Binnen het projectgebied werd een vlakdekkende archeologische opgraving uitgevoerd volgens het goedgekeurd programma van maatregelen, gebaseerd op voorafgaand bureau- en proefputtenonderzoek. Omwille van de perceelsvorm en de waterzieke ondergrond werd gewerkt in meerdere kleinere werkputten, waarbij laagsgewijs werd afgegraven tot op het archeologisch relevante niveau en alle sporen volledig werden geregistreerd en opgegraven. Vondsten werden stratigrafisch per context ingezameld en het terrein werd systematisch met een metaaldetector gescreend; waar mogelijk werd staalname uitgevoerd voor natuurwetenschappelijk onderzoek.