erfgoedobject

Sint-Janshospitaal - Broederklooster

bouwkundig element
ID: 82411   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/82411

Juridische gevolgen

Beschrijving

Voormalig broederklooster. Samenstel van verschillende gebouwen, aan oostzijde gelegen aan de Mariastraat, aan westzijde aan het binnenplein en tegenover de 19de-eeuwse ziekenzalen.
Bakstenen gebouwen van één en twee bouwlagen onder zadeldaken (leipannen). Gegroepeerd rond een kloostergang en kleine binnentuin liggen de zogenaamde apotheek, voogdenkamer, pastoorkamer en bureaus.

Apotheek, voogdenkamer en pastoorskamer; heden museum . Palend aan de Mariastraat en teruggaand tot de tweede helft van de 13de eeuw. Op de begane grond bevond zich wellicht oorspronkelijk de refter en op de zolder tot het eerste kwart van de 17de eeuw het dormitorium; apotheek vanaf 1643 tot 1972 waarna het vertrek een museale bestemming krijgt. In de loop van de 15de eeuw wijzigen van de oostgevel (straatzijde); 1905-1906: restauraties van alle gevels onder meer op basis van teruggevonden sporen.
Oudste bouwfase herkenbaar in de Noordelijke zijgevel. Puntgevel, horizontaal geaccentueerd door waterlijsten ter hoogte van onder- en bovendorpels. Drie rechthoekige keldermonden in segmentboognissen met afgeschuinde dagkanten. Op begane grond twee kruiskozijnen en rechthoekige deur met gedeeld bovenlicht; glas in lood. Op de bovenverdieping, bolkozijn in Romaanse rondboognis met waterlijst en smal rondboogvenster. In de top spitsboogvenster met rolstaafzuiltjes met kapitelen, bakstenen waterlijst, daarboven kruisvormige verluchtingsspleet.
Voorgevel: bakstenen verankerde lijstgevel van twee bouwlagen en ongelijke travee-indeling doorbroken door twee schoorsteenschachten uitlopend op achtzijdige rookmonden. Rondboogdeur met boog van Doornikse steen, geaccentueerd door bakstenen waterlijsten, aan binnenzijde sporen van valhekken. Rechts, gevelsteen met opschrift "HIER IS DE / HOSPITALE / VAN SINT JANS". Voorts getraliede kruiskozijnen op begane grond. Op de bovenverdieping negen 16de-eeuwse spitsboogvensters met driepas en gevat in een rechthoekige nis, rechts een bolkozijn en klein rechthoekig venstertje.
Achtergevel aan de kloostergang: lijstgevel horizontaal geaccentueerd door waterlijsten. Onregelmatige travee-indeling, rechthoekige vensters onder meer met kruis- en bolkozijnen.
Kleine vleugel met jaartal "1503" tegen de westgevel van het hoofdgebouw. Westkant: oorspronkelijk met trapgevel, in 1905-1906 gerestaureerd en gedeeltelijk vervangen door huidige tuitgevel. Op begane grond een spitsboogvenster, bovenbouw met rechthoekig venster in de top in korfboognis. Aan de noordkant geeft een tudorboogopening toegang tot de kloosterhof op de bovenverdieping een kruiskozijn.
Zuidgevel op zandstenen sokkel, op de begane grond tudorboogvenster en op de bovenverdieping sporen van vroegere openingen.

Interieur. De vier kamers op de begane grond herbergen onder meer de voormalige apotheek en voogdenkamer. Interieur met 18de-eeuwse elementen in Lodewijk XV-stijl: schouwen, deuren, lambriseringen, lijstwerk, zogenaamd "Delftse" tegels met afbeelding van kinderspelen. In de pastoorskamer moerbalken met gebeeldhouwde sleutelstukken uit de tweede helft van de 15de eeuw met engelen als schildhouder van het wapen van het hospitaal en Alardus De Vos (?), meester (1475-1478) van de broeders. Trapruimte met eiken betimmering en spiltrap, met jaartal 1569. Op De tweede bouwlaag, boven de ingangspoort, zogenaamd "archiefkamertje" onder kruisribgewelf met merkwaardige wit, zwart en grijze trompe l'oeil beschildering met perspectivisch blokjesmotief uit de 16de eeuw. Op de zolder resten nog enkele kamertjes, mogelijk uit de 17de eeuw, gedeeltelijk bestaande uit recuperatiemateriaal afkomstig van de zogenaamd Memlingkamer, verzorgde eiken beschieting en deurtjes met hang- en sluitwerk. Monumentale dakconstructie van het tweede kwart van de 13de eeuw: sporenparen verbonden door twee hanenbalken en onderaan korbelen die de illusie geven van een tongewelf.

Interieur vleugel 1503. Op de begane grond verbinding van apotheek met kloosterpand overkluisd door middel van bakstenen kruisribgewelf. Op de bovenverdieping, vermoedelijk de schrijfkamer, moer- en kinderbalken met balksleutels, de eiken deur met briefpanelen leidt naar het dormitorium. Dakconstructie in 1905-1906 vernieuwd naar oorspronkelijk model.

Huis met meesterskamer, voornamelijk opklimmend tot de tweede helft van de 15de eeuw en vergroot in het eerste kwart van de 16de eeuw.
Oostgevel uitziend op kleine binnentuin: lijstgevel waarvan linkerdeel mogelijk teruggaat tot de tweede helft van de 13de eeuw: drie kruiskozijnen en doorlopende dorpel op de begane grond en twee smalle rondboogopeningen met bakstenen waterlijst op de bovenverdieping. Rechterdeel uit de 16de eeuw wordt afgescheiden door een bouwnaad.
Zuidgevel: achter de kloostergang bestaande uit een tuitgevel afgeboord met vlechtingen en uitlopend in een samengestelde schoorsteenschacht. Twee kruiskozijnen en in de top een segmentbogige luikopening.
Noordgevel: topgevel tot stand gekomen bij uitbreiding van 1512-1513; nagenoeg blinde gevel met twee kleine rechthoekige venstertjes en in de top twee segmentbogige luikopeningen. De schoorsteenschacht is wellicht niet oorspronkelijk.

Interieur. 15de-eeuwse kelder met vier kruisribgewelven opgevangen door een centrale pijler rustend op natuurstenen consoles. Op de begane grond, moerbalk steunend op muurstijl met korbeel. In deze ruimte met monumentale schouw was vermoedelijk de keuken ondergebracht. Ten noorden, twee kleine vertrekjes met graatgewelven (1512-1513). Op de bovenverdieping de zogenaamd "Memlingkamer", oorspronkelijk de kamer van de meester, in verbinding staand met het dormitorium: rijk versierd vertrek (circa 1475) oorspronkelijk wellicht volledig gelambriseerd, moer- en kinderbalken met gepolychromeerde, gebeeldhouwde engelen met wapenschilden van Alardus De Vos en van het hospitaal op de sleutelstukken; gotische schouw met mijter, geprofileerde rechtstanden met musicerende engelen; deuren met briefpanelen en hang- en sluitwerk. Het smal deurtje verleent toegang tot een kamer die oorspronkelijk diende voor de administratie, zogenaamd "contoor" (1512-1513) met dubbel kruisgewelf en met wapens versierde sluitstenen. Daarnaast tweede kamertje met eiken spiltrap leidend naar de zolder. Dakconstructie (1512-1513): kepers met hanenbalken en twee schaargebinten.

Tweede huis, heden bureau . Ten westen gelegen aan binnenplein tegenover de 19de-eeuwse ziekenzalen, aan oostzijde palend aan het huis van de meester, aan zuidzijde aan de kloostergang; teruggaand tot midden 16de eeuw, gevels verfraaiend gerestaureerd in 1906-1907.
Gevel aan het binnenplein: lijstgevel met vijf traveeën in doorlopende segmentboognissen, in tweede travee verspringend en de middelste uitlopend in dakvenster met tuitgevel. Kruiskozijnen en in het dakvenster bolkozijn in rondboognis met driepas.
Zijgevel tegen de kloostergang: tuitgevel met schouderstukken, kruis- en bolkozijnen in gekoppelde spitsboognissen; miniatuurvenstertje met gekoppelde spitsboogjes; luikopening in de top.
Noordelijke zijgevel: nagenoeg blinde topgevel uitlopend op polygonale schoorsteenschacht; op de bovenverdieping. rechthoekig venster, twee zoldervensters met segmentboog, en sporen van oudere opening.
Oostgevel: enkel doorbroken door klein rechthoekig venstertje. De tudorboogdeur in -nis op zandstenen consoles leidt naar de bureaus.

Interieur. Sober aangeklede vertrekken onder meer met op de begane grond Lodewijk-XV-schouw en op de bovenverdieping. eiken deurtje met briefpanelen. Zolder met kepers verbonden door hanenbalken en met vier schaargebinten.

Kloostergang van kort na 1503, aan westzijde van het hoofdgebouw omsluiten drie panden de kloosterhof samen met een kapel in de zuidwesthoek, in de loop van de tijd grondig verbouwd en toevoeging van aanbouwen aan de oostkant. Ten dele reconstruerende restauratie van 1907-1909 onder meer in het zuidelijk pand en herstellen van de oorspronkelijk staat.
Gevel aan binnenplein tegenover de 19de-eeuwse ziekenzalen: lijstgevel van vijf traveeën met centrale tudorboogdeur geflankeerd door hooggeplaatste spitsboogvensters; de metselaarstekens dateren van de restauratie van 1907-1909. Gevels aan kloosterhofzijde met twee, vier en drie traveeën gescheiden door steunberen, gekoppelde spitsboogvensters met driepassen en gevat in rechthoekige nissen.

Interieur. Asymmetrische dakconstructie, keperparen verbonden door hanenbalkjes en kruisende balken; gebeiteld jaartal "1547" op een vensterbank in westelijk pand. In de kloosterhof, bakstenen waterput en smeedijzeren bekroning van 1907 naar ontwerp van L. Delacenserie (Brugge) uitgevoerd door E. Devooght.

Kapel, herbouwd in 1907-1909, toevoegen van beeldnis met Maria en kind naar ontwerp van beeldhouwer M. D'hondt (Brugge), westgevel met groot spitsboograam waarin eenvoudig maaswerk.

Interieur: houten spitstongewelf, in noordelijke muur spitsboognis met zandstenen driepas met kopjes.

  • ESTHER J., 800 jaar Sint-Janshospitaal deel I, 1976, p. 289-304.
  • BUYLE M. – BERGMANS A., Middeleeuwse muurschilderingen in Vlaanderen in M&L cahier 2, Brussel 1994, p. 94-95.

Bron     : Gilté S., Vanwalleghem A. & Van Vlaenderen P. 2004: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Brugge, Middeleeuwse stadsuitbreiding, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 18NB Zuid, Brussel - Turnhout.
Auteurs :  Gilté, Stefanie, Van Vlaenderen, Patricia, Vanwalleghem, Aagje
Datum  : 2004


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Sint-Janshospitaal - Broederklooster [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/82411 (Geraadpleegd op 14-10-2019)