Parochiekerk Sint-Martinus met kerkhof

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Limburg
Gemeente Kinrooi
Deelgemeente Kessenich
Straat Kerkstraat
Locatie Kerkstraat zonder nummer, Kinrooi (Limburg)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Kinrooi (12-10-2007 - 12-10-2007).
  • Inventarisatie Kinrooi (adrescontroles, geografische inventarisatie: 01-01-2005 - 31-12-2005).

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Parochiekerk Sint-Martinus met kerkhof

Deze vaststelling is geldig sinds 01-02-2018.

omvat de bescherming als monument Parochiekerk Sint-Martinus
gelegen te Kerkstraat zonder nummer (Kinrooi)

Deze bescherming is geldig sinds 30-04-2004.

omvat de bescherming als monument Parochiekerk Sint-Martinus: kerkhof
gelegen te Kerkstraat zonder nummer (Kinrooi)

Deze bescherming is geldig sinds 30-04-2004.

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Historiek

De Sint-Martinusparochie is zeer oud. Men vermoedt dat ze samen met Thorn (NL) en Neeritter (NL) één grote, primitieve parochie vormde. Hoewel de kerk op de voorburcht van de burcht van Kessenich staat, was ze waarschijnlijk ouder dan de burcht en ontstond dus niet als castrale kerk.

De heren van Kessenich waren in het bezit van het patronaatsrecht en de tienden. Bij de bouw van de burcht in de eerste helft van de 12de eeuw werd de primitieve kerk vervangen door een nieuwe kerk. In de periode van de sloping van de burchttoren (vóór midden 16de eeuw, mogelijk 14de eeuw) werd ook de 12de-eeuwse kerk afgebroken en vervangen door een vroeg-Maasgotisch gebouw.

Waarschijnlijk werd in de eerste helft van de 18de eeuw de gotische kerk afgebroken, op de toren na, en vervangen door een klein, bakstenen, éénbeukig gebouw van drie traveeën met een koor van twee rechte traveeën en driezijdige sluiting; het gebouw was voorzien van rondboogvensters en een barokinterieur. In 1885 werd de toren van de kerk door brand beschadigd; ook het kerkgebouw liep schade op. In 1898-1899 werd de huidige neogotische kruisbasiliek gebouwd naar ontwerp van architect J. Tonnaer (Delft). De kerk kwam mede tot stand door de financiële steun van baron Michiels van Kessenich. De gotische toren bleef behouden en werd met één bouwlaag verhoogd.

De begravingen in het omgevend, ommuurd kerkhof hebben de noordzijde van de voormot sterk verstoord.

Beschrijving

De plattegrond ontvouwt een driebeukig schip van vier traveeën met transept van één travee en doopkapel van een rechte travee met driezijdige sluiting tegen de eerste travee van de noordzijde; koor van twee rechte traveeën en driezijdige sluiting met kooromgang; het koor is geflankeerd door een sacristie aan de zuidzijde, en het oratorium van de familie Michiels (één travee met driezijdige sluiting) met tweede sacristie tegen zijn noordgevel, aan de noordzijde.

De westtoren, die in de as van de gotische kerk lag, staat nu rechts van de westgevel; aan de noordzijde van dezelfde gevel, ronde traptoren. De westtoren is de enige rest van de 14de(?)-eeuwse kerk, die opgetrokken was in vroege Maasgotiek. Mergelstenen constructie van oorspronkelijk drie geledingen, in 1899 met een bouwlaag verhoogd, onder ingesnoerde naaldspits (leien); de geledingen zijn door waterlijsten van elkaar gescheiden. De gebouchardeerde hardstenen plint is een recente toevoeging. De twee onderste geledingen waren oorspronkelijk blind; in 1899 werd in de westgevel een neoromaans portaal geplaatst, rechthoekig in een hardstenen omlijsting met geprofileerde mergelstenen boog en hardstenen zuilen. In de derde geleding zijn de oorspronkelijke, thans gedichte rondboogvormige galmgaten te herkennen; de neogotische vierde geleding is voorzien van telkens twee spitsboogvormige galmgaten. Rondboogfries onder de kroonlijst.

In de oostgevel bleef het spoor van de dakhelling van de gotische kerk zichtbaar. In de onderbouw van dezelfde gevel bleef een hoek bewaard van het 12de-eeuwe kerkgebouw, opgetrokken uit breuksteen en Maaskeien, en met sporen van een boogvormige muuropening.

Schip van baksteen, met spaarzame afwerking van natuursteen. Baksteenfries onder de kroonlijst. Steunberen zonder geleding. Spitsboogvensters met hardstenen afzaat. Zadeldaken (leien). De westgevel vertoont een geprofileerd bakstenen spitsboogportaal; erboven een spitsboogvormig drielicht binnen spitsboogliseen; spitsbooglisenen en -venster in de geveltop. Hardstenen gevelsteen in de kooromgang met datering 1898. Vóór het portaal liggen twee kalkstenen Maaskapitelen, afkomstig van de vroeggotische kerk.

Bepleisterd interieur met behouden neogotische muurschilderingen.

Overwelving door middel van kruisribgewelven tussen spitsbooggordelbogen, geschraagd door colonnetten die neerkomen op de kapitelen der zuilen van de spitsboogvormige scheibogenarcade; bakstenen zuilen met hardstenen sokkel en beschilderd kapiteel. De kooromgang is van het koor gescheiden door een spitsboogarcade op zwartmarmeren zuilen met gesculpteerd en verguld kapiteel. Overwelving van koor en doopkapel door middel van een straalgewelf.

Mobilair: geschilderde kruisweg, doek, H. Snelders, Schaarbeek (begin 20ste eeuw). Beeld van Sint-Martinus, gepolychromeerd hout (begin 16de eeuw); Sint-Anna-ten-Driëen, laatgotisch, Limburg, gepolychromeerd hout (1530-40); triomfkruis, laatgotisch, gepolychromeerd hout, Maasland (1520-30), met neogotische beelden, gepolychromeerd hout, P. Peeters, Antwerpen (1903). Schilderij met voorstelling van Sint-Augustinus, doek, Vlaamse School (17de eeuw).

Neogotisch hoofdaltaar, gepolychromeerd hout, J. Tonnaer (1901), uitgevoerd door P. Peeters, Antwerpen, geschonken door baron Michiels van Kessenich; neogotische zijaltaren, gepolychromeerd hout, J. Tonnaer (1903), uitgevoerd door P. Peeters, Antwerpen, geschonken door baron Michiels van Kessenich. Twee neogotische biechtstoelen, eik, J. Tonnaer (1902). Neogotische preekstoel, eik, J. Tonnaer (1901), uitgevoerd door P. Peeters, Antwerpen. Hardstenen doopvont met vier bustes, Maasland (1540-50). Orgelkast, J. Tonnaer (1904), uitgevoerd door P. Peeters, Antwerpen; orgel door P. Schyven, Brussel. Neogotische muurschilderingen, atelier L. Bressers, Gent (1906-07). Neogotische glasramen, de glasramen in het koor door J. Dobbelaere, Brugge (begin 20ste eeuw), geschonken door baron Michiels van Kessenich.

Op het kerkhof: verweerde kalkstenen grafsteen van Guido van Malsen (ϯ1618), heer van Kessenich en zijn vrouw Joanna van Kessenich (ϯ1636 of 1637) met twee wapenschilden en zestien kwartieren, thans onleesbaar, ingemetseld in een recente constructie; hardstenen grafkruis van Hobricht van Lind (ϯ1678) en zijn vrouw Neelken Leurs (ϯ1694), Dirck Houben (ϯ1679) en Ian Houben (†1698), bewoners van het Houbenhuis of Herenhuis aan de Maas.

  • Archief Afdeling Monumenten en Landschappen-Brussel, plannenfonds Koninklijk Commissie voor Monumenten en Landschappen, provincie Limburg, Kessenich, Sint-Martinuskerk.
  • GERITS G. e.a., , Kerk Kessenich. 100 jaar (1898-1998) samen onderweg, Kessenich, 2000.
  • GEUKENS B., Fotorepertorium van het meubilair van de Belgische bedehuizen. Provincie Limburg. Kanton Maaseik, Brussel-Sint-Truiden, 1975, p. 23-24.
  • HENKENS P., , Geschiedenis van Kessenich, Kessenich, 1979, p.393-402.
  • RAETS R., e. a., , De Sint-Martinuskerk te Kessenich, ed. Geschied- en Heemkundige Kring v.z.w., Kinrooi, 1990.
  • S.N., Ken je gemeente... Kinrooi,, (Kinrooi), 1981, p. 11-12.
  • S.N., Laat-gotische beeldsnijkunst uit Limburg en Grensland, Sint-Truiden, 1990, Inventaris nr. 305, 306, 307.
  • S.N., Waar men gaat langs onze wegen, ed. Geschied- en Heemkundige Kring Kinrooi, Nieuwkerken, 1981, p. 63.
  • TIMMERS J.J.M., De kunst van het Maasland, Assen, 1971, p. 163.

Bron: Schlusmans F. 2005: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Maaseik, Kantons Bree - Maaseik, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 19N1, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Schlusmans, Frieda

Datum tekst: 2005

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Kerkstraat

Kerkstraat (Kinrooi)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.