Priorij Hunnegem

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Geraardsbergen
Deelgemeente Geraardsbergen
Straat Gasthuisstraat
Locatie Gasthuisstraat 98, Geraardsbergen (Oost-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Geraardsbergen (actualisaties: 08-05-2007 - 31-05-2007).
  • Adrescontrole Geraardsbergen (adrescontroles: 11-12-2007 - 11-12-2007).
  • Inventarisatie Geraardsbergen (geografische inventarisatie: 01-01-1978 - 31-12-1978).

Juridische gevolgen

is beschermd als stads- of dorpsgezicht, intrinsiek Priorij Hunnegem

Deze bescherming is geldig sinds 19-04-2017.

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Priorij Hunnegem

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

omvat de bescherming als monument Priorij Hunnegem: kloostervleugels met pandhof, zusterkoor en speelplaats
gelegen te Gasthuisstraat 98 (Geraardsbergen)

Deze bescherming is geldig sinds 19-04-2017.

omvat de bescherming als monument Priorij Hunnegem: Onze-Lieve-Vrouwkerk
gelegen te Gasthuisstraat 98 (Geraardsbergen)

Deze bescherming is geldig sinds 28-12-1936.

Beschrijving

De Frankische nederzetting Hunnegem met haar romaans kerkje ligt aan de oorsprong van de stad Geraardsbergen. "Parochia de Huneghem" reeds vermeld in de stichtingsoorkonde van Geraardsbergen (1068). Altaar, toegewijd aan Sint-Amandus en Sint-Vaast, verworven door de Sint-Adriaansabdij. Sinds de 14de eeuw voornamelijk bekend als Onze-Lieve-Vrouwebedevaartsoord; benaming Onze-Lieve-Vrouwekerk werd algemeen; gebruikt als parochiekerk tot 1515; in 1518 kerk geschonken aan de Sint-Adriaansabdij. In 1624, stichting van de priorij met benedictinessen van Arras door bemiddeling van G. Vincq, voormalige abt van de Sint-Adriaansabdij. Opbouw van een klooster met integratie van het bestaande kerkje binnen de stadsomwalling, naar ontwerp van architect Dom Manessier van Sint-Vaast. Aanleg van een vierkante kloostergang tegen de zuidoostelijke muur en van een U-vormig ingangspand ten noorden van de kerk. Onderwijsinstelling sinds de 17de eeuw. Afschaffing van het klooster in 1796; verkoop in 1798. Centrum van stevinisten begin 19de eeuw. In 1816, opnieuw aangekocht door de benedictinessen, opening van een meisjesschool. Uitbreiding van het complex voornamelijk in 1859. Wijziging en verbouwing van de U-vormige hoofdingang in de loop van de 19de eeuw en in 1894 (?). Bouw van een nieuw koor voor de religieuzen haaks tegen de kerk naar ontwerp van L.B. Bert de l'Arbre, circa 1887. Verbouwingen en verdere uitbreiding met schoolgebouwen in de 20ste eeuw.

Onze-Lieve-Vrouwekerk

De precieze bouwgeschiedenis van kerk en klooster is onbekend. Volgens M. De Meulemeester en V. Fris stond er vermoedelijk reeds een kleine kerk begin 8ste eeuw. Volgens M. De Meulemeester klimt de huidige kerk op tot de 11de eeuw. Oorspronkelijk een kleine romaanse zaalkerk, in de 12de - 13de eeuw vergroot tot kruiskerk met vierkante kruisingstoren en halfrond koor. Na de verwoesting van de stad in 1381, verhoogd en voorzien van een nieuw koor met polygonale sluiting. Teistering eind 16de eeuw. Verbouwing in 1624: slopen van toren en transept, schip achteraan ingericht tot koor der religieuzen, nieuw portaal aangebracht in de langsgevel (noordwestelijk). Verdere aanpassingen in de 18de en 19de eeuw. Restauratie onder leiding van Ph. Van der Putten in 1964.

Huidig uitzicht van het in oorsprong romaanse kerkje resulteert uit verschillende bouwcampagnes en restauraties. Deels ingesloten zaalkerk, georiënteerd naar het noordoosten. De plattegrond ontvouwt een schip van zes traveeën en een smaller koor met één rechte travee en driezijdige sluiting. Afdekking door middel van één zadeldak (leien) voorzien van achtzijdige klokkenruiter. Opgetrokken uit veldstenen, onder meer zandsteen.

Tuitgevel (zuidwesten) gewijzigd tijdens restauratie van 1964: nieuw spitsboogportaal geflankeerd door toegevoegde bolkozijnen. Erboven, gotisch spitsboogvenster met vernieuwd maaswerk.

Zijgevel (noordwestelijk) met bouwnaad na de derde travee wijzend op de uitbreiding van het oudste romaanse gedeelte. Verhoging aangeduid door verschil in parement: groter en regelmatig verband onder de daklijst. Verlichting door middel van romaanse rondboogvenstertjes. Gerestaureerde rondboogdeur in de eerste westtravee. Mijterboogvormig venster en sporen van een gedicht spitsboogportaal in de zesde travee.

Witgekalkte zuidoostelijke gevel met rondboogvensters. Koor voorzien van gotische spitsboogvensters, heden gedicht in de ingebouwde koorsluiting.

Witgeschilderd en bepleisterd interieur met zichtbare dakstoel in het schip waarop een pseudo-spitstongewelf is aangebracht.

Mobilair: muurschilderingen in koor en schip van L.B. Bert de l'Arbre, uit eind 19de eeuw. Onze-Lieve-Vrouw van Hunnegem, eikenhouten beeld, uit de 16de eeuw, Brabantse school; gepolychromeerd kruisbeeld (18de eeuw). Neogotisch meubilair.

Ingangspand

U-vormige aanleg van drie vleugels gegroepeerd op de drie zijden van een rechthoekige tuin. Beschilderde baksteenbouw uit de 19de eeuw. Centrale neoclassicistisch getinte vleugel met twee verdiepingen onder een zadeldak. Lijstgevel van negen traveeën waarvan de middelste drie uitgewerkt werden als risaliet, afgelijnd door witgeschilderde hoekblokken en bekroond met een driehoekig fronton. Horizontaal accent door witgeschilderde muurbanden en gekorniste kroonlijst. In het middenrisaliet, rechthoekige vensters in een beschilderde omlijsting, halfrond venster in het fronton; rechthoekige deur in een vlakke omlijsting van arduin. Voorts rechthoekige vensters gemarkeerd door witgeschilderde hoekblokken; rechthoekige deuren. Gelijkaardige zijvleugels van respectievelijk vijf en zes traveeën.

Kloostergang

Vierkante kloostergang met kleine binnentuin en drie panden aansluitend bij de zuidoostelijke gevel van de kerk. Oudste gedeelten zijn de zuidwestelijke en zuidoostelijke panden in traditionele stijl.

Zuidwestelijk pand, haaks tegen de kerk. Zeven traveeën brede constructie van twee verdiepingen onder een zadeldak (leien), opklimmend tot de 17de eeuw met latere aanpassingen. Baksteenbouw met verwerking van zandsteen voor sokkelafschuining, onderdorpels en negblokken der benedenvensters en steigergaten. Muurankers met kram en krul. Rechthoekige muuropeningen. Op de benedenverdieping: voormalige kruiskozijnen met sponning, enkele en dubbele ontlastingsbogen en toegevoegde arduinen lateien. Aangepaste bovenvensters. Mooi gesneden houten daklijstbalkjes.

Gelijkaardig verankerd zuidoostelijk pand van dertien traveeën met twee verdiepingen boven de kelderverdieping, een zadeldak (leien) en rechter aandak, eveneens opklimmend tot de 17de eeuw met latere aanpassingen. Bak- en zandsteenbouw afgelijnd door zandstenen hoekblokken; zelfde kenmerken der traditionele stijl als het zuidwestelijk pand. Voormalige kruiskozijnen op de verhoogde begane grond. Kleine rechthoekige bovenvensters voorzien van zandstenen dorpels; sporen van dubbele ontlastingsbogen. Kelderverdieping met keldergaten en bolkozijn in een zandstenen omlijsting; rechter rondboogdeurtje in een zandstenen omlijsting met bekronend druiplijstje; vernieuwde rondboogdeur in de zevende travee. Recente vensters in de twee rechter traveeën.

Deels aangebouwd noordoostelijk pand, koor der religieuzen. Neogotische baksteenbouw uit 1887. De achtergevel van de zuidwestelijke en zuidoostelijke panden, de neogotische noordoostelijke gevel en de langsgevel van de kerk omsluiten een vierkante binnentuin met centrale gotische zuil voorzien van bladwerkkapiteel en recenter stenen Onze-Lieve-Vrouwebeeldje. Witgekalkte binnentuingevels van de zuidwestelijke en zuidoostelijke panden in traditionele stijl met muurankers met kram en krul, zandstenen steigergaten, daklijstbalkjes en sporen van ontlastingsboogjes; gewijzigde steekboogvormige bovenvenstertjes. Drie zijden van de binnentuin uitgebreid met een omlopende neogotische kloostergang.

In het verlengde van de zuidwestelijke vleugel: tweelaagse aanbouw van vier traveeën door middel van muurankers gedateerd 1833. 20ste-eeuwse vensters onder ijzeren lateien. Ten zuiden van het complex, neerhof onder een afgesnuit zadeldak (pannen) met uitzicht uit de 19de eeuw.

Voorts uitbreidingen uit de 19de en 20ste eeuw.

  • DE MEULEMEESTER M., Le Prieuré des Bénédictines de Huneghem à Grammont, Leuven, 1947.
  • FRIS V., Geschiedenis van Geraardsbergen, Gent, 1911.
  • HOSTE A., De priorij Hunnegem te Geraardsbergen, tentoonstellingscatalogus, Geraardsbergen, 1974.
  • VAN BOSSUYT V., Geschiedenis van Hunneghem, Geraardsbergen, 1906.

Bron: D'Huyvetter C., de Longie B. & Eeman M. met medewerking van Linters A. 1978: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Aalst, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 5N1 (A-G), Brussel - Gent.

Auteurs: Eeman, Michèle; d'Huyvetter, Clio & de Longie, Bea

Datum tekst: 1978

Relaties

maakt deel uit van Gasthuisstraat

Gasthuisstraat (Geraardsbergen)

is gerelateerd aan Burgerhuis

Hunnegemstraat 2, Geraardsbergen (Oost-Vlaanderen)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.