aanzettend bij de achtergevelhoeken, werd één herbouwd (keuken) en verdween de ander.

De oorspronkelijke binnenindeling van de voormalige pastorie en bepaalde elementen van de interieurdecoratie getuigen van een vooraanstaande woning met kwalitatieve afwerking. Typerend is de centrale benedengang met een haaks aansluitende trapgang in het midden aan de rechterzijde, met fraaie tegelvloer in beige, grijs en zwart met decoratief patroon en boordstenen met meandermotief in zwart en wit. Ook de balustervormige trappaal van de houten bordestrap bezit een karakteristieke vorm eigen aan de bouwperiode. Bloktrede van gepolijst hardsteen. Het plafond van de gang is verrijkt met omlopend geprofileerd lijstwerk en een ruitvormig centraal stucornament. Ook in de linker voorkamer (salon) is het plafond versierd met een geprofileerde kroonlijst, hoekmedaillons en een centraal medaillon met florale motieven in stucwerk; in de linker achterkamer opgesmukt met een geprofileerde omlijsting en centraal medaillon in stucwerk met florale motieven. Enkel in de rechter voorkamer is een sobere marmeren schouwmantel (Noir Belge) bewaard, overige vervangen.

Behouden paneeldeuren als binnendeuren, ook ter afsluiting van de trap op de bovenverdieping. Zijdeur aan hengsels. Gewitte bakstenen keldertrap naar de kelderverdieping met vier vertrekken overwelfd met afgeplatte tongewelven. Op de zolder is de originele kapconstructie met telmerken bewaard (dakbebording en kepers werden vernieuwd). Bovenverdieping met kamers aan weerszij van de centrale gang met vloeren van brede houten planken, waarover linoleum gelegd is.

De pastorietuin werd vermoedelijk in het derde kwart van de 19de eeuw aangelegd in gebruikelijke landschappelijke aanleg met omlopend slingerpad en telt een aantal in omvang en door hun silhouet opvallende bomen onder meer een grote rode beuk, een varenbeuk, buxus en twee lindebomen. De pastorietuin wordt omsloten door een oranjerode bakstenen omheiningsmuur geritmeerd door pilasters. Aan de straatzijde is de muur gedecoreerd met repeterende panelen met uitgespaarde hoeken. De toegang van de tuin bevindt zich in de as van de pastorie en wordt afgesloten door een smeedijzeren hek tussen twee hoge vierkante hekpijlers van bakstenen met dekplaat. Het decoratieve hekwerk omvat een centraal deel onder mijterboog tussen twee vaste gedeelten.

  • Gemeentearchief Wichelen, gemeente Schellebelle, 861.31 (werken aan pastorie 1858 1964-1967,1971). Rijksarchief Gent, Provinciaal Archief Oost-Vlaanderen, nummer 1813, 6-10.
  • Vlaams Ministerie van Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend Erfgoed, Agentschap Ruimtelijke Ordening Vlaanderen, Ruimtelijke Ordening Oost-Vlaanderen, Onroerend erfgoed, archief.
  • DE PAUW D., Iets over de pastorij van Schellebelle, "Rond de Stenen Linde", XXXIV, 1, 2009, p. 1-2.
  • DE POTTER F. - BROECKAERT J., Geschiedenis van de gemeenten der provincie Oost-Vlaanderen. Vierde reeks. Arrondissement Dendermonde. Tweede deel II, 2, Schellebelle, Gent, 1891.
  • DUQUET F., Zo was Schellebelle, Schellebelle, 1984.
  • UYTTENHOVE A., De parochiekerk van Schellebelle. Achthonderdvijftig jaar geschiedenis en parochiaal leven, Schellebelle, 1997, p. 150-151.

Bron     : Bogaert C. , Duchêne H. , Lanclus K. & Verbeeck M. s.d.: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Dendermonde, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 20N, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs :  Bogaert, Chris, Duchêne, Helena, Lanclus, Kathleen, Verbeeck, Mieke
Datum  : 2003


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Pastorie Sint-Jans-Onthoofdingparochie [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/76146 (Geraadpleegd op 06-12-2019)