Bij rioleringswerken werden archeologische sporen en vondsten waargenomen en als toevalsvondst gemeld. Deze werd op het terrein geëvalueerd. De bedreigde zone werd vervolgens opgegraven. Alleen de zuidzijde van de rijbaan van huisnummer 66 tot en met 74 werd opgegraven, aangezien de noordzijde reeds door de werken was vergraven. Dit gebeurde in één aaneengesloten werkput. De werkput zijn met een graafmachine vlaksgewijs verdiept tot op het juiste sporenniveau. De aanlegvondsten zijn per stratigrafische laag verzameld. Tijdens het verdiepen van de bodem is deze afgezocht met behulp van een metaaldetector. Ook de storthopen zijn afgezocht naar metalen voorwerpen. Er werden twee profielen profielen opgeschoond, gefotografeerd en getekend. Er werden drie boringen uitgevoerd om de ondergrens van de aanwezige lagen te bepalen.
Bij de uitwerking van de site werden materiaalstudies uitgevoerd van de verschillende vondstcategorieën (aardewerk, metaal, munten, natuursteen, dierlijk bot).
Auteurs: Van Gils, Marijn
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)
Bron: HEIRBAUT E. N. A. & NUYTS T. 2025: Romeinse resten in de Vissersstraat te Rumst Eindverslag van een toevalsvondst, Onderzoeksrapporten Agentschap Onroerend Erfgoed 361, Brussel.
Type: eindverslag (archeologieportaal)
Datum: