Stadhuis van Tielt

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie West-Vlaanderen
Gemeente Tielt
Deelgemeente Tielt
Straat Markt
Locatie Markt 13, Tielt (West-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Tielt (adrescontroles: 08-06-2007 - 08-06-2007).
  • Inventarisatie Tielt (geografische inventarisatie: 03-01-2006 - 31-12-2006).

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Stadhuis van Tielt

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

Beschrijving

Markt nr. 13/ Tramstraat. Stadhuis, gebouwd in 1872-1874 naar ontwerp (1869) van provinciaal bouwmeester Pierre Nicolas Croquison (Kortrijk) met lange vleugel langs de Tramstraat, restant van het middeleeuwse Alexianenklooster met hospitaal, sterk gerestaureerd na de Tweede Wereldoorlog naar ontwerp van architect Albert Impe (Tielt).

Historiek.
Tussen 1260-1275 sticht Margaretha van Constantinopel op de "Quaede Acker" aan de oostzijde van het marktplein een hospitaal of "passantenhuis" voor arme pelgrims. Deze aanvankelijk burgerlijke instelling verkrijgt een deel van de stedelijke inkomsten nadat in 1295 Gwijde van Dampierre het "lepelrecht" of de "graanmate" schenkt, samen met het "Coornhuus", gelegen in de oostelijke hoek van het marktplein net ten noorden van het hospitaal. Andere bronnen van inkomsten zijn schenkingen, legaten en met de stad gedeelde maalrechten op een windmolen aan het Stokt en de 13de-eeuwse "Stedemolen" aan het einde van de Ieperstraat met de in 1561 ernaast gebouwde rosmolen (cf. Stedemolenstraat). Daarnaast beschikt het hospitaal over veel bouw- en weiland en het "Goed 't Apreyt" aan de Kanegemwegel.
Na 1316 wordt aan het hospitaal de kloostergemeenschap van de H. Alexis toegevoegd die de regel van Sint-Augustinus volgt; aanvankelijk zijn dit broeders, later vervangen door zusters. De geestelijke leiding is wellicht in handen van de kapelaan van het hospitaal, aangesteld door het kapittel van Harelbeke.
Door het oorlogsgeweld in 1452 door het leger van Filips de Goede en een jaar later door de Gentse "Groententers" brandt het hospitaal uit.
In 1515 wordt het hospitaal herbouwd en in 1534 uitgebreid. In 1534-1535 is er sprake van een nieuw glasraam in "huer nieuwe huus", wat er kan op wijzen dat het klooster in de 16de eeuw nog niet over een afzonderlijke kapel beschikt. Het complex bestaat dan uit een voorbouw van twee bouwlagen met kortere noordzijvleugel, gelegen te midden van een ruime boomgaard met een stenen toegangspoort aan het marktplein, het "Coornehuus" aan de noordzijde en enkele huurhuisjes.
De instelling is onderworpen aan de twintigste penning, een belasting die geïnd wordt op bezit of gebruik van onroerend goed, dit in tegenstelling tot het klooster van de Grauwe Zusters (cf. Bruggestraat), aangezien dit van aalmoezen leeft.
In 1579 wordt de stad in de as gelegd door de "Malcontenten" en de Spaanse garnizoenen waarbij het hospitaal opnieuw in puin ligt.
Op een plan van 1616 door landmeter Lodewijk de Bersacques wordt het kerngebied van het schependom weergegeven met aan het marktplein het hospitaal van de Alexianen. Tevens o.m. nog weergegeven op de kaart bij het eerste landboek van Tielt-binnen van 1635 en op de kopergravure opgenomen in "Flandria Illustrata" van Antoon Sanderus (1641-1644).
Tussen 1617-1639 voert men herstel- en uitbreidingswerken uit aan het hospitaal. De Zusters Alexianen, die zich in die tijd toeleggen op meisjesonderricht, verblijven van 1621 tot 1635 in het huis net ten zuiden van de toegangspoort. Na bisschoppelijke hervorming van de statuten bouwt men in 1638-1640 aan de westzijde van het hospitaal een nieuwe kapel ter ere van de H. Augustinus en H. Alexis.
Bij de terugdrijving van het Spaanse leger door Franse troepen in 1645 wordt het klooster geplunderd. Nadat de Alexianen in 1797 uit hun klooster worden gezet, dient het "Coornehuus" als "corps de garde" voor de politie. De kloostergebouwen worden niet verkocht maar blijven in Frans bezit en worden in 1798 omgebouwd tot "gendarmerie" en vredegerecht.
Op het voormalige kloosterdomein wordt onder burgemeester Larmuseau in 1820 de Lakenmarkt gebouwd. Na ruil met een deel van de oude kloostergebouwen van de Grauwe Zusters wordt de rijkswachtkazerne in 1836 overgebracht naar de Bruggestraat en het hospitaal naar de gebouwen van het Alexianenklooster, tot de verhuis ervan in 1838 naar de door deken Darras nieuw gestichte instelling aan de weg naar Pittem (huidige Deken Darraslaan).
In de resterende delen van het klooster richten enkele Zusters Apostolinen uit Brugge van 1839 tot 1866 een leer- en werkschool in, met vanaf 1849 een weeshuis voor meisjes, later uitgebreid met een kleuterklas. Tussen het gewezen kloostercomplex en de Lakenmarkt wordt in 1860 een doorgang aangelegd.
In 1867 wordt het gebouw omgevormd tot politiecommissariaat met tevens bureaus voor het armbestuur en de werkrechtersraad, conciërgerie en twee gevangeniscellen.
In 1871-1873 worden de kapel van het vroegere Alexianenklooster, het voormalige passantenhuis - later in gebruik als de "boterschaele" - en het "Coornehuus" gesloopt voor de bouw van het nieuwe stadhuis in 1872-1874 met "academische" neoclassicistische voorgevel naar ontwerp (1869) van provinciaal bouwmeester Pierre Nicolas Croquison (Kortrijk), uitgevoerd door aannemer Henri Beert (Tielt). Het resterend deel van het hospitaal wordt hersteld en inwendig verbouwd; de haakse vleugel met de conciërgerie en de cellen behoudt zijn middeleeuwse uitzicht. Een aanpalende zaal met overdekte galerij wordt omgevormd wordt tot stedelijke feestzaal "Casino". Op het stadsplan van ca. 1880 getekend door onderwijzer Edmond De Slypere ziet men het nieuw opgetrokken stadhuis met de voormalige kloostervleugels.
Na de inrichting van een stoomtramlijn tussen Tielt - Ruiselede - Aalter (1886) en Hooglede - Roeselare - Ardooie - Zwevezele - Tielt (1889), wordt het tramstation ondergebracht op de benedenverdieping van het stadhuis. In 1891 wordt de nabijgelegen Tramstraat aangelegd voor het verleggen van de tramlijn Tielt - Aalter, waarbij de stedelijke feestzaal verkocht en later gesloopt wordt.
Door bombardementen in de Eerste Wereldoorlog is er schade aan het stadhuis dat in 1923 hersteld wordt. In die periode wordt op de eerste verdieping van de conciërgewoning muziekonderricht gegeven.
De uitbating van café "'t Stadhuis" wordt in 1934 stopgezet en de lokalen worden door de stadsdiensten ingenomen. Er worden herinrichtingswerken uitgevoerd door architect Valère Lievens (Tielt) om hier bureaus en loketten voor de stadsontvangerij onder te brengen.
Door het bombardement in mei 1940 is er opnieuw schade. Herstellingswerken volgen in 1947 door de Tieltse architecten Gerard van de Weghe en Walter Ameye. In de jaren 1950 wordt de voormalige hospitaalvleugel langs de Tramstraat in neo-Vlaamse renaissancestijl gerestaureerd naar ontwerp van architect Albert Impe (Tielt). In 1971 wordt een grote haakse vleugel aan de noordwestzijde van het stadhuis gebouwd.
In 1993 zijn er restauratiewerken aan de voorgevel van het stadhuis.
In februari 2007 vat men grootschalige verbouwings- en renovatiewerken aan naar ontwerp van architectenbureau Groep Planning (Brugge) waarbij het pand "De Beiaard" (cf. nr. 12) en de bijgebouwen aan de achterzijde gesloopt worden en een grote waterput verdwijnt. De beëindiging van de werkzaamheden, waarbij tevens een nieuwe vleugel zal opgericht worden met hoofdingang langs de Lakenmarkt, is voorzien voor 2008. De doorgang zal behouden blijven en op de plaats van "De Beiaard" (cf. nr. 12) komt een berging met fietsenstalling aan de zijde van de

Lakenmarkt. Beschrijving.
Hoofdgebouw (Markt).
Exterieur.
Imposant gebouw met voorgevel in academische neoclassicistische stijl. Baksteenbouw van vijf traveeën en drie bouwlagen onder mansardedak (leien). Rijk uitgewerkte voorgevel met bekleding in Franse witsteen, verlevendigd door (imitatie-)banden en verwerking van hardsteen voor o.m. plint en doorlopende dorpels. Gemarkeerde puilijsten afgelijnd door overkragende geprofileerde houten kroonlijst op uitgelengde consoles. Benadrukt middenrisaliet van drie traveeën geritmeerd door gesuperposeerde Dorische en Ionische zuilen waartussen balusterleuning, resp. in tweede en derde bouwlaag. Bekronend groot fronton met in- en uitgezwenkte belijning en gedecoreerd met centraal medaillon waarin gepolychromeerd stadswapenschild in rondboognis. Vergulde spits. Rechthoekige muuropeningen onder strekse latei op begane grond; centrale vleugeldeur met bovenlicht. Segmentbogige bovenvensters in geriemde omlijsting met oren en sluitsteen; middenbalkon met rondbogige deurvensters in gelijkaardige omlijsting. Houtwerk met grote roedeverdeling.
Gevelplaten op begane grond verwijzen naar de faam van Tielt als Europastad, o.m. bekroning door Europese Raad in 1989 en bij de "European Competition for Towns & Villages in Bloom" in 2002.
Sobere bakstenen zijgevels deels overgroeid door klimplanten; gewijzigde openingen op begane grond; getoogde bovenvensters met gelijkaardig houtwerk.
Interieur. Sterk gewijzigde interieurindeling en -aankleding (plafonds, tegelvloeren) ten gevolge van aangepaste inwendige schikking. Grote ontvangstzaal aan westzijde. Trapzaal in overgangsgedeelte naar vleugel aan de Tramstraat op de plaats van voormalige kloosterkapel. Dubbele houten bordestrap met afgeronde zwartmarmeren aanzettrede en fraai gesculpteerde houten trappalen. Kamer ten zuiden van de traphal met wandlijstwerk. Ten noorden, houten slingertrap als diensttrap. Een waardevolle verzameling schilderijen en oude kaarten decoreert de muren van de traphal.
Raadzaal op bovenverdieping met o.m. stucplafond met centraal rozet, wandpilasters, zwartmarmeren schouw; bustes en portretten van o.m. burgemeesters. Aan noordoostzijde, bijkamer met zwartmarmeren schouw met gebeitelde leuze. Glasramen met voorstelling van wapenschilden o.m. in noordgevel.

Zijvleugel (Tramstraat).
Voormalige middeleeuwse hospitaalvleugel, in de jaren 1951 sterk gerestaureerd in neo-Vlaamse renaissancestijl en heringericht voor bureaus en infobalie van de Dienst Toerisme.
Verankerde baksteenbouw van negen traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak (daktegels in plaats van oorspronkelijke pannen). Verwerking van natuursteen voor o.m. gemetste onderbouw en hoekblokken. Oostzijtrapgevel (elf treden). Ingrepen die het uitzicht van het gebouw vóór de Tweede Wereldoorlog sterk hebben gewijzigd, zijn o.m. de dakkapellen met trapgevels en kleine tussenliggende houten dakkapellen, de rechthoekige muuropeningen met blind korfboogveld in plaats van de oorspronkelijke korfboogopeningen, nieuw houtwerk met uitkragend bovenlicht waarin glas-in-lood in plaats van T-ramen met grote roedeverdeling, halve luiken en geblokte natuurstenen korfboogomlijsting van de inkom. Aan oostzijde, licht achteruitspringende annex onder lagere nok in aansluitende stijl, opgetrokken in de jaren 1950 in plaats van een bestaand eenlagig bijgebouw.
Interieur. Grotendeels gewijzigde indeling van de middeleeuwse hospitaalvleugel. In gang aan zuidzijde, bewaarde oude zoldering met zware moerbalken en gesculpteerde balksleutels op natuurstenen consoles, eveneens bewaard op bovenverdieping. Inkom met houten bordestrap met ingesnoerde trappaal en balusterleuning. Glasramen met voorstelling van wapenschilden.

Noordvleugels (Lakenmarkt).
Voormalige conciërgewoning, haaks op de vleugel langs de Tramstraat. Verankerde baksteenbouw van twee bouwlagen onder zadeldak (mechanische pannen). Getoogde muuropeningen in noordtrapgevel (tien treden); gewijzigde muuropeningen in langsgevel.
Aan noordoostzijde, in 1971 aangebouwde parallelle vleugel in sobere historiserende stijl van dertien traveeën en twee bouwlagen onder schilddak (mechanische pannen); dakkapellen onder schilddak. Roodbakstenen parement met getoogde muuropeningen in spaarvelden. Deur in geblokte natuurstenen omlijsting onder rechte luifel.

ARCHIEF R-O WEST-VLAANDEREN - ONROEREND ERFGOED, Archiefnrs. W/00531, W/00532, Fotoarchief en Levend Archief.
HEEMKUNDIGE KRING DE ROEDE VAN TIELT, Fototheek.
KADASTERARCHIEF WEST-VLAANDEREN, 207 : Mutatieschetsen, Tielt, Afdeling 1, 1864/127, 1875/22, 1877/12, 1891/11, 1961/115, 1971/22.
KONINKLIJK INSTITUUT VOOR HET KUNSTPATRIMONIUM, Fototheek, opnames 1943.
STADSARCHIEF TIELT, Bouwaanvragen Tielt, 1872/2876: Plannen voor de bouw van het nieuwe stadhuis, het vredegerecht en het huis van de doortocht.
STADSARCHIEF TIELT, Bouwaanvragen Tielt, nrs. 2444-2445: Oorlogsschade aan het stadhuis.
STADSARCHIEF TIELT, Bouwaanvragen Tielt, 1935/2877.
DE GRYSE P., Tielt graag gezien, Aarsele-Kanegem-Schuiferskapelle-Tielt, Tielt, 2003, nrs. 70, 75, 79.
DE VRIENDT J., Schetsen voor de Geschiedenis van Thielt, Reeks: Geestelijke Instellingen, Het Hospitaal of Klooster der Alexianen XIIIe – XIVe eeuw, in Handelingen van de Koninklijke Geschied- en Oudheidkundige Kring van Kortrijk, nieuwe reeks, jg. 15, 1936, p. 211-249.
HOFLACK M., Langs Vlaamse Wegen. Tielt, Brussel, 1997, p. 5-6.
MARICHAEL R., Het Tieltse stadhuis, in De Gidsenkring, jg. 33, nr. 3, 1995, p. 3-22.
MARTENS W., Mei 1940. De regio Tielt in de vuurlinie, Tielt, 2003, p. 113.
OSTYN R., Historische stedenatlas van België, Tielt, Brussel, 1993, p. 18, 26, 29, 33, 40, 68-69, 71, 81, 102-104, 120-121.
Tielt - Open Monumentendag 13 oktober 2002, onuitgegeven tekst bij dia's, 2002.
VAN ACKER J., Het hospitaal van de zusters Alexianen te Tielt in de 18de eeuw, in Biekorf, jg. 103, nr. 2, 2003, p. 97-109.
VANDEPITTE P.; BILLIET J., Tielt en de Molenlandroute. Een historisch-toeristische verkenning, Tielt, 1973, p. 43-53.
VANDEPITTE P., Van Thielt tot Tielt, Tielt, 1975, nrs. 5, 70-72, 79.
VERBRUGGE J., Tieltse caférijkdom. Een overzicht van cafés en uitbaters tussen 1900 en 1980, in De Roede van Tielt, jg. 11, nr. 2-3-4, 1980, p. 114, 118.

Bron: Callaert G. & Santy P. met medewerking van Boone B., Devooght K. & Moeykens S. 2007: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Tielt, Deel I: Stad Tielt (straten A-R), Deel II: Stad Tielt (straten S-Z), Deelgemeenten Aarsele, Kanegem en Schuiferskapelle, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL29, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Callaert, Gonda & Santy, Pieter

Relaties

maakt deel uit van Markt

Markt (Tielt)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.