Gebeurtenis

Archeologisch vooronderzoek Ruiterijschool 7

controle van werken, proefsleuven en proefputten i.f.v. sporensites, metaaldetectie, verkennend archeologisch booronderzoek
ID
1073404
URI
https://id.erfgoed.net/gebeurtenissen/1073404

Beschrijving

Na sloop van de bestaande loods, wat onder archeologisch toezicht gebeurde om de ondergrond zo weinig mogelijk te verstoren, zijn bij de afsluitende terreinopname vier profielen gedocumenteerd, ter hoogte van de noord-, oost-, zuid- en westgevel van de voormalige loods. In een profiel werd nog een miniem restant van een B-horizont waargenomen. De overige profielen toonden een A/C-profiel of een verstoord profiel. Ter hoogte van de afgebroken loods zijn 13 boringen gezet met een Edelmanboor van 15 cm diameter. De boorkernen zijn bemonsterd, nat gezeefd op een maaswijdte van 1 mm en geanalyseerd. In enkele boringen werden een miniem restant van een B-horizont waargenomen. Er werd geen natuurwetenschappelijk onderzoek en conservatie toegepast. Deze boringen toonden slechts minieme restanten van een Bs-horizont. Er zijn geen lithische artefacten aangetroffen. De bodembewaring is echter wel van die aard dat een eventueel aanwezig sporensite wel bewaard kon zijn. Daarom werd een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd. Er werd gewerkt met parallelle en continue proefsleuven. Er werden 5 noord-zuid gerichte proefsleuven van 2 m breed aangelegd. Een 6de werkput werd in oost-west richting aangelegd rond een bomengroep in de noordwestelijke hoek van het terrein. Er is een kijkvenster aangelegd in het noorden van sleuf 3. De totale onderzochte oppervlakte beslaat 833,7 m2, opgedeeld in 815 m2 proefsleuven en 18,7 7 m2 kijkvensters. Er werd ten opzichte van de onderzochte oppervlakte een dekkingsgraad van 11% bereikt (10,75% proefsleuven en 0,25% kijkvensters). Tijdens het laagsgewijze verlagen van de sleufoppervlakken werd tevens een metaaldetectie uitgevoerd. Onder de verhardingen van de toegangsweg tot het terrein, werd in werkput 1 een gedeeltelijk bewaarde podzolbodem aangetroffen. Ondanks de hoge verstoringsgraad werd uit voorzorg in eerste instantie gegraven tot op de top van de Bh horizont op een hoogte tussen 22,20 en 22,40 m TAW. Daarna werden 7 boringen uitgevoerd met een Edelmann met een diameter van 12 cm. De boringen hadden een onderlinge afstand van maximaal 8 m. Het opgeboorde sediment van de Bh, Bs en de top van de C horizont werd ter plekke droog gezeefd met een zeef met maaswijdte 1,8 mm. Nadat bleek dat de zeefresten geen archeologische indicatoren bevatten werd het vlak aangelegd tot net onder de Bh horizont op een hoogte van ca. 22 m TAW, om eventueel aanwezige oudere sporen zichtbaar te maken. Gespreid over
het terrein werden 9 representatieve profielkolommen geregistreerd. Er zijn geen vondsten waargenomen en er gebeurde geen staalname. 

Auteurs :  Fodio bvba
Datum  : 23-03-2021

Bronnen

Bron: DE BEENHOUWER J., ARCKENS M., GEELEN N., VALENTIJN P. & NIEUWLAAT G. 2021: Nota uitgesteld vooronderzoek Brasschaat Ruiterijschool 7, Fodio Folio 86, Wijnegem
Type: literatuur
Datum: 2021


Bekijk gerelateerde waarnemingen

Ruiterijschool 7 (Brasschaat)
Naar aanleiding van de aanvraag van een omgevingsvergunning voor werken met ingreep in de bodem werd het projectgebied onderworpen aan een archeologisch vooronderzoek. Dit bestond uit een slooptoezicht met terreininspectie, een verkennend archeologisch booronderzoek gevolgd door een proefsleuvenonderzoek. Er werd geen waardevol archeologisch erfgoed aangetroffen.