Basisschool De Linde met klooster en ouderlingengesticht

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie West-Vlaanderen
Gemeente Ruiselede
Deelgemeente Ruiselede
Straat Brandstraat
Locatie Brandstraat 24-26, Ruiselede (West-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Ruiselede (adrescontroles: 01-09-2008 - 01-09-2008).
  • Inventarisatie Ruiselede (geografische inventarisatie: 07-01-2007 - 06-01-2008).

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Basisschool De Linde met klooster en ouderlingengesticht

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

Beschrijving

Brandstraat nrs. 24-26. Basisschool "DE LINDE" met voormalig klooster en ouderlingengesticht fasegewijs tot stand gekomen.

Historiek.
Halverwege de 19de eeuw zijn de kinderen van de toenmalige wijk 't Haantje nog steeds aangewezen op de school in de verafgelegen dorpskern van Ruiselede. In 1850 beschikt de wijk over twee privéscholen: in de buurt van de wijk Strokot (genoemd naar de verdwenen Strokot- of Schalkledemolen, cf. Wingenesteenweg nr. 33) en langs de Bruggesteenweg. De zusters O.-L.-Vrouw van Zeven Weeën (cf. Bruggestraat nr. 29) stichten in 1857 in de wijk een bijhuis. In 1859 koopt pastoor Doom een gebouw waar de zusters een school kunnen inrichten (cf. Hamerstraat nrs. 1-3). De school, gewijd aan Sint-Jozef, kent onmiddellijk een groot succes en vormt mede de basis van het latere Doomkerke. Door de stijgende toeloop van leerlingen wordt het bouwen van een nieuwe en grotere school noodzakelijk. Uit kadastergegevens blijkt dat Carolus Doom op gronden, gekocht van de Brugse advocaat Louis Gilliodts, ca. 1866 een schoolgebouw laat oprichten. Ondertussen wordt begin 1865 de eerste steen van de kerk gelegd.
Het gebouw van twee bouwlagen is opgetrokken in dezelfde periode, in een stijl gelijkaardig aan die van de pastorie (cf. nr. 22). Symmetrisch opgebouwd met een centrale, uitspringende dwarsvleugel geflankeerd door twee vleugels van drie traveeën. Het kadaster registreert in 1872 een verdeling met de school in het middengedeelte en aan weerszijden een woning, links die van de zusters (het klooster), rechts van de koster. Niet lang erna worden achteraan een boerderij en een bejaardenhuis met klassen op de verdieping, toegevoegd. Op 13 september 1880 worden school, klooster en bijgebouwen ingewijd door E.H. Bayart, die dat jaar pastoor Doom opvolgde. Het kadaster registreert in 1881 het geheel als "huis en school", de zusters van O.-L.-Vrouw van Zeven Weeën van Ruiselede zijn de eigenaars. Ca. 1903 worden alle gebouwen samengevoegd onder de noemer klooster. Ca. 1913 wordt de linkervleugel verbreed met een venster- en een poorttravee, ca. 1926 achteraan enkele kleine gebouwtjes toegevoegd en het geheel opgesplitst in een aan de straat gelegen school en een achterin gelegen huis. In 1947 verhuizen de jongens naar een nieuwe school, de Sint-Lodewijksschool, met bijhorende feest- en toneelzaal (nr. 105).
In 1952 krijgt de straatgevel een nieuw parement en aangepaste muuropeningen. In 1960 zijn alle gebouwen ("school en klooster" aan straatzijde en "oudemannenhuis en school" achterin) opnieuw samengevoegd tot "school, klooster en ouderlingengesticht".
In 1967 verkoopt het klooster de linkerwoning en het achterin gelegen boerderijgedeelte aan een particulier. Het ouderlingengesticht wordt ontruimd, de bejaarden verhuizen naar andere instellingen. In de straatvleugel is de school nu in het midden- en rechterdeel gevestigd.
In 1969 verlaten ook de zusters de school en het klooster. In het kader van het gemengd lager onderwijs komen de jongens in 1976 vanuit de Sint-Lodewijksschool terug naar de hoofdschool, de vrijgekomen gebouwen van nr. 105 worden nu door verschillende verenigingen gebruikt.
In 1995 wordt de school volledig gerenoveerd en uitgerust met een polyvalente zaal, in 2003 volgen nog een aantal verbouwingswerken. Het nu leegstaande, voormalige klooster zal in de school worden geïntegreerd.

Beschrijving.
Volume aan de straat daterend van ca. 1866-1880 maar met gevel gewijzigd in 1952. Opgetrokken in bruine baksteen, het geheel van twee bouwlagen onder zadeldaken (Vlaamse pannen, zwart aan de voorzijde, rood aan de achterzijde), voorgevel in rode baksteen.
Linkervleugel (nr. 26), met inrijpoort, is het vroegere klooster, nu ingericht als woonhuis. Dubbelhuis van vijf traveeën. De rechthoekige muuropeningen, met omlijstingen op consoles in simili en met geprofileerde kroonlijsten, vervangen de oorspronkelijke segmentboogvormige deur en vensters. Deur met geblokte omlijsting, bovenlicht met glas-in-lood en nis met beeld van O.-L.-Vrouw van Zeven Weeën.
Midden- en rechtervleugel (nr. 24) herbergen de school. Oorspronkelijk met segmentboogvormige muuropeningen en bovenbouw van het middendeel, waarachter de kapel, met rondboogvensters met erboven een groot, rond venster en onder de dakrand klimmende spitsboogfriezen. Topgevel van middengedeelte uitgewerkt als fronton waarin een nis met beeld van het Heilig Hart. Voorts rechthoekige muuropeningen met geblokte, arduinen omlijstingen op consoles. Brede vensters verlichten de klaslokalen. De zij- en achtergevels met segmentboogvormige muuropeningen (bewaard schrijnwerk met grote roedeverdeling) zijn nog oorspronkelijk. De rechterzijgevel is onder de dakrand versierd met klimmende spitsboogfriezen, sierankers. Dwarsvleugel tegen de achtergevel met gelijkaardige muuropeningen, eindgevel met (gedichte) rondboogopeningen.

Interieur
Gang met vloer met zwartmarmeren tegels en witte ruitjes in de hoeken afgeboord met meandermotief. Houten bordestrap met balustervormige trappaal en balustrade. Vloer van de voorkamer links met fraaie cementtegels in grijs, wit en zwart met floraal en kruismotief. Kamer aan tuinzijde met zwartmarmeren schouw en vloer met zwarte, gele en grijze cementtegels. Kloostercellen op de verdieping met bewaarde deuren met beschildering in eikimitatie en plafond met troggewelven.

De inrijpoort geeft uit op een binnenplein met plantsoen. Achteraan bevinden zich gebouwen van de voormalige boerderij en het ouderlingengesticht, daterend van ca. 1880. Bruine, verankerde baksteenbouw onder zadeldaken (Vlaamse pannen), enigszins afgescheiden van het binnenplein en opgesteld in een L-vorm. In het hoofdvolume van twee bouwlagen, wonen beneden (in de volksmond de godshuizen genoemd) de bejaarden, boven bevinden zich de klaslokalen.
Gevel per twee traveeën gevat in gevelhoge, rechthoekige nissen bovenaan afgeboord met tandlijsten. Muurdammen lopen uit op een schoorsteen. Rondboogdeuren, met gevorkte roedeverdeling in de bovenlichten, wisselen af met getoogde vensters (heden verbouwd). Op de verdieping getoogde vensters met grote roedeverdeling. Gedeeltelijk bewaard schrijnwerk.

Interieur
Vloer op de begane grond met grijze plavuizen. Eenvoudige houten steektrap leidt naar de vroegere klaslokalen. Bewaarde deuren met hang- en sluitwerk.
Aanleunende dwarsschuur met gedichte korfboogpoort en rechts ervan een (recentere?) rechthoekige schuurpoort. Rechter zijgevel met asemspleten. Aansluitend de stallingen rechts en links een bijgebouw verbouwd tot garage. Bewaard schrijnwerk en kapconstructie.

KADASTERARCHIEF WEST-VLAANDEREN, 207: Mutatieschetsen, Ruiselede, 1866/21, 1872/19, 1881/11, 1903/114, 1913/26, 1926/131, 1960/270, 1967/85.
BRAET M., Mijmeringen bij documenten en foto's 120 jaar Doomkerke, in Oud Ruysselede. Heemkundig Tijdschrift Doomkerke, Kruiskerke, Ruiselede, jg. 13, nr. 4, 1996, p. 169.
BRAET M., Omtrent familie De Roo, de jongensschool St.-Louis en de feestzaal te Doomkerke, in Oud Ruysselede. Heemkundig Tijdschrift Doomkerke, Kruiskerke, Ruiselede, jg. 23, nr. 3, 2006, p. 112-115.
BRAET M., Rusleda 900 jaar. Een kroniek 1106-2006, in Oud Ruysselede. Heemkundig Tijdschrift Doomkerke, Kruiskerke, Ruiselede, jg. 23, nr. 4, 2006, p. 208.
DEGUFFROY G., Ruiseleedse kapellen en kruisen, in Oud Ruysselede. Heemkundig Tijdschrift Doomkerke, Kruiskerke, Ruiselede, jg. 12, nr. 3, 1995, p. 137.
DEGUFFROY G., 't Haantje… vredig vergeten gehucht, in Oud Ruysselede. Heemkundig Tijdschrift Doomkerke, Kruiskerke, Ruiselede, jg. 2, nr. 1, 1985, p. 96.
DE RAM P., Ruiselede graag gezien. De oudste prentkaarten, 2004, Koksijde, p. 70.
JACOBS M., Zij die vielen als helden… Inventaris van de oorlogsgedenktekens van de twee wereldoorlogen in West-Vlaanderen, Deel 2, Brugge, 1996, p. 351.
MOMMERENCY P., Zo is Doomkerke. Een historisch overzicht samen met het ontstaan en de groei van de parochie, Hertsberge, 1976, p. 16-21, p. 72.

Bron: Van Vlaenderen P. & Vranckx M. 2008: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Ruiselede, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL39, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Van Vlaenderen, Patricia & Vranckx, Martien

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Brandstraat

Brandstraat (Ruiselede)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.