66 resultaten


ID: 135195 | Landschappelijk geheel

Molsbroek

Lokeren (Lokeren)
Het Molsbroek is een meersengebied aan de Durme; juist stroomafwaarts Lokeren gelegen. Tijdens de middeleeuwen werden langs de riviergeul van de Durme de dijken aangelegd en via sluizen zal men eeuwenlang de invloed van de getijden pogen te beheersen.


ID: 135357 | Landschappelijk geheel

Zennegat - Battenbroek

Heffen, Mechelen, Walem (Mechelen), Rumst (Rumst), Heindonk (Willebroek)
Het Zennegat - Battenbroek is een rivierenlandschap, gekenmerkt door de samenvloeiing van de Dijle, Nete en Zenne. De begroeiing is zeer gevarieerd met onder andere hooi- en graasweiden doorkruist met grachtjes, bomenrijen, broekbossen en loofbossen. Het gebied bevat eveneens afgesneden en verlande meanders. Het landschapsbeeld wordt hoofdzakelijk bepaald door de kleinschaligheid en de afwisseling in structuur met talrijke kleine landschapselementen, de kasteelparken en de oude dijken.


ID: 135061 | Landschappelijk geheel

Zennevallei met het Kasteeldomein van Relegem

Hombeek, Mechelen (Mechelen), Zemst (Zemst)
Deze ankerplaats strekt zich uit ten noorden van Zemst tot in de nabijheid van Hombeek. Het gebied wordt gekenmerkt door de Zennevallei met haar beemden ten noorden en het centraal gelegen, in oorsprong 14de-eeuws, waterslot van Relegem met omringend domein. Na de rechttrekking van de Zenne aan het eind van de 19de eeuw kreeg het landschap een meer open karakter met graslanden, enkele verspreide bosje en bomengroepen en bomenrijen die vaak het patroon van het uitgebreid grachtenstelsel volgen. Het patroon van de oorspronkelijke meanders komt overeen met de huidige provinciegrens tussen Vlaams-Brabant en Antwerpen. Ten zuidoosten van de waardevolle OLV in’ Hammeke-kapel splitst de afleiding van de Zenne zich af als ontdubbeling van de oorspronkelijke bedding.


ID: 135136 | Landschappelijk geheel

Duinen nabij Raversijde

Middelkerke (Middelkerke), Oostende (Oostende)
Deze ankerplaats omvat een smalle strook kustduinen tussen Middelkerke en Raversijde met aansluitend het Provinciaal domein Prins Karel met voormalige kustbatterij uit de Eerste en vooral Tweede Wereldoorlog. Aansluitend is ook een deel van de verdwenen vissersnederzetting Walraversijde ingesloten.


ID: 135190 | Landschappelijk geheel

Grote Kreek en Pereboomsgat

Moerbeke (Moerbeke), Wachtebeke (Wachtebeke)
De kreken Grote Kreek en Pereboomsgat zijn gesitueerd in het noorden van de gemeentes Wachtebeke en Moerbeke Waas. Het gebied maakt deel uit van het krekengebied van Overslag – Zuiddorpe, een overgangsgebied tussen een groter krekengebied dat zich verder uitstrekt naar het noorden en Zandig Vlaanderen in het zuiden. De Grote Dekzandrug Maldegem-Stekene, die zich net ten zuiden van het gebied bevindt, vormt een natuurlijke grens tussen deze gebieden. Het gebied wordt gekenmerkt door beboomde dijken en kreekrestanten waarvan de Grote Kreek en Pereboomsgat de meest opvallende zijn.


ID: 135194 | Landschappelijk geheel

Wullebos - De Baggaart

Moerbeke (Moerbeke), Stekene (Stekene)
Het Wullebos - de Baggaart, op de grens tussen Moerbeke en Stekene, bestaat in het noorden uit naaldbos op de grote dekzandrug. De Papdijk loopt door het gebied. In het zuiden komen voornamelijk akkers en weilanden voor.


ID: 135131 | Landschappelijk geheel

Oostends Krekengebied met Sluiskreek, Zoutekreek en Grote Keignaertkreek

Stene, Zandvoorde (Oostende), Oudenburg (Oudenburg)
Deze ankerplaats bevat twee krekenstelsels: de Grote Keignaertkreek en de Zoute kreek en Sluiskreek. Het landschap wordt gestructureerd door de kreken en de aangrenzende komgronden. De Grote Keignaertkreek, Zoute kreek en Sluiskreek zijn ontstaan tijdens de overstromingsfase rond het beleg van Oostende aan het begin van de 17de eeuw doordat de duinen ten oosten van Oostende doorgestoken geweest zijn. Na het beleg van Oostende polderde men de overstroomde delen terug in, maar om de havengeul open te houden had men zogenaamde spoelpolders nodig om voldoende waterdynamiek te garanderen. Momenteel staan de kreken niet meer in rechtstreekse verbinding met de zee. Nabij de kreken en hun uitlopers komt eerder grasland (meestal weiland) voor, in de komgronden eerder akkerland. De kreken bevatten brakwater wat een typische flora met zich meebrengt.


ID: 307519 | Landschappelijk element

Legaardsdijk Gouwelozekreek

Polderdijk (Oostende), Schorrendijk (Oudenburg)
Zeedijk uit 1626, 1723 en 1737, die de Gauwelozekreek aan de oostzijde bedijkt. De Gauwelozekreek is begin van de 19de eeuw grotendeels gedempt of gekanaliseerd, maar de dijk is in het landschap blijven liggen.


ID: 135045 | Landschappelijk geheel

Hof van Coolhem en Het Moer bij Kalfort

Puurs, Ruisbroek (Puurs-Sint-Amands)
Het Kasteel van Kolem en de Moeren zijn gelegen in Puurs in Klein Brabant. Het hof van Kolmen, in het zuidwesten, bestaat uit een parkbos rondom een hoeve en schuur, eertijds afhankelijk van de St-Bernardsabdij van Hemiksem. Het grootste deel van de ankerplaats wordt bedekt door het beboste Moer, één van de drie grote moerassige laagten in Klein Brabant en een voormalig turfwingebied van de abdij dat sinds de 17de eeuw wordt gekenmerkt door een dicht stelsel van grachten en met hakhout beplante dammen. Door de hydrologische geïsoleerdheid van het gebied treft men er nog zuivere milieuomstandigheden aan. Overgangen van het ene vegetatietype naar het andere en het dichte patroon van grachten en dreven, maken het tot een esthetisch aantrekkelijk geheel. Langs de zuidrand zorgt het contrast van open akkerland met achterliggend bos voor een mooi zicht.


ID: 300279 | Landschappelijk geheel

Krekengebied Sint-Margriete en Sint-Jan-in-Eremo

Sint-Jan-in-Eremo, Sint-Margriete, Waterland-Oudeman (Sint-Laureins)
De ankerplaats is een open poldergebied opgebouwd uit pleistoceen dekzand afgedekt door een marien kleipakket. Op de zandruggen die het vlakke polderlandschap doorbreken liggen de dorpen ingeplant evenals de Graaf Jansdijk uit de 14de eeuw. De kreekrestanten met rietkragen, bomenrijen of graslanden zijn relicten van vroegere overstromingen. De polders werden ingedijkt in de 17de eeuw en worden gekenmerkt door een systematische ontginning in grote en regelmatige kavels.