Teksten van Conciërge- of rentmeesterwoning

Conciërge- of rentmeesterwoning

Oorspronkelijk horende bij het Kasteel van Uitbergen.

Aan de straat ingeplante woning, volgens het kadasterarchief gebouwd in 1877 na het rechttrekken van de straat, in opdracht van graaf Victor van den Steen de Jehay. Met de rugzijde naar de straat gekeerd dubbelhuis van twee bouwlagen op L-vormige plattegrond, onder overstekende zadeldaken (leien) op houten schoorstukken en afgewerkt met een decoratief uitgesneden houten dakrand. Houten klokkenstoeltje midden op het dak. Oorspronkelijk haast blinde straatgevel, thans met twee vensters in de linker travee. Tuingevel van drie traveeën op gecementeerde plint met schijnvoegen. Rechts vooruitspringende vensterrisaliet met puntgevel. Getoogde vensters met nieuw schrijnwerk; mijterboogvormig venster in de geveltoppen. Voordeur met gedeeld bovenlicht. Recente lage uitbreiding rechts op de plaats van een vroegere stal.

Interieur met behouden tapijttegelvloeren.


Bron: BOGAERT C., DUCHÊNE H., LANCLUS K. & VERBEECK M. 2006: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Oost-Vlaanderen, Gemeenten: Berlare, Buggenhout, Lebbeke, Waasmunster, Hamme en Zele, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 20N, onuitgegeven werkdocumenten.
Auteurs:  Bogaert, Chris, Duchêne, Helena, Lanclus, Kathleen, Verbeeck, Mieke
Datum: 2005


Je kan deze pagina citeren als: Bogaert, Chris; Duchêne, Helena; Lanclus, Kathleen; Verbeeck, Mieke: Conciërge- of rentmeesterwoning [online], https://id.erfgoed.net/teksten/78637 (geraadpleegd op 27-02-2021)


Conciërge- of rentmeesterwoning

Deze voormalige conciërgewoning van het kasteel van Uitbergen werd gebouwd in 1887 in opdracht van kasteelheer en burgemeester graaf Victor van den Steen de Jehay. Het betreft een conciërgewoning in cottagegetinte stijl, representatief voor de laat 19de-eeuwse personeelswoning.

Historiek

De aan de straat ingeplante voormalige conciërgewoning werd volgens het kadasterarchief volledig nieuw gebouwd in 1877 in opdracht van graaf Victor van den Steen de Jehay, sinds 1861 eigenaar van het kasteel en burgemeester van Uitbergen. Het gebouw werd schuin voor het kasteel ingeplant op een perceel dat pas met de rechttrekking van de straat in 1877 bij het domein werd gevoegd.

Volgens gegevens uit het kadaster had graaf van den Steen de Jehay de losstaande bebouwing op dit perceel in 1871 laten afbreken, de bijhorende tuin en boomgaard laten rooien zodat het nadien met de conciërgewoning bebouwd en met een kastanjebos aangeplant kon worden. Deze operatie ging gepaard met de demping van de voorgracht ten zuiden van het kasteel.

De oprichting van de conciërgewoning kaderde binnen een aantal uitbreidingswerken die de van Luik afkomstige graaf liet uitvoeren vanaf de jaren 1870 nadat het buitengoed circa 1840 onder leiding van architect Minard verbouwd was tot een classicistisch kasteel. De uitbreiding van het domein met een perceel aan de straatkant verhoogde het privaat karakter, verminderde de zichtbaarheid vanaf de straatkant en creëerde ruimte voor de opbouw van de conciërgewoning en de aanpalende koetsiers- en hovenierswoning als traditionele aanhorigheden bij een kasteelsite. De doordachte inplanting van de nieuwe personeelswoningen schuin voor het kasteel zorgde voor zowel een visuele afbakening als een feitelijke afsluiting van het domein.

Volgens de lokale geschiedschrijving was de conciërgewoning tot in het begin van de 20ste eeuw bewoond door de rentmeester van het kasteel die de pachtgelden inde en verantwoordelijk was voor het beheer van het buitengoed. Vanaf de jaren 1940 werd het gebouw ook bewoond door de hovenier. Bij de verkoop van het domein in 1988, werd het dienstgebouw als afzonderlijk lot verkocht en omgevormd tot eengezinswoning. De woning werd gerenoveerd in 2005 met behoud van een aantal authentieke elementen.

De woning behoort dus niet meer tot het eigendom van de huidige kasteelheer van het kasteel van Uitbergen, maar is historisch en visueel onlosmakelijk met de kasteelsite verbonden.

Beschrijving

Het betreft een met de rugzijde naar de straat gekeerd dubbelhuis in een cottagegetinte stijl. De sobere baksteenbouw telt twee bouwlagen op een L-vormige plattegrond, onder overstekende zadeldaken (leien) op houten schoorstukken, afgewerkt met een decoratief uitgesneden houten dakrand. Er is een houten klokkenstoeltje midden op het dak.

Oorspronkelijk was de straatgevel haast blind, maar ondertussen zitten er twee vensters in de linkertravee. De tuingevel telt drie traveeën op een hoge gecementeerde plint met schijnvoegen. Rechts zit er een vooruitspringende vensterrisaliet met puntgevel. De deels beluikte getoogde vensters zijn voorzien van nieuw schrijnwerk. Er zit een mijterboogvormig venster in de geveltoppen. De voordeur wordt gekenmerkt door een gedeeld bovenlicht.

Een recente lage uitbreiding zit rechts op de plaats van een vroegere stal, en sluit stilistisch aan bij het hoofdvolume.

De conciërgewoning is van oudsher verbonden met de vroegere koetsiers- en hovenierswoning links, aanvankelijk door een hoge muur als deel van de afsluiting van het kasteeldomein aan de Moleneindestraat, momenteel door het geheel van de jongere aanbouw, een stuk muur en een recent toegevoegde garage.

De conciërgewoning heeft een eenvoudige binnenindeling, bestaande uit grote kamers geschikt rond de centrale wenteltrap boven de keldertoegang. Dit is karakteristiek voor dit type personeelswoning waar functionaliteit primeerde op de aankleding. Het gebouw heeft een sobere interieuraankleding met eenvoudige gestucte plafonds, behouden binnenschrijnwerk, fraaie wenteltrap en verzorgde tapijttegelvloeren. Het interieur werd voorts deels gemoderniseerd bij de renovatie in 2005.

  • Onroerend Erfgoed, Digitaal beschermingsdossier 4.001_42003_111.1, BERLARE: Voormalige conciërgewoning van het Kasteel van Uitbergen (S.N., 2014)

Bron: -
Auteurs:  Agentschap Onroerend Erfgoed
Datum: 2015


Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed: Conciërge- of rentmeesterwoning [online], https://id.erfgoed.net/teksten/171266 (geraadpleegd op 27-02-2021)