Parochiekerk Sint-Martinus

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Hamme
Deelgemeente Moerzeke
Straat Dorp
Locatie Dorp zonder nummer, Hamme (Oost-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Parochiekerk Sint-Martinus

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

omvat de bescherming als monument Parochiekerk Sint-Martinus: orgel
gelegen te Dorp zonder nummer (Hamme)

Deze bescherming is geldig sinds 07-02-1980.

omvat de bescherming als monument Parochiekerk Sint-Martinus: voorgevel
gelegen te Dorp zonder nummer (Hamme)

Deze bescherming is geldig sinds 13-10-1943.

is deel van de bescherming als stads- of dorpsgezicht, intrinsiek Dorpsplein van Moerzeke met omgeving

Deze bescherming is geldig sinds 02-12-2015.

is deel van de bescherming als monument Parochiekerk Sint-Martinus met kerkhof

Deze bescherming is geldig sinds 02-12-2015.

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Noord-zuid georiënteerde, classicistische parochiekerk ingeplant ten zuiden van het dorpsplein, aan drie zijden omgeven door het deels ommuurde en omhaagde gedesaffecteerde kerkhof. Voor de kerk bevinden zich links en rechts van het portaal twee roepsteenreconstructies, aangebracht in 1983 en 1986; de oorspronkelijke roepsteen verdween omstreeks 1950 bij herstellingswerken aan de kerk.

Historiek

Eerste vermelding van een kerk in 1125, toen Symon, bisschop van Doornik en Noyon de inkomsten en rechten van de kerk schonk aan de Sint-Baafsabdij van Gent. Bij graafwerken in de kerk voor de plaatsing van een verwarmingsinstallatie in 1967 kwamen sporen aan het licht van een vroegmiddeleeuws zaalkerkje van circa 6 op 12 meter opgetrokken van Doornikse steen, vermoedelijk uit de 10de of 11de eeuw. Omstreeks 1200 werd het kerkje uitgebreid tot een éénbeukige kruiskerk, eveneens in Doornikse kalksteen. Waarschijnlijk werd al vóór 1352 een Onze-Lieve-Vrouwekapel tegen de noordelijke dwarsbeuk gebouwd. Tussen 1480 en 1490 werd de lage romaanse torenspits vervangen door een hoge spits in gotische stijl. Deze romaans-gotische toren werd in 1740 vervangen door een octogonale renaissancetoren met een spits van 46 meter hoog.

Na de aankoop van de heerlijkheid Moerzeke op 16 juli 1755 door jonkheer Emmanuel Augustijn Joseph Van den Meersche (1714-1791), heer van Berlare, besloot de heer samen met de nieuwe kapelaan, Joannes Benedictus De Schoesitter, wegens de slechte staat van de kerk een volledig nieuwe kerk te bouwen. Uiteindelijk werd besloten om de oude kerk, die naar het oosten gericht was, af te breken, maar om de in 1740 gebouwde toren te laten staan en een nieuwe kerk te bouwen met het koor naar het zuiden. Pastoor Van Damme kocht daarvoor in 1767 de nodige bouwgrond aan. De bouw werd voornamelijk gefinancierd met giften van de heer Van den Meersche, zijn moeder, vrouwe-weduwe van Bareldonk en de bisschop van Gent. Het ontwerp van de nieuwe kerk werd toevertrouwd aan de Gentse architect Jan-Baptist Simoens (1715-1779). In 1767 werd een deel van de oude kerk afgebroken en werd begonnen aan de funderingen van de nieuwe kerk. Op het plein aan de kerk werd een houten noodkerkje met strodak opgericht. De heer van Moerzeke gaf aan meester-steenhouwer Jan Villemeire uit Gent de opdracht om naar Arquennes in Henegouwen te gaan voor het leveren van arduin. In Brussel onderhandelde hij tevens voor de levering van blauwe steen.

In 1768 werd de gevel en het laatste deel van het schip afgebroken. Van dan af kon de bouw van de nieuwe kerk aangevat worden, georiënteerd naar het zuiden en met de ingang langs de noordzijde aan het Dorpsplein. Het interieur van de kerk werd bepleisterd, gewit en geschilderd met olieverf. Ook de voorgevel en de toren, met uitzondering van het arduin, waren oorspronkelijk gewit. In 1771 werd het stro van de noodkerk verkocht, waaruit kan worden afgeleid dat de nieuwe kerk in gebruik kon worden genomen voor de eredienst. Toch was de kerk nog niet gewijd toen op bevel van de Franse bezetter in 1797 het kruis van de toren werd weggenomen en de kerk werd gesloten. In 1805 werden verschillende vensters hersteld door glazenier Stefaan Bertone uit Hamme. In 1806 herstelde Philippus Herssens, schaliedekker uit Dendermonde, het dak, plaatste een nieuw kruis op de toren en verguldde de haan en bol op de toren. Nog in 1806 werd in Doornik een nieuwe klok aangekocht. Pas na herstel van alle schade uit de Franse tijd werd op 9 juli 1806 de kerk plechtig gewijd door Stephanus Fallot de Beamont, bisschop van Gent. Herstellingen in 1913 onder leiding van architect Geirnaert (Gent). Restauratie van de voorgevel in 1943-1951. Restauratiewerken in 1988-1991 onder leiding van architect F. Weyers.

Beschrijving

De plattegrond van de basilicale kerk ontvouwt een driebeukig schip van zeven traveeën met een ingebouwd voorportaal en toren en een smaller koor van één travee met een driezijdige koorsluiting, binnen afgewerkt met gebogen wanden, aan weerszij geflankeerd door sacristieën. De kerktoren, met octogonaal grondplan is ingebouwd boven het kerkportaal. Naast het portaal bevinden zich twee ruimten, rechts een berging (vroeger beenderhuis met doopkapel, links een berging of "prondelkapel" (nu ingenomen door de verwarmingsinstallatie). Opgetrokken van baksteen met voorgevel en toren van kalkzandsteen, voorts gebruik van arduin voor plinten in de voorgevel, pilasters, vensteromlijstingen en decoratieve details, plinten van Vilvoordse zandsteen. Afdekkend leien zadeldak.

De monumentale voorgevel van de kerk in classicistische stijl is opgebouwd met grote blokken Franse kalksteen, afgewerkt met een plint, lijsten en pilasters in arduin. Drieledige horizontaal geaccentueerde gevel door een lage onderbouw en breed hoofdgestel met een balustrade onderbroken door het centraal driehoekig fronton. De gevelbekroning is verfraaid met bollen op de balustrade en in het fronton met de gebeeldhouwde wapenschilden van de heer van Moerzeke, jonkheer Emmanuel Augustijn Joseph Van den Meersche en zijn echtgenote Madeleine Charlotte d’Olmen. Geaccentueerde traveeindeling door gekoppelde dubbele pilasters met Ionische kapitelen ter aflijning van de twee smallere zijtraveeën. Centraal portaal met brede rondboogdeur in een kwartholle geblokte omlijsting op neuten met imposten en vlakke sluitsteen, ingeschreven in een rechthoekige, geblokte omlijsting bekroond door een gebogen fronton. In de zijtraveeën, groot getoogd venster met een sluitsteen en druiplijst. Onder beide vensters hangt een bronzen herdenkingsplaat ter herinnering aan de gesneuvelden en de opgeëisten van Wereldoorlog I, door Oscar Sinia (Gent) gemaakt in 1920.

De ingebouwde toren van kalksteen heeft aan vier zijden een getoogd galmgat, de vier andere zijden zijn versierd met lijstwerk. De toren wordt bekroond door een ingesnoerde naaldspits, met aan de voorzijde drie dakkapellen, en een smeedijzeren kruis. Torenuurwerk met wijzerplaat naar het noorden, en drie blinde vlakke aan de andere zijden, onder geprofileerde druiplijst.

Eenvoudige bakstenen zijgevels op zandstenen plint, hoge steekboogvensters in een hardstenen omlijsting met een sluitsteen en een druiplijst. De hoeken van de gevels worden geaccentueerd door kalkstenen hoekstenen. De gevels worden bekroond door een eenvoudige kroonlijst, aansluitend bij de dakrand. In de zijgevel van de noordelijke sacristie zijn er drie rechthoekige vensters in een vlakke hardstenen omlijsting. In de oostgevel is er een gelijkaardige deur, voorafgegaan door vier hardstenen treden.

Tegen het koor bevindt zich aan de buitenzijde een calvarie, oorspronkelijk tegen een beraapte achtergrond, enkel het kruisbeeld onder het houten afdak is nog aanwezig. Tegen de zuidgevel van de westelijke sacristie staat het stenen gedenkteken van priester Poppe, een overluifelde calvarie, met beeldengroep gesigneerd Robert Van de Velde uit Sint-Niklaas, geplaatst in 1932, nabij zijn graf. Aan de oostelijke sacristie waren voorheen sporen van een zonnewijzer merkbaar.

Harmonieus kerkinterieur, gepleisterd en beige geschilderd met witte en enkele goudkleurige accenten. De vloeren zijn bekleed met blauwe arduinsteen en in het koor met witte en zwarte marmertegels. De onderbouw van de toren achter het voorportaal is overwelfd met een gepleisterde kruisriboverwelving met platte ribben en rond klokkengat beschilderd met het alziend oog. Driebeukig schip met rondboogvormige scheibogen gedragen door twee rijen van vijf zuilen met een Dorisch kapiteel, bepleisterd en geschilderd en met kapitelen en hoge sokkels van blauwe hardsteen. Midden- en zijbeuken overwelfd met tongewelven gescheiden door gordelbogen versierd met casementen in stucwerk en rustend op consoles met een rococomotief van bladwerk. De gewelfkappen van schip en koor zijn versierd met vergulde stermotieven. Centraal in het gewelfvlak van de middenbeuk is een cirkelvormig medaillon met een duifmotief geschilderd. De vensteromlijstingen hebben een geprofileerde omlijsting in stucwerk met een sluitsteen en een druiplijst. Het koor wordt geaccentueerd door vier wandpilasters en is overdekt door een tongewelf met versierde moerbogen. De eerste pilasters in het koor zijn verrijkt met een wapenschild met opschrift, links "E.A.J. Van Den Meersche 1755-1791" en rechts "M.A. Van der Noot 1752–1770 respice finem".

Glasramen. Vier figuratieve glasramen in het koor uit het atelier van Samuel Coucke, met de afbeelding van drie dochters van burggraaf Karel de Nieulant als schenkers; de twee glasramen naast het altaar met de "Verschijning van het H. Hart van Jezus aan de H. Margarethe-Maria" en de "Onbevlekte Ontvangene met een schenkster" zijn geplaatst in 1874; de twee andere glasramen voorstellende "Sint-Jozef verschijnt aan een zieke" en "Opwekking van een dode door de Heilige Martinus" werden geplaatst in 1876. In 1942 werd de doopkapel verfraaid met een glas-in-loodraam met de voorstelling van de Doop van Christus van de hand van Cyriel Los uit Dendermonde.

Mobilair.

Schilderijen. Tenhemelopneming van Maria, altaarstuk van het zijaltaar, vervaardigd door Pieter van Reysschoot uit Gent omstreeks 1780. Anna leert Maria lezen, altaarstuk van het zijaltaar, vervaardigd door Pieter van Reysschoot uit Gent omstreeks 1780. Heilige Martinus van Tours deelt zijn mantel met een bedelaar, kopie naar het werk van Antoon van Dyck, 17de eeuw. Bekering van de Heilige Hubertus van Luik uit de 18de eeuw, schilderij op doek, waarschijnlijk afkomstig van een altaar. Bewening van Christus, schilderij op doek uit de 17de eeuw. Twee schilderijen uit de 18de eeuw zijn vermoedelijk afkomstig uit het oude Onze-Lieve-Vrouwekoor: Opdracht van Jezus in de tempel en Heilige Familie met de Heilige Anna, gerestaureerd in 1971. Heilige Martinus van Tours geneest een bezetene, 19de eeuw. Heilige Martinus van Tours ziet in een droom Christus bekleed met de mantel die hij aan de arme geschonken heeft, 19de eeuw. Kruiswegtaferelen op doek vervaardigd door Johannes Josephus De Loose uit Zele in 1831.

Beeldhouwwerk. H. Rochus van Montpellier, gepolychromeerd houten beeld vermoedelijk vervaardigd door Willem Kerricx in het eerste kwart van de 18de eeuw, gerestaureerd in 1971. Houten beelden Heilig Hart van Maria en Heilig Hart van Jezus vervaardigd door Mathias Zens, geschonken door Sophie de Nieulant in 1876. Houten beelden van de Heilige Barbara en beeld van de Heilige Jozef met Kind uit de 19de eeuw. Gipsen beelden van Sint-Antonius, Sint-Martinus, Sint-Vincentius, en van Heilige Theresia van Lisieux.

Meubilair. Hoofdaltaar en zijaltaren van Onze-Lieve-Vrouw in de westelijke zijbeuk en van de Heilige Anna in de oostelijke zijbeuk; portiekaltaren in gemarmerd hout en marmer, vervaardigd door beeldhouwer Francis Allaert (Gent) in 1776 en afgewerkt door beeldhouwer Jacques Lageye en schrijnwerker Pieter Eeckelaer in 1780. Eiken koorgestoelte met tien medaillons met voorstellingen van Onze-Lieve-Vrouw, Simeon, Zacharias, Misaël, Koning Ezechias, Christus, Ananias, Joannes, Marcus en Koning David, vermoedelijk afkomstig van de schepenbanken uit de oude kerk, waarvan er acht toegeschreven aan Willem Kerricx en dateren uit het eerste kwart van de 18de eeuw. Merkwaardige preekstoel in eik vervaardigd door Francis Allaert tussen 1772 en 1774, met een rotsvormige kuip en eronder de beelden van Mozes en Johannes de Doper. Twee eiken biechtstoelen uit het einde van de 18de eeuw gerestaureerd in 1807 door Hendrik Pirijns en twee eiken biechtstoelen vervaardigd door Dominicus Velleman uit Gent in 1809. Orgel beschermd bij KB van 07.02.1980. In 1700 werd een nieuw orgel aangeschaft van N. I. Hellman (Antwerpen) met een orgelkast vervaardigd door Willem Kerricx. Na de bouw van de nieuwe kerk werd in 1774 het oude orgel hersteld door P. Van Peteghem uit Gent. In 1803 werd een nieuw orgel aangekocht bij Charles Verbeke te Gent, met behoud van de oude orgelkast, gerestaureerd door de firma J. Loncke in 1963 Eiken ruststoel met offerblok uit de 18de eeuw. Twee koorstoelen van mahoniehout en rood fluweel uit de 18de eeuw.

In de kerk werden 58 grafzerken en gedenkstenen opgetekend, in de zijbeuken en bijkapellen, meestal afkomstig uit de oude kerk, een tiental zerken zijn aan hun kelkmedaillon te herkennen als gedenkstenen van priesters.

  • Gemeentearchief Hamme, Moerzeke Dossier 571.2:802 I.
  • Vlaams Ministerie van Ruimtelijke Ordening Woonbeleid en Onroerend Erfgoed, Agentschap Onroerend Erfgoed, Oost-Vlaanderen, archief.
  • DE POTTER F. & BROECKAERT J. 1890: Geschiedenis van de gemeenten der provincie Oost-Vlaanderen, Reeks IV, deel 2, Gent.
  • DE SMET P. 1987: Zerken en gedenkstenen in de Sint-Martinuskerk te Moerzeke, Moerzeke.
  • DE WIN P. 1988: De "roepstenen" en "kerkpuien" in de provincie Oost-Vlaanderen, Handelingen der Maatschappij voor Geschiedenis en oudheidkunde te Gent, Nieuwe Reeks, Deel XVI, 53.
  • JANSSENS DE VAREBEKE A. & DE SMET P. 1971: De Sint-Martinuskerk van Moerzeke, Moerzeke.
  • ROOSE-MEIER B. 1980: Fotorepertorium van het meubilair van de Belgische bedehuizen, Provincie Oost-Vlaanderen, Kanton Hamme, Brussel, 22-26.
  • VERSTRAETEN R. 1986: De heren Van den Meersche – een adellijk Berlaars geslacht in de 17de en de 18de eeuw, Heem- en Oudheidkundige Kring Berlare, IV.1, 1-9).
  • WAEGEMANS K. 2005: Heerlijckheyt Moerseke en Castelle, Open Monumentendag, 3-10.

Bron: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Oost-Vlaanderen, Gemeenten: Berlare, Buggenhout, Lebbeke, Waasmunster, Hamme en Zele,Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 20N, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Bogaert, Chris; Duchêne, Helena; Lanclus, Kathleen & Verbeeck, Mieke

Datum tekst: 2006

Relaties

maakt deel uit van Dorp

Dorp (Hamme)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.