Gebeurtenis

Opgraving en werfbegeleiding Turnhout Begijnhof

controle van werken, archeologische opgravingen
ID: 1071969   URI: https://id.erfgoed.net/gebeurtenissen/1071969

Beschrijving

De opgraving richt zich op de locatie van de toekomstige rioleringen. Bij de aanleg van deze rioleringen (twee parallelle tracés, een leiding met 70 cm diameter en een leiding met 0,25 cm diameter) zal naar verwachting in een ca. 2,50 m tot 3,00 m brede zone het archeologisch relevante bodemarchief vernietigd worden. De diepte van de verstoringen reikt tot 2,50 m onder het maaiveld. Uit het vooronderzoek is gebleken dat de funderingsresten van de oude begijnhofkerk vrijwel meteen onder de huidige kasseibestrating op ca. 0.30 m onder het maaiveld bewaard zijn gebleven. Het niveau van de moederbodem werd tijdens het vooronderzoek vastgesteld op ca. 1,10 m onder het maaiveld, de archeologische opgraving dient tot op het niveau van de moederbodem te worden uitgevoerd. Concreet volgt de opgravingszone een lijntracé met een lengte van 135 m en een breedte van 2,50 m tot 3,00 m. De totale oppervlakte van de opgraving bedraagt in totaal ca. 310 m².

De werfbegeleiding richt zich op de zones waar de bestrating en de voetpaden worden heraangelegd. Binnen deze zone is de bodemingreep eerder beperkt in diepte. Het ligt echter wel binnen de verwachting dat waardevol archeologisch erfgoed getroffen zal worden. Zoals reeds aangegeven, is de precieze omvang (diepte) van de geplande werken afhankelijk van de terreinomstandigheden. Deze wordt tijdens de uitvoer van werken bepaald door de uitvoerder. Een deel van de werfbegeleiding richt zich op een zone waar enkele beschermde bomen aanwezig zijn. Er zullen dan ook maatregelen worden genomen tijdens de civiele werkzaamheden ter bescherming van deze bomen en hier dient eveneens rekening mee gehouden te worden bij het archeologische vervolgonderzoek. In het deel van de groenzone rondom deze bomen in het westen van de afgebakende advieszone zullen lokaal ook kleinere putten gegraven worden in functie van de geplande infrastructuurwerken. Opnieuw worden de precieze technische details van de ingrepen pas bepaald tijdens de uitvoer.

Een werfbegeleiding is in essentie een volwaardige archeologische opgraving, met dat verschil dat de archeoloog hier de civiele graafwerkzaamheden opvolgt. Het onderzoek kadert echter binnen duidelijke technische beperkingen die de geplande werken inherent met zich meebrengen. De omvang van de werfbegeleiding (in het vlak en in de diepte) beperkt zich echter tot de nog te bepalen omvang van de bodemingrepen. Concreet omvat de werfbegeleiding een zone van ca. 665 m². Deze zone omvat de heraanleg van de bestrating en voetpaden. Verder worden ook de ingrepen ter hoogte van enkele beschermde bomen begeleid. De precieze omvang van deze ingrepen (diepte) wordt echter pas definitief bepaald tijdens de uitvoer. Graafwerken die minder dan 10 cm in de bodem doordringen, worden niet opgenomen voor de werfbegeleiding. Tijdens het overleg tussen de veldwerkleider archeologie en de uitvoerder van de graafwerken of tijdens de uitvoer van de graafwerken worden deze zones afgebakend.

Bron     : Terryn B. 2019: Eindverslag Turnhout, Begijnhof, BAAC Vlaanderen Archeologierapport 1054. Gent: BAAC Vlaanderen bvba.
Auteurs :  BAAC bvba Vlaanderen
Datum  : 2017

Bronnen

Bron: Terryn B. 2019: Eindverslag Turnhout, Begijnhof, BAAC Vlaanderen Archeologierapport 1054. Gent: BAAC Vlaanderen bvba.
Type: literatuur
Datum: 2019
Toelichting: https://loket.onroerenderfgoed.be/archeologie/rapporten/eindverslagen/398