Gebeurtenis

Archeologisch vooronderzoek Bakkersdreef

sleuvenonderzoek, verkennend archeologisch booronderzoek, landschappelijk booronderzoek, archeologisch vooronderzoek
ID: 1072473   URI: https://id.erfgoed.net/gebeurtenissen/1072473

Beschrijving

Naar aanleiding van de aanvraag van een omgevingsvergunning voor een woonverkaveling werd het projectgebied onderworpen aan een archeologisch vooronderzoek. In een eerste fase werd een landschappelijk booronderzoek uitgevoerd omdat de ligging in een voormalig heidegebied potentieel bood voor de aanwezigheid van een steentijdsite. Binnen het plangebied is een boorgrid van 50 x 40 m gehanteerd waarbij 5 boringen werden uitgezet (edelmanboor met een diameter van 7 cm). De bovenste 20 à 90 cm van de aanwezige bodemopbouw bestaat uit een verstoorde/opgebrachte grond. De bovenste 10 à 20 cm van dit verstoorde en/of opgebrachte pakket bestaat uit een bouwvoor. In boring 2 is vanaf 20 tot 40 cm –mv zwartbruin, matig humeus, matig fijn zand aanwezig, dat een Bh-horizont representeert. In boring 4 is op 60 tot 70 cm –mv bruin, zwak humeus, matig fijn zand aanwezig van een Bhs-horizont. In beide boringen waren ook houtskoolpartikels aanwezig. Deze elementen wezen op een mogelijk potentieel voor de aanwezigheid van een steentijdsite. Daarom werd overgegaan tot een verkennend archeologisch booronderzoek. Rond beide boringen werden in een grid van 10 bij 12m in totaal 11 boringen uitgezet. De boorprofielen werden beschreven en nadien werden alle ingezamelde monsters nat uitgezeefd op een zeef met maaswijdte van 1,91 mm. Slechts in vijf boringen een B(h/s) of B/C-horizont aangetroffen. Op één na alle overige verkennende archeologische boringen vertoonden een AC-profiel. Boring 6 stuitte door een stuk gestabiliseerde ondergrond. In de boringen werden geen indicatoren voor een steentijdartefactensite aangetroffen. Er werden in de ploeglaag vooral veel plantenresten teruggevonden, hier en daar wat baksteen of glas. In meerdere van de boringen kwam natuurlijk grind aan het licht. Een steentijdsite was dus niet te verwachten maar de kans op een jongere sporensite bleef wel bestaan. Daarom werd in een laatste fase overgegaan tot een proefsleuvenonderzoek. In totaal werd er 275 m² onderzocht door middel van 4 proefsleuven. Dit komt overeen met 12,9 % van de totale oppervlakte van het plangebied waarbinnen bodemingrepen zijn toegelaten (ca. 2120 m²). Er werden geen kijkvensters uitgegraven. Er werden 2 profielwanden geregistreerd. Deze toonden bovenaan een ca. 25 cm dikke bruine humusrijke bouwvoor. Deze dekt een antropogene bruingrijs gevlekte verstoring of ophoging af die zich bevindt tussen ca. 25 cm-mv en 80 cm-mv. Onderaan bevindt zich de oranje-witte C-horizont. Tijdens de proefsleuven werd er quasi geen podzol aangetroffen, met uitzondering van enkele zeer beperkte, verbrokkelde restanten. Meerdere aanwezige antropogene sporen terug te brengen tot gerooide bomen, bioturbatie door wortels en recente bosbouw. Relevante archeologische sporen of vondsten waren niet aanwezig.

Bron     : VERRIJCKT J. & PEPERMANS J. 2020: Nota Kalmthout, Bakkersdreef: Landschappelijk bodemonderzoek, verkennend archeologisch booronderzoek en proefsleuvenonderzoek, Rapport nr. 0427, Beerse
Auteurs :  J. Verrijckt bvba
Datum  : 19-10-2020

Bronnen

Bron: VERRIJCKT J. & PEPERMANS J. 2020: Nota Kalmthout, Bakkersdreef: Landschappelijk bodemonderzoek, verkennend archeologisch booronderzoek en proefsleuvenonderzoek, Rapport nr. 0427, Beerse
Type: literatuur
Datum: 2020


Bekijk gerelateerde waarnemingen

Bakkersdreef (Kalmthout)
Naar aanleiding van de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een woonverkaveling, werd het projectgebied onderworpen aan een archeologisch vooronderzoek bestaande uit een landschappelijk booronderzoek, een verkennend archeologisch booronderzoek en een proefsleuvenonderzoek. Geen van deze onderzoeken leverden indicaties van een archeologische aanwezigheid op.