27 resultaten


ID: 135143 | Landschappelijk geheel

Omgeving Alveringem, Sint-Rijkers en Lovaart nabij Fortem

Alveringem (Alveringem), Lo, Pollinkhove (Lo-Reninge)
Deze ankerplaats omvat het agrarisch gebied ten zuiden van Alveringem. De oostelijke grens wordt gevormd door de Lovaart, vermoedelijk in de 12de eeuw gegraven in een zijvertakking van de Ijzer die een verbinding vormde tussen de bovenloop van de Ijzer en Veurne en aanleiding gaf tot het ontstaan van Fortem als vaartgehucht. De percelen tussen de Lovaart en de steilrand naar het plateau toe liggen veelal onder graslandgebruik. In de valleien treft men soms weilanden aan. Het overige landbouwgebied land is overwegend in gebruik als akkerland. Het landschap is nog vrij kleinschalig met veel landelijke bewoning, kleine onregelmatige percelen en oude wegenpatronen. Verspreid over het plateau liggen nog talrijke archeologische resten van verdwenen hoeves en kastelen, alsook van de voormalige kerk en pastorie van het gehucht Sint-Rijkers.


ID: 135403 | Landschappelijk geheel

Poldergebied van Lampernisse en omgeving

Alveringem (Alveringem), Diksmuide, Lampernisse, Oostkerke, Oudekapelle, Sint-Jacobs-Kapelle (Diksmuide), Eggewaartskapelle, Zoutenaaie (Veurne)
Dit gebied omvat de poldergebieden met graslanddepressie van de zogenaamde Kom van Lampernisse, de Vlavlakte en de aansluitende kleine dorpskernen van Lampernisse, Zoetenaaie, Oostkerke, Sint-Jacobskapelle en Oudekapelle. Het uitgestrekte gebied met sinds de middeleeuwen in gebruik genomen polders met reliëfrijke graslanden en talrijke sporen van ontvening, kleiontginning en vroegere bewoning, vertoont een grote variatie in poelgronden en geulgronden. De site van het Leenhof Ter Wissche en de verdwenen kerken van Oostkerke en Zoutenaaie vormen bijzondere sporen van (vroeg-)middeleeuwse bewoning. Er komen ook nog meerdere oude hoeven met walgracht voor. De polder is doorsneden door talrijke vaarten en grachten. De Oude Zeedijk vormt een opvallend middeleeuws dijkrelict. De panoramische zichten bieden weidse vergezichten.


ID: 135063 | Landschappelijk geheel

Brakwaterschorren langsheen de Schelde ten noorden van Antwerpen

Antwerpen, Zandvliet (Antwerpen), Doel, Kallo, Kieldrecht (Beveren)
De brakwaterslikken en schorren langs beide oevers van de Schelde staan onder invloed van het getijdenregime van de Schelde en zijn vroeger in cultuur geweest in de vorm van intensieve begrazing, getuige de nog aanwezige greppelpatronen en dijkstructuren in het gebied. De overgang van de rivier naar de slikken en verder naar de hogere schorren en dijken zorgt voor een zeer gradiëntenrijk landschap met een gevarieerde en zeldzame flora. Het polderdorp Doel wordt gekenmerkt door een geometrische aanleg die sinds 1612 niet meer gewijzigd werd. In de latere Prosperpolder gaan de ‘Antoniushoeve’, het ‘Groothof’, alsook de ‘Prosperhoeve’ allen terug tot de eerste helft van de 20ste eeuw. Op een strategische locatie langs de Schelde werden tijdens de Tachtigjarige oorlog de tweelingforten Lillo en Liefkenshoek gebouwd ter verdediging van Antwerpen.


ID: 135372 | Landschappelijk geheel

De Polder van Stabroek met overgangszone naar de Noorderkempen

Ekeren (Antwerpen), Kapellen (Kapellen), Hoevenen, Stabroek (Stabroek)
Het oostelijk deel van het landschap ligt in de zone waar de vruchtbare kleiïge poldergrond zich mengt met het zand van de Kempen. Van oudsher was het grondgebied van Kapellen iets hoger gelegen dan het omliggend land, dat vòòr het aanleggen van de polderdijken meermaals onder water liep. Mensen gingen zich uiteraard vestigen op deze hoger gelegen plaatsen, oa. langs de weg die Antwerpen met Bergen-Op-Zoom verbindt. Dit landschap dat dus op een hellend overgangsgebied gelegen is met deels zandgrond maar destijds ook deels veengrondgronden, maakt deel uit van het vanaf ongeveer 1250 voor landbouw ontgonnen gebied Hoevenen, Kapellen, Stabroek, Eertbrand en Putte. Het is het grootste aaneengesloten gebied dat ingericht werd volgens het systeem van de regelmatige hoevenstrokenverkavelingen.


ID: 135197 | Landschappelijk geheel

Krekengebied van Kieldrecht en Meerdonk

Kieldrecht, Verrebroek (Beveren), De Klinge, Meerdonk, Sint-Gillis-Waas (Sint-Gillis-Waas)
Het krekengebied van Kieldrecht en Meerdonk strekt zich uit tussen de dorpen Kieldrecht-Nieuw Namen in het noorden, tot aan de grens van de zandstreek Sint-Gillis-Waas en Vrasene in het zuiden, De Klinge in het westen. De kreken worden omgeven door rietgordel en liggen in een open agrarisch landschap met beboomde dijken.


ID: 135397 | Landschappelijk geheel

Uitkerkse polder

Blankenberge, Uitkerke (Blankenberge), Wenduine (De Haan), Nieuwmunster, Zuienkerke (Zuienkerke)
Dit gebied omvat de landschappelijke overgang van het strand, de duinen en de Uitkerkse Polder. De zandvlakte van het strand heeft golfbrekers. De duinen vormen een markante reliëfstructuur met soms een lage helmgrasbegroeiing en struweelranden. De Uitkerkse Polder is een sinds de middeleeuwen in gebruik genomen polder met reliëfrijke zilte graslanden en talrijke sporen van ontvening, kleiontginning en vroegere bewoning. Er komen ook nog meerdere oude hoeven voor. De polder is doorsneden door talrijke zwinnen en vaarten. De Blankenbergse Dijk vormt een opvallend middeleeuws dijkrelict. De panoramische zichten naar de zee en naar het binnenland bieden weidse vergezichten.


ID: 135173 | Landschappelijk geheel

Oudemaarspolder

Uitkerke (Blankenberge), Lissewege (Brugge)
Door hun lage ligging hebben de gronden in de Oudemanspolder een permanent hoge grondwaterstand en liggen daarom grotendeels onder grasland. Tussen de percelen lopen kleine grachten en in de percelen ontwateringslaantjes. In de kleine depressies is nog zilte vegetatie aanwezig. De meeste graslanden vertonen microreliëf ten gevolge van turfwinning tijdens de middeleeuwen.


ID: 135355 | Landschappelijk geheel

Landschap van de Oude Schelde tussen Bornem en Weert

Bornem, Weert (Bornem)
De ankerplaats omvat een zo goed als ongeschonden, 13de-eeuws, grotendeels gesloten, Scheldelandschap dat doorkruist wordt door oude dijken en wegstructuren. Centraal loopt van noord naar zuid de Oude Schelde, met nog goed bewaarde mechanische sluis, als dominant structurerend element. Langs de zuidgrens van deze oude Scheldearm ligt het neogotische kasteel van Marnix van St.-Aldegonde met bijhorend gaaf, hoofdzakelijk bebost, domein met eendenkooi en gekenmerkt wordt door een rastervormig dreven- en afwateringspatroon. Ten noorden van de Oude Schelde is het landschap meer open en heeft men een afwisseling van weilanden en populieraanplanten, gekenmerkt door talrijke vijvers. Typisch in de ankerplaats is de verspreide kleinschalige bebouwing uit tweede helft 19de en begin 20ste eeuw.


ID: 135356 | Landschappelijk geheel

Polder en kasteeldomein van Hingene

Bornem, Hingene (Bornem)
De ankerplaats is een gaaf bewaard polderlandschap langs de Schelde dat langs de zuidrand wordt geflankeerd door een waardevol kasteeldomein. Het domein d’Ursel werd reeds in 1120 vermeld als omwalde hoeve, het huidige kasteel gaat terug tot de periode 1756-1769 toen een adelijke zommerresidentie werd gebouwd als vervanging van een 16de-17de eeuws gebouw. Het kasteelpark evolueerde van een economisch-agrarisch domein in de 16de eeuw naar een reainaissancetuin in de 17de eeuw, tot een landschappelijke tuin die in 1883 werd aangelegd naar ontwerp van Keilig. Binnen de ankerplaats ligt verder het landelijke gehucht Buitenland bekend om de teelt van wijmen. De ankerplaats is verder een complex van bossen en polders. Plaatselijke komt een hoge dichtheid aan perceelsbeplantingen voor. De perceelsstructuur en het dijken- en wegenpatroon van dit landschap is historisch stabiel.


ID: 135064 | Landschappelijk geheel

Vlassenbroekse polder en polder van Kastel, Mariekerke en Sint-Amands

Mariekerke (Bornem), Baasrode, Grembergen (Dendermonde), Moerzeke (Hamme), Sint-Amands (Puurs-Sint-Amands)
De polders van Vlassenbroek en Kastel bestaan uit alluviale gronden in een bochtig traject van de Schelde. De Roggeman is een historische Scheldegeul opgevuld met zandig en lemig materiaal. Het gebied ligt op de rand van een oostelijke uitloper van de Vlaamse Vallei met ten westen de stuifzandrug van Grembergen. Vanaf de 13de eeuw werden de broeken ingedijkt en omgezet in vruchtbaar weiland. Op de hoogste delen werden polders ingericht met smalle en langwerpige percelen en een slotennetwerk. Door gebrek aan onderhoud evolueerden de grienden op de schorren naar wilgenhakhoutbosjes. De hooilanden werden in veel gevallen opnieuw rietvelden. In Vlassenbroek en Sint-Amands is het oorspronkelijk karakter van de bebouwing nog vrij gaaf bewaard gebleven met de parochiekerken aan de Schelde, de kaaien en de vissershuisjes. Op de Schelde zijn nog enkele historische overzetten actief.